Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2011:BQ7774

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
01-06-2011
Datum publicatie
15-06-2011
Zaaknummer
10-4867 WAO
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank terecht ongegrond verklaard het beroep van appellant tegen het besluit van 29 mei 2009, waarbij het Uwv, beslissend op bezwaar, heeft gehandhaafd zijn besluit tot weigering om terug te komen van het besluit van 26 maart 2002. Bij dat besluit heeft het Uwv geweigerd appellant met ingang van

21 november 1991 een uitkering ingevolge de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) toe te kennen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10/4867 WAO

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

P R O C E S - V E R B A A L

van de mondelinge uitspraak

op het hoger beroep van:

[Appellant] wonende te [woonplaats] (Marokko), (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 5 augustus 2010, 09/2992 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum mondelinge uitspraak: 1 juni 2011

Zitting heeft: J.P.M. Zeijen, lid van de enkelvoudige kamer

Griffier: N.S.A. El Hana

Partijen zijn niet ter zitting verschenen.

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen:

Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank ongegrond verklaard het beroep van appellant tegen het besluit van 29 mei 2009, waarbij het Uwv, beslissend op bezwaar, heeft gehandhaafd zijn besluit tot weigering om terug te komen van het besluit van 26 maart 2002. Bij dat besluit heeft het Uwv geweigerd appellant met ingang van

21 november 1991 een uitkering ingevolge de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) toe te kennen.

Appellant heeft in hoger beroep verwezen naar de door hem in beroep aangevoerde gronden. Andere gronden heeft hij niet ingediend. Appellant heeft deze gronden ook niet anders onderbouwd dan in beroep.

De rechtbank heeft de bij haar ingediende beroepsgronden op juiste wijze in de aangevallen uitspraak weergegeven. De rechtbank heeft deze gronden beoordeeld en aangegeven waarom deze gronden niet slagen.

Naar het oordeel van de Raad heeft de rechtbank dit met juistheid gedaan. De Raad heeft aan de beoordeling van deze gronden door de rechtbank niets toe te voegen.

Het hoger beroep treft dus geen doel.

Waarvan proces-verbaal.

Utrecht, 1 juni 2011

De griffier

Lid van de enkelvoudige kamer

(get.) N.S.A El Hana

get.) J.P.M. Zeijen

Voor eensluidend afschrift

de griffier van de

Centrale Raad van Beroep.

TM