Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2010:BK8852

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
06-01-2010
Datum publicatie
12-01-2010
Zaaknummer
08-3104 WWB + 08-3110 WWB
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Proceskostenveroordeling na intrekken hoger beroep.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

08/3104 WWB

08/3110 WWB

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 21a van de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:

het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem, (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Haarlem van 10 april 2008, 08/24 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

[betrokkenen], (hierna: betrokkenen)

en

appellant

I. PROCESVERLOOP

Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.

Namens betrokkenen heeft mr. R.G.S. Pennino, advocaat te Amsterdam, een verweerschrift ingediend.

Bij brief van 9 maart 2009 heeft appellant het hoger beroep ingetrokken.

Bij brief van 21 april 2009 heeft mr. Pennino namens betrokkenen aan de Raad verzocht appellant te veroordelen in de proceskosten.

Appellant heeft gebruik gemaakt van de gelegenheid een verweerschrift in te dienen.

Met toestemming van partijen heeft de Raad bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft, waarna het onderzoek is gesloten.

OVERWEGINGEN

Artikel 21a, eerste lid, eerste volzin, van de Beroepswet bepaalt dat in geval van intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek van een partij bij afzonderlijke uitspraak met overeenkomstige toepassing vanartikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht kan worden veroordeeld in de proceskosten.

De Raad stelt vast dat appellant het hoger beroep heeft ingetrokken en dat betrokkenen een verzoek om veroordeling van appellant in de proceskosten van betrokkenen hebben gedaan.

De Raad ziet aanleiding om appellant te veroordelen in de kosten die betrokkenen in verband met de behandeling van het hoger beroep redelijkerwijs hebben moeten maken. De kosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 322,-- in hoger beroep voor verleende rechtsbijstand. Een veroordeling in de proceskosten van betrokkenen in beroep is niet mogelijk aangezien betrokkenen geen hoger beroep hebben ingesteld tegen de aangevallen uitspraak, waarbij geen proceskostenveroordeling is uitgesproken aangezien, zoals overwogen in rechtsoverweging 2.13, betrokkenen de nadere gegevens eerst in de beroepsprocedure hebben ingebracht.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Veroordeelt appellant in de kosten van betrokkenen tot een bedrag van € 322,--, te betalen aan de griffier van de Raad.

Deze uitspraak is gedaan door J.F. Bandringa, in tegenwoordigheid van T. Hemelrijk-van den Oudenalder als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 6 januari 2010.

(get.) J.F. Bandringa.

(get.) T. Hemelrijk-van den Oudenalder.

mm