Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2011:BQ9166

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
07-06-2011
Datum publicatie
27-06-2011
Zaaknummer
10-738 AKW-V
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Verzet
Inhoudsindicatie

Verzet niet-ontvankelijk. De termijn voor het indienen van een verzetschrift is (...) - aanzienlijk – overschreden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10/738 AKW-V

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats] (Marokko), (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 25 november 2009, 08/3239 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (hierna: Svb)

Datum uitspraak: 7 juni 2011

I. PROCESVERLOOP

Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet van 16 juni 2010, bij aangetekende brief verzonden op 16 juni 2010, heeft de Raad het door appellant ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen de uitspraak van de Raad van 16 juni 2010 heeft appellant verzet gedaan.

Bij brief van 2 november 2010 heeft appellant een door de Raad gestelde vraag beantwoord.

Het verzet is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 26 april 2011, waar partijen - de Svb met voorafgaand bericht - niet zijn verschenen.

II. OVERWEGINGEN

De Raad ziet zich allereerst, ambtshalve, gesteld voor de vraag naar de ontvankelijkheid van het verzet.

De laatste dag waarop tijdig een verzetschrift kon worden ingediend, was 28 juli 2010. Het door appellant ingediende verzetschrift is gedateerd 5 oktober 2010 en is op

12 oktober 2010 bij de Raad ontvangen. De termijn voor het indienen van een verzetschrift is aldus - aanzienlijk – overschreden.

In het verzetschrift en in de brief van 2 november 2010 heeft appellant verklaard dat hij de uitspraak van de Raad van 16 juni 2010 eerst op 4 oktober 2010 heeft ontvangen. Deze stelling is echter niet met stukken of anderszins onderbouwd, zodat de Raad reeds om die reden daaraan voorbijgaat. Van feiten of omstandigheden die leiden tot het oordeel dat de termijnoverschrijding verschoonbaar is, is niet gebleken.

Gelet op het voorgaande dient het verzet niet-ontvankelijk te worden verklaard.

Voor een veroordeling in de proceskosten van verzet ziet de Raad geen aanleiding.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Verklaart het verzet niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons, in tegenwoordigheid van D.W.M. Kaldenhoven als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 7 juni 2011.

(get.) T.G.M. Simons.

(get.) D.W.M. Kaldenhoven.

KR