Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2012:BY0948

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
23-10-2012
Datum publicatie
25-10-2012
Zaaknummer
11/424 WWB, 11/425 WWB
Rechtsgebieden
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Afwijzing aanvraag bijzondere bijstand. Appellanten hebben niet aannemelijk gemaakt dat de kosten van het bankstel voortvloeien uit bijzondere omstandigheden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

11/424 WWB, 11/425 WWB

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van

16 december 2010, 10/1902 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[Appellant] en [Appellante] te [woonplaats] (appellanten)

het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam (college)

PROCESVERLOOP

Namens appellanten heeft mr. R. Moghni, advocaat, hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 11 september 2012. Appellanten zijn niet verschenen. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door A. Dinç.

OVERWEGINGEN

1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.

1.1. Appellanten ontvangen bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand naar de norm voor gehuwden in aanvulling op hun ouderdomspensioen ingevolge de Algemene Ouderdomswet.

1.2. Appellanten hebben in april 2009 bij het college een aanvraag ingediend om bijzondere bijstand voor de kosten van de aanschaf van een bankstel tot een bedrag van € 500,--.

1.3. Het college heeft de aanvraag bij besluit van 28 juli 2009 afgewezen. De afwijzing is na bezwaar gehandhaafd bij besluit van 10 mei 2010 (bestreden besluit). Aan het bestreden besluit ligt ten grondslag dat de kosten waar het hier om gaat behoren tot de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan die in beginsel uit de uitkering/het inkomen moeten worden betaald. In het geval van appellanten is niet gebleken van bijzondere omstandigheden die ertoe nopen af te wijken van dit uitgangspunt.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard.

3. Appellanten hebben zich in hoger beroep tegen deze uitspraak gekeerd. Zij hebben aangevoerd dat de kosten van vervanging van het oude bankstel voortvloeien uit bijzondere omstandigheden. Appellanten hebben daarbij gewezen op hun gezondheidstoestand en hun financiële situatie. Zij hebben zich verder op het standpunt gesteld dat het college ten onrechte heeft nagelaten daarnaar voldoende onderzoek te doen alvorens op de aanvraag te beslissen.

4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.

4.1. Niet in geschil is dat de kosten waarvoor appellanten bijzondere bijstand hebben gevraagd zich voordoen en dat die kosten in hun geval noodzakelijk zijn. Het geding spitst zich dus toe op de vraag of sprake is van uit bijzondere omstandigheden voortvloeiende kosten, en met name de vraag of appellanten de mogelijkheid hebben gehad te reserveren voor deze kosten of te betalen door middel van gespreide betaling achteraf.

4.2. Appellanten hebben niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van dergelijke bijzondere omstandigheden. Zij hebben hun gezondheidstoestand en hun financiële situatie op geen enkele wijze met concrete gegevens onderbouwd. Dit had wel op hun weg gelegen. Voor het college was er daarom geen aanleiding daarnaar nader onderzoek te doen.

4.3. Uit hetgeen hiervoor is overwogen vloeit voort dat het hoger beroep niet slaagt, zodat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.

5. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door J.P.M. Zeijen als voorzitter en Y.J. Klik en P.W. van Straalen als leden, in tegenwoordigheid van M. Sahin als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 23 oktober 2012.

(getekend) J.P.M. Zeijen

(getekend) M. Sahin

HD