Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2011:BQ8709

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
07-06-2011
Datum publicatie
23-06-2011
Zaaknummer
10-2687 WUBO-V
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Einde beroepstermijn, Koninginnedag.

Wetsverwijzingen
Algemene wet bestuursrecht 6:9
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10/2687 WUBO-V

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 17 van de Beroepswet in verband met het geding tussen:

[Appellant], wonende te [woonplaats], (hierna: appellant),

en

de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank, voorheen de Raadskamer WUBO van de Pensioen- en Uitkeringsraad, (hierna: verweerder)

Datum uitspraak: 7 juni 2011

I. PROCESVERLOOP

Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 17 van de Beroepswet van 21 oktober 2010 heeft de Raad het beroep van appellant tegen het besluit van verweerder van 19 maart 2010 (hierna: bestreden besluit) niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen de uitspraak van de Raad van 21 oktober 2010 heeft [L.] te [woonplaats] namens appellant verzet gedaan.

Het verzet is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 26 april 2011, waar partijen - verweerder met voorafgaand bericht - niet zijn verschenen.

II. OVERWEGINGEN

De uitspraak van de Raad van 21 oktober 2010 berust op de overwegingen dat het beroepschrift niet tijdig is ingediend, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat (de gemachtigde van) appellant niet in verzuim is geweest.

De Raad overweegt, ambtshalve, het volgende.

Blijkens de gedingstukken is het bestreden besluit op vrijdag 19 maart 2010 verzonden. Dit betekent dat de beroepstermijn aanving op zaterdag 20 maart 2010 en eindigde op vrijdag 30 april 2010 (Koninginnedag). In artikel 1 van de Algemene termijnenwet is bepaald dat een in de wet gestelde termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is. In dit geval dient de termijn derhalve te worden verlengd tot en met maandag 3 mei 2010. Aangezien de enveloppe waarin het beroepschrift per post is verzonden een poststempel bevat van 3 mei 2010 en het beroepschrift op 4 mei 2010 bij de Raad is ontvangen, is de Raad thans van oordeel dat het beroepschrift tijdig is ingediend.

Het verzet dient gegrond te worden verklaard.

Dit betekent dat de uitspraak van de Raad van 21 oktober 2010 vervalt en dat het onderzoek zal worden voortgezet in de stand waarin het zich bevond.

Van kosten waarop een veroordeling in de proceskosten van het verzet betrekking kan hebben, is niet gebleken.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Verklaart het verzet gegrond.

Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons, in tegenwoordigheid van D.W.M. Kaldenhoven als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 7 juni 2011.

(get.) T.G.M. Simons.

(get.) D.W.M. Kaldenhoven.

TM