Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2012:BW3425

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
20-04-2012
Datum publicatie
23-04-2012
Zaaknummer
11-6120 WAO
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Herziening WAO-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 55-65%. Met hetgeen appellant in hoger beroep heeft aangevoerd heeft hij niet aannemelijk gemaakt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de aan de schatting ten grondslag liggende functies passend zijn.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

11/6120 WAO

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 1 september 2011, 11/1046 (aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv).

Datum uitspraak: 20 april 2012

I. PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. E. Stap, advocaat, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 23 maart 2012. Appellant was vertegenwoordigd door mr. Stap. Voor het Uwv is verschenen mr. A.H. Knigge.

II. OVERWEGINGEN

1. Bij besluit van 2 november 2010 heeft het Uwv de WAO-uitkering van appellant, na voltooiing van een wachttijd van vier weken, met ingang van 17 mei 2010 herzien en nader berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 55-65%.

2. Bij beslissing op bezwaar van 30 maart 2011 (bestreden besluit) heeft het Uwv het bezwaar ongegrond verklaard.

3.1. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep ongegrond verklaard.

3.2. Appellant heeft ter zitting bij de rechtbank aangegeven dat hij zich kan vinden in de beperkingen zoals die in de Functionele Mogelijkheden Lijst zijn weergegeven. De rechtbank zag zich vervolgens gesteld voor de vraag of de functies terecht aan de schatting ten grondslag zijn gelegd.

De rechtbank heeft deze vraag bevestigend beantwoord. De rechtbank heeft hiertoe overwogen dat er bij de functies enkele signaleringen zijn die aangeven dat op bepaalde onderdelen een mogelijke overschrijding van de belastbaarheid is, maar dat deze signaleringen door de bezwaararbeidsdeskundige overtuigend zijn weerlegd. De rechtbank achtte hierbij mede van belang dat de bezwaararbeidsdeskundige overleg gepleegd heeft met een bezwaarverzekeringsarts.

4. In hoger beroep heeft appellant zijn stelling dat hij het niet eens is met de mate van arbeidsongeschiktheid, herhaald.

5.1. De Raad overweegt als volgt.

5.2. Met hetgeen appellant in hoger beroep heeft aangevoerd heeft hij niet aannemelijk gemaakt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de aan de schatting ten grondslag liggende functies passend zijn. Appellant heeft in hoger beroep geen nieuwe gronden naar voren gebracht of aangegeven waarom de rechtbank - naar zijn mening - tot een ander oordeel had moeten komen. Naar het oordeel van de Raad heeft de rechtbank met juistheid overwogen dat de bezwaararbeidsdeskundige in zijn rapportages afdoende heeft gemotiveerd dat de geduide functies passend zijn. De Raad onderschrijft de overwegingen van de rechtbank. Er zijn voldoende functies met voldoende arbeidsplaatsen om indeling in de klasse van 55-65% op te baseren.

5.3. Gelet op hetgeen is overwogen in 5.2 treft het hoger beroep geen doel. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door I.M.J. Hilhorst-Hagen, in tegenwoordigheid van N.S.A. El Hana als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 20 april 2012.

(get.) I.M.J. Hilhorst-Hagen.

(get.) N.S.A. El Hana.

TM