Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2010:BM3591

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
06-05-2010
Datum publicatie
07-05-2010
Zaaknummer
09-4925 WIA
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Geen recht op een uitkering op grond van de Wet WIA. De Raad verenigt zich geheel met de overwegingen van de rechtbank omtrent de rapporten van Schakel en de urenbeperking. De Raad voegt daar nog aan toe dat uit de rapporten van Schakel niet blijkt waarom hij meer beperkingen op psychisch gebied aanwezig acht. Door de bezwaarverzekeringsarts is rekening gehouden met de informatie van de huisarts, de appellante behandelend psycholoog, de maatschappelijk werker en de rapporten van Schakel. Appellante voldoet niet aan de criteria van de Standaard verminderde arbeidsduur.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

09/4925 WIA

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[appellante], wonende te [woonplaats] (hierna: appellante),

tegen de uitspraak van de rechtbank Groningen van 9 juli 2009, 08/94 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellante

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 6 mei 2010

I. PROCESVERLOOP

Namens appellante heeft mr. S.T. Dieters, advocaat te Groningen, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 25 maart 2010. Appellante is verschenen bij gemachtigde mr. Dieters. Het Uwv was vertegenwoordigd door mr. P. Belopavlovic.

II. OVERWEGINGEN

1.1. Bij besluit van 3 juli 2007 heeft het Uwv appellante meegedeeld dat zij per 21 augustus 2007 geen recht heeft op een uitkering op grond van de Wet WIA omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt is.

1.2. Bij besluit op bezwaar van 7 december 2007 (bestreden besluit) heeft het Uwv het hiertegen ingediende bezwaar ongegrond verklaard.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellante tegen dat besluit ongegrond verklaard. Daartoe heeft de rechtbank overwogen dat er onvoldoende aanknopingspunten zijn voor het oordeel dat appellante meer beperkt is dan op de Functionele Mogelijkheden Lijst is ingevuld, ook niet op het gebied van persoonlijk functioneren. Voorts hebben de (bezwaar)verzekeringsartsen uitgebreid gemotiveerd waarom voor appellante geen urenbeperking in acht dient te worden genomen. De rechtbank is daarnaast niet gebleken dat de beoordeling van de arbeidsgeschiktheid van appellante voor wat betreft het arbeidskundige aspect niet op goede gronden zou berusten.

3.1. In hoger beroep heeft appellante gesteld dat haar inmiddels een volledige WIA-uitkering is toegekend. Haar beperkingen per 21 augustus 2007 zijn door het Uwv miskend. Zij heeft verwezen naar de rapporten van medisch adviseur D.J. Schakel van 21 september 2007 en 18 februari 2008, waaruit blijkt dat het vooral haar geringe belastbaarheid is die maakt dat van verdiencapaciteit geen sprake is en niet de thuissituatie.

3.2. Het Uwv heeft zijn standpunt gehandhaafd. Onder verwijzing naar een rapport van de verzekeringsarts van 8 december 2008 heeft hij aangegeven dat de beperkingen van appellante in verband met de longklachten na de datum in geding zijn toegenomen.

4.1. De Raad overweegt als volgt.

4.2. Hetgeen appellante in hoger beroep heeft aangevoerd bevat, in vergelijking met haar stellingname in eerste aanleg, geen nieuwe gezichtspunten en heeft de Raad niet tot een ander oordeel gebracht dan het in de aangevallen uitspraak neergelegde oordeel van de rechtbank. De Raad verenigt zich geheel met de overwegingen van de rechtbank omtrent de rapporten van Schakel en de urenbeperking. De Raad voegt daar nog aan toe dat uit de rapporten van Schakel niet blijkt waarom hij meer beperkingen op psychisch gebied aanwezig acht. Door de bezwaarverzekeringsarts is rekening gehouden met de informatie van de huisarts, de appellante behandelend psycholoog, de maatschappelijk werker en de rapporten van Schakel. Voorts is overtuigend beargumenteerd dat appellante niet voldoet aan de criteria van de Standaard verminderde arbeidsduur. Tenslotte heeft appellante in hoger beroep geen medische informatie overgelegd die leidt tot de conclusie dat het Uwv meer beperkingen had moeten aannemen.

4.3. Het hoger beroep slaagt dus niet.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep,

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door I.M.J. Hilhorst-Hagen, in tegenwoordigheid van T.J. van der Torn als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 6 mei 2010.

(get.) I.M.J. Hilhorst-Hagen.

(get.) T.J. van der Torn.

JL