Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2010:BM1722

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
01-04-2010
Datum publicatie
22-04-2010
Zaaknummer
09-2684 WW
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

De uitkeringsduur is terecht op 3 maanden gesteld en de WW-uitkering komt niet voor verlenging in aanmerking. Het feit dat appellant zich heeft ziek gemeld en dat deze ziekmelding is geaccepteerd door het Uwv heeft geen consequenties voor de duur van de uitkering.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

09/2684 WW

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Roermond van 11 mei 2009, 09/126 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 1 april 2010.

I. PROCESVERLOOP

Appellant heeft hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Bij brief van 18 december 2009 heeft het Uwv op verzoek van de Raad nog enkele stukken ingezonden.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 18 februari 2010. Appellant is niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door W.J.M.H. Lagerwaard.

II. OVERWEGINGEN

1. Voor de feiten verwijst de Raad naar hetgeen daaromtrent door de rechtbank in de aangevallen uitspraak is weergegeven. Die feiten vormen, gelet op de inhoud van de gedingstukken, ook voor de Raad uitgangspunt voor zijn beoordeling van het onderhavige geschil.

2. In dit geding dient de vraag te worden beantwoord of de rechtbank kan worden

gevolgd in haar oordeel over het bestreden besluit van 12 januari 2009. De Raad beantwoordt die vraag bevestigend en stelt zich achter hetgeen in de aangevallen uitspraak is overwogen. Ook naar het oordeel van de Raad heeft het Uwv, gelet op artikel 42 van de Werkloosheidswet, op goede gronden besloten dat de uitkeringsduur op 3 maanden gesteld diende te worden en dat de uitkering niet voor verlenging in aanmerking komt. Het feit dat appellant zich per 11 september 2008 heeft ziek gemeld en dat deze ziekmelding is geaccepteerd door het Uwv heeft geen consequenties voor de duur van de uitkering.

2.1. Het voorgaande leidt ertoe dat het hoger beroep niet slaagt en dat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.

3. De Raad acht geen termen aanwezig voor een proceskostenveroordeling op grond van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door H.G. Rottier in tegenwoordigheid van P. Boer als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 1 april 2010.

(get.) H.G. Rottier.

(get.) P. Boer.

BvW