Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2010:BK8599

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
06-01-2010
Datum publicatie
08-01-2010
Zaaknummer
08-3885ZW+09-5498ZW
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Matiging terugvordering Ziektewet-uitkering. Volledige tegemoetkoming aan de bezwaren van appellant. Afwijzing verzoek om schadevergoeding. Vernietiging uitspraak. Vernietiging besluit.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

08/3885 ZW + 09/5498 ZW

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 4 juni 2008, kenmerk 07/1098 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

(hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 6 januari 2010

I. PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. R.E. Zalm, werkzaam bij FNV Bondgenoten te Amsterdam, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 25 november 2009. Appellant is, met voorafgaande kennisgeving, niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door A.O. Diepenbroek.

II. OVERWEGINGEN

1.1. Bij besluit van 23 oktober 2006 heeft het Uwv aan appellant meegedeeld dat aan hem over de periode van 29 augustus 2005 tot 25 december 2005 dubbel ziekengeld is uitgekeerd en dat een bedrag van € 5842,50 als onverschuldigd betaald van hem wordt teruggevorderd. Bij besluit van 20 februari 2007 (hierna: het bestreden besluit) heeft het Uwv het bezwaar van appellant ongegrond verklaard.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant ongegrond verklaard.

3. In hoger beroep stelt appellant zich op het standpunt dat van terugvordering dient te worden afgezien dan wel dat de vordering dient te worden gematigd.

4. Hangende het hoger beroep heeft het Uwv bij gewijzigd besluit het op bezwaar van 9 oktober 2008 besloten de terugvordering te matigen, in die zin dat alleen de netto betaalde Ziektewet-uitkering van € 4532,27 van appellant wordt teruggevorderd. Bij dit besluit heeft het Uwv het bezwaar van appellant tegen eerdergenoemd besluit van 23 oktober 2006 alsnog gegrond verklaard.

5. Blijkens de brief van 15 oktober 2009 van de gemachtigde van appellant is met de gewijzigde beslissing op bezwaar volledig tegemoet gekomen aan de bezwaren van appellant.

6.1. Uit de vaste jurisprudentie van de Raad volgt dat in een geval waarin volledig tegemoet wordt gekomen aan het beroep tegen een besluit, het belang bij een beoordeling van dat besluit in beginsel is komen te vervallen, tenzij van zo’n belang blijkt, bijvoorbeeld omdat verzocht is om het toekennen van een schadevergoeding op grond van artikel 8:73 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

6.2. De Raad stelt vast dat namens appellant een dergelijk verzoek is gedaan.

6.3. Ten aanzien van het verzoek van appellant om schadevergoeding op grond van artikel 8:73 van de Awb, overweegt de Raad dat dit verzoek niet voor toewijzing in aanmerking komt. Voor een veroordeling tot betaling van vergoeding tot schade, anders dan schade ten gevolge van vertraging in de voldoening van een geldsom (wettelijke rente), dient een dergelijk verzoek door appellant nader te worden toegelicht. Een zodanig verzoek ontbreekt.

7. De Raad acht termen aanwezig om op grond van artikel 8:75 van de Awb het Uwv te veroordelen in de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep.

Deze kosten worden begroot op € 644,-- voor verleende rechtsbijstand in beroep en op

€ 322,-- voor verleende rechtsbijstand in hoger beroep, in totaal € 966,--.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep,

Recht doende:

Vernietigt de aangevallen uitspraak;

Verklaart het beroep tegen het bestreden besluit gegrond en vernietigt dat besluit;

Veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellant in beroep en in hoger beroep tot een bedrag van in totaal € 966,--;

Bepaalt dat het Uwv aan appellant het betaalde griffierecht van in totaal € 146,-- vergoedt.

Deze uitspraak is gedaan door C.P.J. Goorden, in tegenwoordigheid van F. Heringa als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 6 januari 2010.

(get.) C.P.J. Goorden.

(get.) F. Heringa.

IvR