Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2011:BP5745

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
24-02-2011
Datum publicatie
25-02-2011
Zaaknummer
10-4142 WUV
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Afwijzing verzoek om vergoeding van niet gedekte medische kosten voor haar linker en rechter oogklachten. Het bestreden besluit is op grond van de advisering deugdelijk voorbereid en gemotiveerd. In de informatie van de behandelend artsen ziet de Raad geen aanleiding anders te oordelen. De oogarts Patel heeft op vragen van verweerder geantwoord dat zij niet het gevoel heeft dat er een verband is tussen de oogklachten en experimenten tijdens de oorlog.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10/4142 WUV

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

U I T S P R A A K

in het geding tussen:

de erven van [Betrokkene], laatst gewoond hebbende te [woonplaats], Verenigde Staten, (hierna: appellanten),

en

de Raadskamer WUV van de Pensioen- en Uitkeringsraad, thans: de Raad van Bestuur van de Sociale verzekeringsbank (hierna: verweerder)

Datum uitspraak: 24 februari 2011

I. PROCESVERLOOP

Dit geding, dat aanvankelijk is gevoerd door de Raadskamer WUV van de Pensioen- en Uitkeringsraad (PUR), is in verband met een wijziging van taken, zoals neergelegd in de Wet uitvoering wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen (Wet van 15 april 2010, Stb. 2010, 182), voortgezet door de Raad van Bestuur van de Sociale verzekeringsbank. Waar in deze uitspraak wordt gesproken van verweerder wordt daaronder in voorkomend geval (mede) verstaan de - voormalige - Raadskamer WUV van de PUR.

[Betrokkene] heeft beroep ingesteld tegen een besluit van verweerder van 15 juni 2010, kenmerk BZ01167416 (bestreden besluit). Het bestreden besluit betreft de toepassing van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv).

[In] 2010 is betrokkene] overleden. Appellanten hebben de procedure voortgezet.

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 13 januari 2011. Appellanten zijn niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door A.T.M. Vroom-van Berckel, werkzaam bij de Sociale verzekeringsbank.

II. OVERWEGINGEN

1. Op grond van de gedingstukken en het verhandelde ter zitting gaat de Raad uit van de volgende hier van belang zijnde feiten en omstandigheden.

1.1. [Betrokkene], geboren in 1919, is erkend als vervolgde in de zin van de Wuv. Verweerder heeft aanvaard dat de huidklachten, psychische en gynaecologische klachten van [betrokkene] in verband staan met de door haar ondergane vervolging. Verweerder heeft daarom aan haar een periodieke uitkering en verschillende voorzieningen toegekend.

1.2. In september 2009 heeft [betrokkene] een verzoek om vergoeding van niet gedekte medische kosten voor haar linker en rechter oogklachten ingediend. Bij besluit van 24 februari 2010, zoals na gemaakt bezwaar gehandhaafd bij het bestreden besluit, heeft verweerder op die aanvraag afwijzend beslist.

2. Tussen partijen is in geschil of de gevraagde voorziening in verband staat met klachten die uit de vervolging voortvloeien.

2.1. Appellanten stellen dat dit wel zo is. Daartoe voeren zij aan dat de oogklachten het gevolg waren van de behandelingen die [betrokkene] heeft moeten ondergaan in het experimentenblok in Auschwitz. De zus van [betrokkene] heeft dezelfde experimenten moeten ondergaan en dat heeft bij haar tot dezelfde klachten geleid.

2.2. Verweerder stelt zich op het standpunt dat de oogklachten niet in verband zijn te brengen met de vervolging. De oogklachten waren een gevolg van een aandoening van de oogzenuw op basis van ischemie. Deze aandoening op basis van een giant cell artritis bestond sinds 1998 en is leeftijdsgebonden en constitutioneel bepaald. Er zijn geen medische gegevens die tot een ander oordeel kunnen leiden. Een verband tussen de oogklachten en inspuitingen van chemicaliën 55 jaar eerder is medisch niet denkbaar.

3. De Raad overweegt hierover het volgende.

3.1. Op grond van het bepaalde in artikel 20 van de Wuv komen, onder meer, voor vergoeding in aanmerking de ten laste van de vervolgde blijvende, vanwege de met de vervolging verband houdende ziekten of gebreken noodzakelijke kosten van geneeskundige behandeling.

3.2. Het standpunt van verweerder dat de oogklachten niet aan de vervolging kunnen worden toegeschreven is gebaseerd op het medisch advies van de adviserend geneeskundige, de arts A.J. Maas. Bij dat advies heeft Maas betrokken een eerder medisch advies van de adviserend geneeskundige, de arts P. Windels, alsmede informatie van de behandelend oogarts A.S. Patel en de behandelend internist I. Sobel. Na bezwaar heeft een andere adviserend geneeskundige, de arts R.J. Roelofs, een medisch advies uitgebracht. Deze arts heeft bij zijn advisering tevens informatie van de behandelend oogarts F.M. Rahhal betrokken.

3.3. De Raad acht het bestreden besluit op grond van voornoemde advisering deugdelijk voorbereid en gemotiveerd. Op grond van de voorhanden zijnde medische gegevens heeft de Raad geen aanknopingspunten gevonden om te twijfelen aan de juistheid van het standpunt dat verweerder heeft ingenomen in het voetspoor van zijn geneeskundig adviseurs. In de informatie van de behandelend artsen ziet de Raad geen aanleiding anders te oordelen. De oogarts Patel heeft op vragen van verweerder geantwoord dat zij niet het gevoel heeft dat er een verband is tussen de oogklachten en experimenten tijdens de oorlog. De oogarts Rahhal heeft niet een dergelijk verband genoemd.

4. Het beroep van appellanten wordt daarom ongegrond verklaard.

5. De Raad ziet tot slot geen aanleiding tot vergoeding van proceskosten.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door A. Beuker-Tilstra als voorzitter en R. Kooper en A.J. Schaap als leden, in tegenwoordigheid van P.W.J. Hospel als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 24 februari 2011.

(get.) A. Beuker-Tilstra.

(get.) P.W.J. Hospel.

HD