Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2010:BM3731

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
06-05-2010
Datum publicatie
07-05-2010
Zaaknummer
07/4295 MAW + 08/5751 MAW +09/5042 MAW
Rechtsgebieden
Ambtenarenrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Intrekking hoger beroep. De commandant heeft al in zijn besluit (...) proceskosten toegekend. Er bestaat geen aanleiding tot vergoeding van meer proceskosten dan bij het besluit (...) reeds zijn toegekend.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

07/4295 MAW

08/5751 MAW

09/5042 MAW

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 21 van de Beroepswet in samenhang met artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht in verband met het hoger beroep van:

[appellant], wonende te [woonplaats], (hierna: appellant)

tegen de uitspraak van de rechtbank van ’s-Gravenhage van 7 juni 2007, 06/3558 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Commandant Luchtstrijdkrachten, (hierna: commandant)

Datum uitspraak:6 mei 2010

I. PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. P.M. Groenhart, werkzaam bij ACOM, CNV-bond voor militairen te Leusden, hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.

Bij brief van 12 november 2009 heeft voornoemde gemachtigde namens appellant het hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig aan de Raad verzocht de commandant te veroordelen in de proceskosten.

De commandant heeft gebruik gemaakt van de gelegenheid een verweerschrift in te dienen.

Met toestemming van partijen heeft de Raad bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft, waarna het onderzoek is gesloten.

II. OVERWEGINGEN

Artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) bepaalt dat in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Ingevolge artikel 21 van de Beroepswet is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep

De Raad stelt vast dat voornoemde gemachtigde namens appellant het hoger beroep heeft ingetrokken en dat namens appellant een verzoek om veroordeling in de proceskosten is gedaan.

De Raad stelt vast dat de commandant in zijn besluit van 18 augustus 2009 proceskosten heeft toegekend. Met de commandant is de Raad van oordeel dat geen aanleiding bestaat tot vergoeding van meer proceskosten dan bij het besluit van 18 augustus 2009 reeds zijn toegekend. Het verzoek moet worden afgewezen.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Wijst het verzoek om toepassing van artikel 8:75 van de Awb af.

Deze uitspraak is gedaan door M.C. Bruning, in tegenwoordigheid van P.N. Rijnsewijn als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 6 mei 2010.

(get.) M.C. Bruning.

(get.) P.N. Rijnsewijn.

HD