Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2012:BY5047

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
04-12-2012
Datum publicatie
05-12-2012
Zaaknummer
12-1487 WWB
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Toekenning bijstand met terugwerkende kracht. Nabetaling pas na 2 maanden. Tegen het nalaten van een handeling die strekt tot het uitvoeren van een besluit staan aan appellant afzonderlijke rechtsmiddelen ter beschikking.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

12/1487 WWB

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 13 februari 2012, 10/3173 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[Appellant] te [woonplaats] (appellant)

het college van burgemeester en wethouders van Utrecht (college)

PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. J.R.A. Röschlau, advocaat, hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 11 september 2012. Voor appellant is verschenen mr. Röschlau. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. W. van Beveren.

OVERWEGINGEN

1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.

1.1. Het college heeft, na de vernietiging van het besluit van 16 april 2007 door de Raad bij uitspraak van 13 juli 2010 (LJN BN2581) op 9 augustus 2010 een nieuwe beslissing op bezwaar (bestreden besluit) genomen. Daarbij is aan appellant alsnog bijstand toegekend over de periode van 21 november 2006 tot 16 mei 2007. Op 8 oktober 2010 is de uitkering over deze periode nabetaald. Op 15 oktober 2010 is het bedrag van de nabetaling gespecificeerd.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard.

3. Appellant heeft zich in hoger beroep op de hierna te bespreken gronden tegen deze uitspraak gekeerd.

4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.

4.1. Appellant heeft allereerst aangevoerd dat de hem op grond van het bestreden besluit toekomende bijstand pas twee maanden later aan hem is betaald. Appellant acht dit onzorgvuldig. De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat het bestreden besluit niet ziet op de betaling en dat de uit het bestreden besluit voortvloeiende betaling buiten de reikwijdte van deze procedure valt. Tegen het nalaten van een handeling die strekt tot het uitvoeren van een besluit staan aan appellant afzonderlijke rechtsmiddelen ter beschikking. Deze beroepsgrond kan dus niet slagen.

4.2. Bij een bespreking van de beroepsgrond over de specificatie van het bedrag van de nabetaling heeft appellant geen belang, reeds omdat op geen enkele wijze door hem te kennen is gegeven dat deze specificatie niet deugdelijk zou zijn.

4.3. Uit 4.1 en 4.2 volgt dat de beroepsgronden geen doel treffen. De aangevallen uitspraak komt voor bevestiging in aanmerking.

5. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door J.P.M. Zeijen als voorzitter en Y.J. Klik en P.W. van Straalen als leden, in tegenwoordigheid van M. Sahin als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 4 december 2012.

(getekend) J.P.M. Zeijen

(getekend) M. Sahin

HD