Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2010:BN9645

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
06-10-2010
Datum publicatie
07-10-2010
Zaaknummer
09-223 WAO
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Herziening
Inhoudsindicatie

Afwijzing verzoek om herziening als bedoeld in artikel 8:88 Awb. Geen nieuwe feiten of nieuwe omstandigheden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

09/223 WAO

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 8:88 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet op het verzoek om herziening van:

[verzoeker], wonende te [woonplaats] (hierna: verzoeker),

van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 19 december 2008 (07/3047 WAO en 07/3648 WAO),

in het geding in hoger beroep tussen:

verzoeker

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 6 oktober 2010

I. PROCESVERLOOP

Namens verzoeker heeft mr. W.C. de Jonge, advocaat te Vlaardingen, verzocht om herziening van de uitspraak van de Raad van 19 december 2008 (07/3047 WAO en 07/3648 WAO).

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 14 juli 2010, waar namens verzoeker mr. De Jonge, voornoemd, is verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door M.L. Turnhout.

II. OVERWEGINGEN

1. Verzoeker heeft verzocht om “herziening op grond van evidente onjuistheid, foutieve uitleg van de jurisprudentie en op grond van nieuwe feiten en omstandigheden”. Verzoeker is van mening dat zijn aanspraken bij de bestreden uitspraak niet naar behoren zijn erkend. De gronden van het verzoek zijn uiteengezet in de verzoekschriften van

4 maart 2009, 9 april 2009 en het overgelegde stuk van Instituut Psychosofia, Centrum voor Spirituele Geneeswijze en Spirituele Dans, van 10 februari 2009.

2.1. De Raad overweegt dat de door de gemachtigde van verzoeker gewenste hernieuwde discussie over de betrokken zaak en de juistheid van de bestreden uitspraak niet kan worden gevoerd, tenzij sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 8:88, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

2.2. De Raad acht echter in de verzoekschriften en het stuk van 10 februari 2009 geen nieuw feit of enige nieuwe omstandigheid als bedoeld in artikel 8:88 van de Awb gelegen. Daarom dient het verzoek om herziening te worden afgewezen.

3. De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Awb.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep,

Recht doende:

Wijst het verzoek om herziening af.

Deze uitspraak is gedaan door D.J. van der Vos als voorzitter en J. Riphagen en C.P.M. van de Kerkhof als leden, in tegenwoordigheid van T.J. van der Torn als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 6 oktober 2010.

(get.) D.J. van der Vos.

(get.) T.J. van der Torn.

GdJ