Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2011:BR0162

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
01-07-2011
Datum publicatie
04-07-2011
Zaaknummer
08/6060 WAO + 08/6061 WAO
Rechtsgebieden
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Proceskostenvergoeding. Vergoeding kosten in eerste aanleg betreffende een neuropsychologisch onderzoek. Vergoeding van kosten van het in de beroepsfase ingebrachte rapport van neuroloog.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

08/6060 + 08/6061 WAO

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:

[appellante], wonende te [woonplaats] (hierna: appellante),

tegen de uitspraak van de rechtbank Arnhem van 8 september 2008, 07/4652 en 08/795 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellante

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 1 juli 2011

I. PROCESVERLOOP

Namens appellante heeft K. Abel, werkzaam bij Juricon Adviesgroep B.V. te Assen, hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.

Onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 2 december 2009 en 26 januari 2011.

De Raad heeft bij tussenuitspraak 9 maart 2011 het Uwv opgedragen het gebrek in het bestreden besluit van 28 januari 2008 te herstellen.

Het Uwv heeft op 6 april 2011 een nieuwe beslissing op bezwaar genomen.

Bij brief van 8 april 2011 heeft J.R. Beukema, werkzaam bij Juricon Adviesgroep B.V. te Assen, namens appellante het hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig de Raad verzocht het Uwv te veroordelen in de proceskosten.

Het Uwv heeft bij brief van 6 mei 2011 verweer gevoerd.

Met toestemming van partijen heeft de Raad bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft, waarna het onderzoek is gesloten.

II. OVERWEGINGEN

Artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaalt dat in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Ingevolge artikel 21 van de Beroepswet is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep.

De Raad stelt vast dat het Uwv met de nieuwe beslissing op bezwaar van 6 april 2011 geheel aan de bezwaren van appellante is tegemoetgekomen.

Aangezien de rechtbank al een veroordeling in de proceskosten en het griffierecht in eerste aanleg heeft uitgesproken, moet de Raad nog slechts beslissen over de in hoger beroep gemaakte proceskosten.

De Raad ziet aanleiding om het Uwv te veroordelen in de kosten die appellante in verband met de behandeling van het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De proceskosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 1127,-- (1 punt voor het beroepschrift, 1 punt voor het verschijnen ter zitting, een ½ punt voor reactie na verweerschrift en twee maal een ½ punt voor reactie na verslag deskundige) voor verleende rechtsbijstand in hoger beroep.

Met betrekking tot de vordering van de kosten van het in de beroepsfase ingebrachte rapport van neuroloog Beijersbergen (€ 2600,82) is de Raad van oordeel dat deze vordering voor toewijzing in aanmerking komt met dien verstande dat, gelet op het bepaalde in artikel 2, eerste lid, onder b, van het Besluit proceskosten bestuursrecht appellante bij een bestede tijd van 28 uur een forfaitaire vergoeding toekomt van € 2274,44. Dit is gebaseerd op het voor een dergelijk rapport in artikel 1, eerste lid, onder IV, van de Wet tarieven in strafzaken van toepassing verklaarde Besluit tarieven in strafzaken vastgestelde maximale uurtarief van € 81,23.

Met betrekking tot de administratiekosten, portokosten en BTW is de Raad van oordeel dat deze niet voor vergoeding in aanmerking komen, gelet op de limitatieve opsomming in artikel 1, onder e, van het Bpb. Overigens zijn deze kosten reeds begrepen in de forfaitaire vergoeding.

Voorts komen de gevorderde kosten die appellante in eerste aanleg heeft gemaakt betreffende een neuropsychologisch onderzoek door drs. W.D. van der Zwaag tot een bedrag van € 625,-- voor vergoeding in aanmerking.

Voor vergoeding van het betaalde griffierecht kan appellante zich rechtstreeks tot het Uwv wenden.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellante tot een bedrag van € 4026,44.

Deze uitspraak is gedaan door T. Hoogenboom, in tegenwoordigheid van A.J.T.M. Bruijnis-Vermeulen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 1 juli 2011.

(get.) T.Hoogenboom.

(get.) A.J.T.M. Bruijnis-Vermeulen.

NK