Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2010:BN3430

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
28-07-2010
Datum publicatie
09-08-2010
Zaaknummer
09-3682 AWBZ
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Niet verschoonbare termijnoverschrijding indienen bezwaarschrift.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

09/3682 AWBZ

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats], (hierna: appellant)

tegen de uitspraak van de rechtbank Alkmaar van 25 mei 2009, 08/1276 (hierna: aangevallen uitspraak)

in het geding tussen:

appellant

en

de Stichting Centrum Indicatiestelling Zorg (hierna: CIZ)

Datum uitspraak: 28 juli 2010

I. PROCESVERLOOP

Appellant heeft hoger beroep ingesteld.

CIZ heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 16 juni 2010. Appellant is verschenen, bijgestaan door [W.]. CIZ heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. N. Benedictus, werkzaam bij CIZ.

II. OVERWEGINGEN

1. De Raad gaat uit van de volgende feiten.

1.1. Bij brief van 14 januari 2008, met de vermelding van 15 januari 2008 als verzenddatum, heeft CIZ appellant kennis gegeven van een indicatiebesluit van 14 januari 2008.

1.2. Appellant heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Dit bezwaarschrift is ontvangen door CIZ op 4 maart 2008.

1.3. Bij besluit van 19 maart 2008 heeft CIZ het bezwaar van appellant gericht tegen het besluit van 14 januari 2008 niet-ontvankelijk verklaard, omdat het na afloop van de bezwaartermijn is ingediend.

2. De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak het beroep van appellant gericht tegen het besluit van 19 maart 2008 ongegrond verklaard. De rechtbank is in de aangevallen uitspraak tot het oordeel gekomen dat het bezwaarschrift tegen het besluit van 14 januari 2008 niet tijdig is ingediend en dat hetgeen appellant heeft aangevoerd onvoldoende reden geeft om het niet tijdig indienen van het bezwaarschrift verschoonbaar te achten.

3. Appellant heeft zich in hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak gekeerd. Hij heeft aangevoerd dat [W.], voornoemd, het bezwaarschrift op 24 februari 2008 voor hem heeft geprint en vóór 28 februari 2008, voorzien van een postzegel, in de brievenbus van CIZ heeft gedeponeerd.

4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.

4.1.1. Ingevolge artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bedraagt de termijn voor het indienen van een bezwaarschrift of een beroepschrift zes weken. Op grond van artikel 6:8, eerste lid, van de Awb, vangt de termijn aan met ingang van de dag na die waarop het besluit op de voorgeschreven wijze bekend is gemaakt.

4.1.2. Ingevolge artikel 6:9, eerste lid, van de Awb is een bezwaar- of beroepschrift tijdig ingediend indien het voor het einde van de termijn is ontvangen. Op grond van het tweede lid van artikel 6:9, van de Awb is een bezwaar- of beroepschrift bij verzending per post tijdig ingediend, indien het voor het einde van de termijn ter post is bezorgd, mits het niet later dan een week na afloop van de termijn is ontvangen.

4.1.3. Artikel 6:11 van de Awb bepaalt dat ten aanzien van een na afloop van de termijn ingediend bezwaar- of beroepschrift niet-ontvankelijkverklaring op grond daarvan achterwege blijft indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest.

4.2. Tussen partijen is niet in geschil, en ook de Raad gaat ervan uit, dat het primaire besluit dateert van 14 januari 2008 en op 15 januari 2008 op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt. Dit betekent, dat de bezwaartermijn op 16 januari 2008 is aangevangen en dat de laatste dag waarop appellant zijn bezwaarschrift tijdig had kunnen indienen, dinsdag

26 februari 2008 is.

4.3. CIZ heeft het bezwaarschrift op 4 maart 2008, dus buiten de bezwaartermijn, ontvangen.

4.4. De verklaring van [W.], dat hij het bezwaarschrift op 27 februari 2008 bij CIZ in de brievenbus heeft gedeponeerd, kan niet tot het oordeel leiden dat het bezwaarschrift tijdig is ingediend, want ook die datum valt buiten de bezwaartermijn.

4.5. De Raad stelt overigens vast dat op de ter zitting van de Raad door CIZ getoonde originele enveloppe waarin het bezwaarschrift aan CIZ is verzonden, de datumstempel van TNT staat, gedateerd 28 februari 2008. Appellant heeft niet ontkend dat zijn bezwaarschrift in deze enveloppe aan CIZ is verzonden, zodat de Raad er - in weerwil van de verklaring van [W.] - van uitgaat dat het bezwaarschrift op 27 of 28 februari 2008, dus buiten de bezwaartermijn, ter post is bezorgd. Dit strookt ook met de op het bezwaarschrift vermelde automatische datering: “24 Feb. 28-02-2008”.

4.6. De Raad komt op grond van het voorgaande tot de conclusie dat het bezwaarschrift buiten de in artikel 6:7 van de Awb gestelde termijn is ingediend.

4.7. Vervolgens dient de vraag te worden beantwoord of er aanleiding bestaat om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten. De Raad ziet in het onderhavige geval geen aanleiding om toepassing te geven aan artikel 6:11 van de Awb.

4.8. Uit het voorgaande volgt dat het hoger beroep niet kan slagen, zodat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.

5. De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door G.M.T. Berkel-Kikkert, in tegenwoordigheid van J. Waasdorp als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 28 juli 2010.

(get.) G.M.T. Berkel-Kikkert.

(get.) J. Waasdorp.

AV