Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2011:BR5144

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
17-08-2011
Datum publicatie
18-08-2011
Zaaknummer
10-6378 WAO-V
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Verzet
Inhoudsindicatie

Verzet ongegrond. De Raad stelt vast dat verzoeker in het verzetschrift niets heeft aangevoerd dat leidt tot het oordeel dat de uitspraak van de Raad van 25 maart 2011 niet juist is.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10/6378 WAO-V

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet in verband met het verzoek om herziening als bedoeld in artikel 8:88 van de Algemene wet bestuursrecht van:

[Verzoeker], wonende te [woonplaats] (Marokko), (hierna: verzoeker),

van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 27 januari 2010, 09/4598,

in het geding in hoger beroep tussen:

verzoeker

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

Datum uitspraak: 17 augustus 2011

I. PROCESVERLOOP

Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet van 25 maart 2011 heeft de Raad het verzoek om herziening van de uitspraak van de Raad van 27 januari 2010 niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen de uitspraak van de Raad van 25 maart 2011 heeft verzoeker verzet gedaan.

Het verzet is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 8 augustus 2011, waar partijen - met voorafgaand bericht - niet zijn verschenen.

II. OVERWEGINGEN

De uitspraak van de Raad van 25 maart 2011 berust op de overwegingen dat het verzoekschrift niet de gronden van het verzoek om herziening bevat, en dat verzoeker dit verzuim niet binnen de daartoe gestelde termijn heeft hersteld.

De Raad stelt vast dat verzoeker in het verzetschrift niets heeft aangevoerd dat leidt tot het oordeel dat de uitspraak van de Raad van 25 maart 2011 niet juist is.

Het verzet dient daarom ongegrond te worden verklaard.

In de omstandigheden van het geval ziet de Raad aanleiding om te bepalen dat het betaalde griffierecht (€ 110,-) aan verzoeker wordt terugbetaald.

Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet bestaat geen grond.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Verklaart het verzet ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons, in tegenwoordigheid van D.W.M. Kaldenhoven als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 17 augustus 2011.

(get.) T.G.M. Simons.

(get.) D.W.M. Kaldenhoven.

III. DÉCISION

La Centrale Raad van Beroep (Cour d'Appel Centrale),

statue:

Déclare le recours non fondé

Par conséquent, décidée par T.G.M. Simons en présence de D.W.M. Kaldenhoven en qualité de greffier, ainsi que prononcée en public, le 17 août 2011.