Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2012:BX3483

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
02-08-2012
Datum publicatie
03-08-2012
Zaaknummer
12-2248 WUBO
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk. Niet verschoonbare termijnoverschrijding.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

12/2248 WUBO

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 17 van de Beroepswet in verband met het geding tussen:

Partijen:

[appellant] (appellant)

de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (verweerder)

PROCESVERLOOP

Appellant heeft beroep ingesteld tegen verweerders besluit van 6 februari 2012, kenmerk BZ01394630.

Dit besluit is bij schrijven van 6 februari 2012 aan appellant bekendgemaakt.

Het beroepschrift is bij verweerder op 27 maart 2012 ontvangen en is aan de Raad doorgestuurd alwaar het op 18 april 2012 ter griffie is ontvangen.

OVERWEGINGEN

Volgens de artikelen 6:7, 6:8, 6:9 en 6:11 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geldt het volgende:

De termijn voor het indienen van een beroepschrift bedraagt zes weken. Deze termijn gaat in op de dag na die waarop het bestreden besluit door middel van toezending aan de belanghebbende is bekendgemaakt.

Een beroepschrift is tijdig ingediend indien het voor het einde van de termijn is ontvangen. Bij verzending per post is een beroepschrift tijdig ingediend indien het voor het einde van de termijn ter post is bezorgd, mits het niet later dan een week na afloop van de termijn is ontvangen.

Op grond van de bovenvermelde gegevens moet worden geoordeeld dat het beroepschrift niet tijdig is ingediend.

Ten aanzien van een na afloop van de beroepstermijn ingediend beroepschrift blijft niet-ontvankelijkverklaring op grond daarvan achterwege indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest.

In het beroepschrift maakt appellant excuses voor het late tijdstip van bezwaar, maar geeft hij daarvoor geen reden.

Bij schrijven van 3 mei 2012 is aan appellant gevraagd naar de reden van de termijnoverschrijding. Appellant heeft daarop niet geantwoord.

Ook overigens is niet gebleken van een grond waarop redelijkerwijs kan worden geoordeeld dat appellant niet in verzuim is geweest.

Het beroep is derhalve kennelijk niet-ontvankelijk, zodat zonder verder onderzoek wordt beslist zoals hierna is aangegeven.

Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door R. Kooper, in tegenwoordigheid van P.N. Rijnsewijn als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 2 augustus 2012.

(getekend) R. Kooper

(getekend) P.N. Rijnsewijn

Tegen deze uitspraak kunnen een belanghebbende en het bestuursorgaan binnen zes weken na de verzending van het afschrift van deze uitspraak schriftelijk verzet doen bij de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA UTRECHT. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld te worden gehoord.

RK