Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2011:BQ7782

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
10-06-2011
Datum publicatie
15-06-2011
Zaaknummer
10-4843 WAJONG
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Weigering Wajong-uitkering toe te kennen. Voldoende medische grondslag. Appellante heeft ook in hoger beroep geen medische informatie overgelegd die tot een ander oordeel moet leiden. Het rapport van de Dienst sociale zaken Nijmegen bevat geen medische gegevens. De verklaringen van de ouders bevatten evenmin objectieve medische gegevens en geven slechts aan dat appellante in de pubertijd enkele bezoeken aan een kinderpsycholoog heeft gebracht. Ook de informatie van de huisarts leidt niet tot een andere conclusie aangezien daaruit slechts blijkt van verwijzing naar verschillende psychologen zonder dat daar een diagnose of behandeling aan gekoppeld was. De gegevens van de GGz Nijmegen ten slotte hebben geen betrekking op de periode waar het hier om gaat. De Raad verwijst in dit verband ook naar het rapport van de bezwaarverzekeringsarts van 27 april 2011.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10/4843 WAJONG

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellante] wonende te [woonplaats] (hierna: appellante),

tegen de uitspraak van de rechtbank Arnhem van 20 juli 2010, 09/1584 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellante

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 10 juni 2011

I. PROCESVERLOOP

Namens appellante heeft mr. J. van Delft, advocaat te Nijmegen, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 29 april 2011. Appellante is verschenen, bijgestaan door mr. Van Delft. Het Uwv was vertegenwoordigd door mr. W.J. Belder.

II. OVERWEGINGEN

1.1. Appellante heeft op 2 juli 2008 een WAJONG-uitkering aangevraagd. Bij besluit van 30 september 2008 heeft het Uwv geweigerd haar [in] 1990 (de datum waarop zij 18 jaar is geworden) een Wajong-uitkering toe te kennen.

1.2. Bij besluit op bezwaar van 4 maart 2009 heeft het Uwv het hiertegen ingediende bezwaar ongegrond verklaard.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellante tegen het besluit van 4 maart 2009 ongegrond verklaard. De rechtbank is van oordeel dat er geen redenen zijn om te twijfelen aan de juistheid van het (medische) oordeel van het Uwv dat geen objectieve medische gegevens voorhanden zijn op basis waarvan geconcludeerd kan worden dat bij appellante rond het zeventiende levensjaar sprake was van structurele arbeidsbeperkingen als gevolg van ziekte of gebrek. De bezwaarverzekeringsarts heeft de informatie van de huisarts, de GZ psycholoog en de psychiater bestudeerd en beoordeeld en aangegeven waarom de eerste arbeidsongeschiktheidsdag niet voor 1 januari 1994 ligt. De rechtbank heeft voorts vastgesteld dat de door appellante vermelde medische gegevens niet of nauwelijks betrekking hebben op de in deze procedure relevante periode. Dat eventuele verdere gegevens moeilijk te traceren zijn dient voor rekening van appellante te blijven aangezien zij pas negentien jaar na het beweerdelijk ontstaan van de arbeidsongeschiktheid een aanvraag heeft ingediend. De rechtbank heeft geen aanleiding gezien om een onafhankelijke deskundige in te schakelen.

3. In hoger beroep heeft appellante aangevoerd dat de beperkingen niet pas later zijn ontstaan door overbelasting maar al tijdens haar minderjarigheid bestonden. Ter ondersteuning van haar standpunt heeft zij verklaringen van haar ouders, van de huisarts, van de GGz Nijmegen en van de Dienst sociale zaken Nijmegen overgelegd.

4.1. De Raad overweegt als volgt.

4.2. Hetgeen appellante in hoger beroep heeft aangevoerd bevat, in vergelijking met haar stellingname in eerste aanleg, geen nieuwe gezichtspunten en heeft de Raad niet tot een ander oordeel gebracht dan het in de aangevallen uitspraak neergelegde oordeel van de rechtbank. De Raad voegt daar nog aan toe dat appellante ook in hoger beroep geen medische informatie heeft overgelegd die tot een ander oordeel moet leiden. Het rapport van de Dienst sociale zaken Nijmegen bevat geen medische gegevens. De verklaringen van de ouders bevatten evenmin objectieve medische gegevens en geven slechts aan dat appellante in de pubertijd enkele bezoeken aan een kinderpsycholoog heeft gebracht. Ook de informatie van de huisarts leidt niet tot een andere conclusie aangezien daaruit slechts blijkt van verwijzing naar verschillende psychologen zonder dat daar een diagnose of behandeling aan gekoppeld was. De gegevens van de GGz Nijmegen ten slotte hebben geen betrekking op de periode waar het hier om gaat. De Raad verwijst in dit verband ook naar het rapport van de bezwaarverzekeringsarts van 27 april 2011.

5. Het hoger beroep slaagt niet.

6. Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep,

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door I.M.J. Hilhorst-Hagen, als voorzitter in tegenwoordigheid van R.L. Venneman als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 10 juni 2011.

(get.) I.M.J. Hilhorst-Hagen.

(get.) R.L. Venneman.

JL