Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2010:BM2224

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
15-04-2010
Datum publicatie
23-04-2010
Zaaknummer
10-1107 WUBO
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Hetgeen appellant heeft aangevoerd, dat hij niet kan voldoen naar zijn vermogen vanwege psychische problemen in de privésfeer, bevat geen grond waarop redelijkerwijs kan worden geoordeeld dat appellant niet in verzuim is geweest. Niet verschoonbare termijnoverschrijding indienen bezwaarschrift.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10/1107 WUBO

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 17 van de Beroepswet in verband met het beroep van:

[appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raadskamer WUBO van de Pensioen- en Uitkeringsraad (hierna:verweerster)

Datum uitspraak: 15 april 2010

I. PROCESVERLOOP

Appellant heeft beroep ingesteld tegen verweersters besluit van 17 november 2009, kenmerk BZ 9258, JZ/R70/2009.

Dit besluit is bij schrijven van 17 november 2009 aan appellant bekendgemaakt.

Het beroepschrift is op 8 januari 2010 door verweerster ontvangen en bij schrijven van

17 februari 2010 door verweerster naar de Raad gezonden alwaar het op 18 februari 2010 ter griffie is ontvangen.

II. OVERWEGINGEN

Volgens de artikelen 6:7, 6:8, 6:9 en 6:11 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geldt het volgende:

De termijn voor het indienen van een beroepschrift bedraagt zes weken. Deze termijn gaat in op de dag na die waarop het bestreden besluit door middel van toezending aan de belanghebbende is bekendgemaakt.

Een beroepschrift is tijdig ingediend indien het voor het einde van de termijn is ontvangen. Bij verzending per post is een beroepschrift tijdig ingediend indien het voor het einde van de termijn ter post is bezorgd, mits het niet later dan een week na afloop van de termijn is ontvangen.

Op grond van de in rubriek I vermelde gegevens moet worden geoordeeld dat het beroepschrift niet tijdig is ingediend.

Ten aanzien van een na afloop van de beroepstermijn ingediend beroepschrift blijft niet-ontvankelijkverklaring op grond daarvan achterwege indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest.

Bij schrijven van 9 maart 2010 is aan appellant gevraagd naar de reden van de termijnoverschrijding.

Appellant heeft daarop bij brief van 11 maart 2010 geantwoord dat hij niet kan voldoen naar zijn vermogen vanwege psychische problemen in de privésfeer.

Hetgeen appellant ter zake heeft aangevoerd, bevat geen grond waarop redelijkerwijs kan worden geoordeeld dat appellant niet in verzuim is geweest.

De Raad overweegt daartoe dat niet is aangetoond of aannemelijk gemaakt dat appellant gedurende de gehele beroepstermijn van zes weken buiten staat was om zelf een (desnoods kort) beroepschrift in te dienen of dit door een ander te laten doen.

Het beroep is derhalve kennelijk niet-ontvankelijk, zodat zonder verder onderzoek wordt beslist zoals hierna in rubriek III is aangegeven.

Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door G.L.M.J. Stevens, in tegenwoordigheid van P.N. Rijnsewijn als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 15 april 2010.

(get.) G.L.M.J. Stevens.

(get.) P.N. Rijnsewijn.

Tegen deze uitspraak kunnen de belanghebbende en het bestuursorgaan binnen zes weken na de verzending van dit afschrift schriftelijk verzet doen bij de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA UTRECHT. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.

HD