Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2012:BW9656

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
26-06-2012
Datum publicatie
28-06-2012
Zaaknummer
11-7076 WWB
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

De rechtbank heeft de zaak vereenvoudigd afgedaan met toepassing van art. 8:54 Awb. De rechtbank heeft abusievelijk een hogerberoepclausule in plaats van een verzetclausule onder haar uitspraak opgenomen. De Raad is niet bevoegd. Het hogerberoepschrift wordt naar de rechtbank doorgezonden ter behandeling als verzetschrift. De omstandigheid dat de rechtbank een onjuiste rechtsmiddelclausule heeft vermeld, geeft aanleiding om te bepalen dat de griffier het griffierecht aan appellant terugbetaalt.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

11/7076 WWB

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 25 november 2011, 11/2234 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[appellant] te [woonplaats] (appellant)

het college van burgemeester en wethouders van Lelystad (college)

Datum uitspraak 26 juni 2012.

PROCESVERLOOP

Appellant heeft hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

De zaak is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 5 juni 2012. Partijen zijn niet verschenen.

OVERWEGINGEN

1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.

1.1. Bij besluit van 10 juni 2011 heeft het college een aanvraag van appellant om bijzondere bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand afgewezen.

1.2. Tegen dit besluit heeft appellant bezwaar gemaakt.

1.3. Bij brieven van 26 oktober 2011 heeft appellant aan het college meegedeeld dat het college in gebreke is tijdig een besluit op het bezwaar te nemen en bij de rechtbank beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaar.

1.4. Bij besluit van 1 november 2011 heeft het college het bezwaar tegen het besluit van

10 juni 2011 ongegrond verklaard.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.

3. De Raad ziet zich ambtshalve voor de vraag gesteld of hij bevoegd is van het hoger beroep kennis te nemen.

3.1. De rechtbank heeft de zaak vereenvoudigd afgedaan met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Tegen een met toepassing van artikel 8:54 van de Awb gedane uitspraak kan ingevolge artikel 8:55 van de Awb verzet worden gedaan bij de rechtbank, maar staat ingevolge artikel 18, tweede lid, aanhef en onder a, van de Beroepswet geen hoger beroep open. De rechtbank heeft abusievelijk een hogerberoepclausule in plaats van een verzetclausule onder haar uitspraak opgenomen.

3.2. Uit 3.1 volgt dat de Raad niet bevoegd is van het hoger beroep kennis te nemen. Het hogerberoepschrift zal naar de rechtbank worden doorgezonden ter behandeling als verzetschrift.

3.3. De omstandigheid dat de rechtbank een onjuiste rechtsmiddelclausule heeft vermeld, geeft aanleiding om te bepalen dat de griffier het griffierecht aan appellant terugbetaalt.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep

-verklaart zich onbevoegd;

-bepaalt dat het hogerberoepschrift wordt doorgezonden naar de rechtbank ter behandeling als verzetschrift;

-bepaalt dat de griffier het in hoger beroep betaalde griffierecht van € 112,-- aan appellant terugbetaalt.

Deze uitspraak is gedaan door E.J.M. Heijs, in tegenwoordigheid van R. Scheffer als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 26 juni 2012.

(getekend) E.J.M. Heijs

(getekend) R. Scheffers

HD