Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2012:BW5148

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
04-05-2012
Datum publicatie
08-05-2012
Zaaknummer
11-4621 WIA
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Toekenning loongerelateerde WGA-uitkering. Er is sprake van een voldoende zorgvuldig medisch onderzoek. Uitgaande van de juistheid van de voor appellant vastgestelde belastbaarheid op de datum in geding, zijn er geen aanknopingspunten voor het oordeel dat de bij de schatting gebruikte functies niet haalbaar zijn voor appellant.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

11/4621 WIA

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[appellant], wonende te [woonplaats] (appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 30 juni 2011, 10/2567 (aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv).

Datum uitspraak: 4 mei 2012

I. PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. R. Haze, advocaat, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 23 maart 2012. Appellant is verschenen, bijgestaan door mr. Haze. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. R.A. Kneefel.

II. OVERWEGINGEN

1.1. Bij besluit van 12 november 2009 heeft het Uwv vastgesteld dat appellant vanaf 11 november 2009 recht heeft op een loongerelateerde WGA-uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA). De mate van zijn arbeidsongeschiktheid bedraagt volgens het Uwv 41%.

1.2. Bij besluit van 20 mei 2010 (bestreden besluit) heeft het Uwv het tegen het besluit van 12 november 2009 gemaakte bezwaar gegrond verklaard. Na heroverweging is de mate van arbeidsongeschiktheid gewijzigd van 41% naar 75%.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant tegen het bestreden besluit gegrond verklaard, dit besluit vernietigd en bepaald dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven. Daartoe heeft de rechtbank overwogen dat het onderzoek van de verzekeringsarts en de bezwaarverzekeringsarts voldoende en zorgvuldig was. Appellant heeft geen medische stukken in geding gebracht op grond waarvan zou kunnen worden getwijfeld aan de juistheid van het medisch oordeel van de verzekeringsartsen. Het Uwv heeft de functionele mogelijkheden van appellant dan ook juist vastgesteld. De rechtbank is voorts van oordeel dat met de in beroep bij brief van 27 september 2010 overgelegde toelichting van de bezwaararbeidsdeskundige voldoende is gemotiveerd dat de belasting in de voor appellant geschikt geachte functies, ondanks de signaleringen, de door de rechtbank onderschreven belastbaarheid van appellant niet overschrijdt. Aangezien het Uwv de arbeidskundige beoordeling eerst in beroep van een genoegzame motivering heeft voorzien, dient het bestreden besluit te worden vernietigd. De rechtbank heeft de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit in stand gelaten.

3. In hoger beroep, dat geacht moet worden uitsluitend te zijn gericht tegen de instandlating door de rechtbank van de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit, heeft appellant aangevoerd dat hij meer fysieke beperkingen en problemen van mentale aard ondervindt dan door het Uwv is aangenomen. Met name wil hij een sterkere urenbeperking aangezien hij niet in staat is duurzaam te functioneren in de functies die het Uwv voor hem geschikt acht.

4.1. Hetgeen appellant in hoger beroep naar voren heeft gebracht met betrekking tot de medische kant van de zaak bevat, in vergelijking met zijn stellingname in beroep, geen nieuwe gezichtspunten en heeft de Raad niet tot een ander oordeel gebracht dan het in de aangevallen uitspraak neergelegde oordeel van de rechtbank. De Raad kan zich volledig vinden in de overwegingen van de rechtbank.

De Raad neemt hierbij in aanmerking dat appellant zijn standpunt in hoger beroep niet nader heeft toegelicht aan de hand van objectief medische gegevens. Op het laat in de beroepsprocedure overgelegde overzicht van aan appellant verstrekte medicijnen in de periode van 1 januari 2010 tot 26 januari 2011 is alsnog in hoger beroep door de bezwaarverzekeringsarts gereageerd in een rapportage van 23 september 2011 in die zin, dat deze geen aanleiding ziet het eerder ingenomen standpunt te wijzigen. De Raad heeft geen aanknopingspunten de bezwaarverzekeringsarts niet in die zienswijze te volgen.

4.2. Uitgaande van de juistheid van de voor appellant vastgestelde belastbaarheid op de datum in geding, ziet de Raad evenmin aanknopingspunten voor het oordeel dat de bij de schatting gebruikte functies niet haalbaar zijn voor appellant.

4.3. Uit de overwegingen 4.1 en 4.2 volgt dat het hoger beroep niet slaagt en dat de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten, dient te worden bevestigd.

5. De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep,

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten.

Deze uitspraak is gedaan door J.W. Schuttel, in tegenwoordigheid van G.J. van Gendt als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 4 mei 2012.

(get.) J.W. Schuttel.

(get.) G.J. van Gendt.

TM