Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2010:BM3639

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
29-04-2010
Datum publicatie
07-05-2010
Zaaknummer
09/3535 AW
Rechtsgebieden
Ambtenarenrecht
Bijzondere kenmerken
Verzet
Inhoudsindicatie

Appellante heeft aangevoerd dat bij voeging van procedures geen griffierechten geheven worden. Appellante is schriftelijk meegedeeld dat er in deze procedure geen sprake is van gevoegde behandeling. Verzet ongegrond.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

09/3535 AW

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:

[appellante], wonende te [woonplaats], (hierna: appellante),

tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 20 mei 2009, 08/1858 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellante

en

het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht (hierna: gedaagde)

Datum uitspraak: 29 april 2010

I. PROCESVERLOOP

Bij uitspraak van 5 november 2009, 09/3535 AW, als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet, heeft de Raad het door appellante ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft appellante verzet gedaan.

Het verzet is behandeld ter zitting van 8 april 2010. Appellante is, met voorafgaand bericht, niet verschenen. Gedaagde heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. S.H. Sordam, werkzaam bij de gemeente Utrecht.

II. OVERWEGINGEN

De uitspraak van de Raad van 5 november 2009 berust op de overwegingen dat het verschuldigde griffierecht niet is bijgeschreven op de rekening van de Raad dan wel ter griffie is gestort en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest.

Appellante heeft aangevoerd dat bij voeging van procedures geen griffierechten geheven worden.

De Raad wijst erop dat appellante vanwege de Raad schriftelijk is meegedeeld dat er in deze procedure geen sprake is van gevoegde behandeling.

Reeds gelet hierop dient het verzet ongegrond te worden verklaard.

Voor een veroordeling in de kosten van het verzet is geen aanleiding.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Verklaart het verzet ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door J.G. Treffers als voorzitter en J.Th. Wolleswinkel en B.J. van de Griend als leden, in tegenwoordigheid van M. Lammerse als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 29 april 2010.

(get.) J.G. Treffers

(get.) M. Lammerse.

HD