Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2009:BK8421

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
24-12-2009
Datum publicatie
07-01-2010
Zaaknummer
09-2729 WVG
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Afwijzing aanvraag voorziening in de vorm van een hoog persoonlijk kilometerbudget (hierna: pkb)omdat aanvragers die in het bezit zijn van een gehandicaptenparkeerkaart, type bestuurder niet in aanmerking komen voor een hoog pkb. Appellant had de beschikking over een aangepaste auto en een GPK-B, zodat hij ingevolge het Protocol geacht moet worden over voldoende vervoersalternatieven te beschikken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

09/2729 WVG

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats], (hierna: appellant)

tegen de uitspraak van de rechtbank Alkmaar van 28 april 2009, 08/2355 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen

appellant

en

Argonaut Advies B.V. (hierna: Argonaut)

Datum uitspraak: 24 december 2009

I. PROCESVERLOOP

Appellant heeft hoger beroep ingesteld.

Namens Argonaut hebben mr. J.R.D. Koster-Filemieg en mr. T. van Ekris, werkzaam bij USG Juristen, een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 26 november 2009. Appellant is verschenen, bijgestaan door T.M. Rijpkema, werkzaam bij Heliomare. Argonaut heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. Koster-Filemieg en door drs. S.J. Heemstra, arts bij Argonaut.

II. OVERWEGINGEN

1. De Raad gaat uit van de volgende feiten en omstandigheden.

1.1. Appellant is na een ongeval in 1993 bekend met niet-aangeboren hersenletsel. In verband met de hieruit voortvloeiende cognitieve en motorische beperkingen heeft appellant op 10 juni 2008 bij Argonaut een voorziening aangevraagd in de vorm van een hoog persoonlijk kilometerbudget (hierna: pkb). Appellant heeft bij deze aanvraag vermeld dat hij als gevolg van zijn aandoening niet met de trein kan reizen. Voorts heeft hij vermeld dat hij in het bezit is van een gehandicaptenparkeerkaart, type bestuurder (hierna: GPK-B).

1.2. Bij besluit van 11 juni 2008 heeft Argonaut de aanvraag afgewezen op de grond dat aanvragers die in het bezit zijn van een GPK-B niet in aanmerking komen voor een hoog pkb.

1.3. Naar aanleiding van het tegen het besluit van 11 juni 2008 gemaakte bezwaar heeft J. Biersteker (hierna: Biersteker), verzekeringsgeneeskundige bij Argonaut, in een rapport van 28 juli 2008 vastgesteld dat appellant inderdaad in het bezit is van een GPK-B en dat hij deze gebruikt in een eigen aangepaste auto. Geconcludeerd is dat appellant ook bij het wegvallen van de belemmerende werking van de GPK-B met de aangeboden combinatie van Valys en de trein kan reizen. Er is volgens Biersteker geen absoluut medische indicatie voor het uitsluitend gebruik van een taxi. Niet gebleken is van bijzondere omstandigheden die nopen tot afwijking van de criteria zoals die zijn neergelegd in het Protocol inzake de afhandeling van indicatie aanvragen hoog persoonlijk kilometerbudget Bovenregionaal Vervoer Gehandicapten, versie 1 oktober 2007, (hierna: Protocol).

1.4. Bij besluit van 31 juli 2008 heeft Argonaut het bezwaar tegen het besluit van 11 juni 2008 onder verwijzing naar het rapport van 28 juli 2008 ongegrond verklaard.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het besluit van 31 juli 2008 ongegrond verklaard. De rechtbank heeft geoordeeld dat het Protocol toekenning van een hoog pkb uitsluit in het geval de gehandicapte in het bezit is van een GPK-B. Een hoog pkb is bedoeld voor gehandicapten die niet in staat zijn gebruik te maken van de trein en die zelf geen alternatief voor taxivervoer hebben. Een gehandicapte die in het bezit is van een GPK-B wordt geacht wel een alternatief te hebben voor taxivervoer. Aangezien appellant in het bezit is van een GPK-B en ook in het bezit is van een aangepaste auto kan hij niet in aanmerking komen voor een hoog pkb. Argonaut heeft derhalve overeenkomstig zijn beleidsregel beslist door de onderhavige aanvraag af te wijzen. De rechtbank heeft voorts geoordeeld dat de omstandigheid dat appellant na elke 30 minuten autorijden 30 minuten moet rusten niet is aan te merken als een bijzondere omstandigheid op grond waarvan Argonaut zou moeten afwijken van het Protocol. Hoewel een autorit langer zal duren kan de auto volgens de rechtbank ook onder die omstandigheden als een vervoersalternatief worden aangemerkt voor bovenregionaal vervoer met een recreatieve bestemming.

3. Appellant heeft zich in hoger beroep gemotiveerd tegen de aangevallen uitspraak gekeerd.

4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.

4.1. Ingevolge hoofdstuk 3 van het Protocol komt een aanvrager voor een hoog pkb in aanmerking als:

1. de aanvrager beschikt over een Valys-pas, en

2. niet in het bezit is van een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder, en

3. gebruik moet maken van een rolstoel of scootmobiel waarvan gewicht, en/of maatvoering in combinatie met de aanvrager (de zogenaamde “mens-machinecombinatie”) zodanig is dat reizen per trein onmogelijk is, en/of

4. door persoonsgebonden medische beperkingen van chronische aard vanuit strikt medische optiek niet in staat is, al dan niet met begeleiding, met de trein te reizen.

4.2. In hoofdstuk 3 van het Protocol is voorts vermeld dat, als iemand de beschikking heeft over een GPK-B, aangenomen wordt dat hij over voldoende vervoersalternatieven beschikt om kritische keuzes te kunnen maken als het gaat om bovenregionaal reizen met recreatieve bestemming. Pashouders met een GPK-B komen dan ook in beginsel niet in aanmerking voor een hoog pkb.

4.3. Zoals de Raad in zijn uitspraak van 10 december 2008 (LJN BG8816) heeft overwogen, gaan de onder 4.1 en 4.2 weergegeven beleidsregels de grenzen van een redelijke beleidsbepaling niet te buiten.

4.4. Vaststaat dat appellant ten tijde in geding de beschikking had over een aangepaste auto en een GPK-B, zodat hij ingevolge het Protocol geacht moet worden over voldoende vervoersalternatieven te beschikken. Argonaut heeft derhalve overeenkomstig zijn onder 4.2 weergegeven beleidsregel beslist door appellant om die reden niet in aanmerking te brengen voor een hoog pkb.

4.5. De Raad is niet gebleken van bijzondere omstandigheden op grond waarvan Argonaut, met toepassing van artikel 4:84 (slot) van de Algemene wet bestuursrecht, in afwijking van zijn beleidsregels aan appellant een hoog pkb had moeten toekennen. De omstandigheid dat appellant als gevolg van zijn beperkingen niet langer dan 30 minuten achtereen kan autorijden omdat daarna zijn concentratievermogen afneemt doet hier niet aan af, nu appellant blijkens het verhandelde ter zitting wel in staat is om met begeleiding te reizen en het voor hem derhalve mogelijk is om als passagier in zijn auto vervoerd te worden.

4.6. Voor zover appellant een beroep heeft gedaan op het gelijkheidsbeginsel overweegt de Raad dat uit de gedingstukken en uit het verhandelde ter zitting niet is gebleken dat Argonaut, in afwijking van het Protocol, aan mensen die evenals appellant in het bezit zijn van een GPK-B een hoog pkb heeft toegekend.

4.7. Het onder 4.1 tot en met 4.6 overwogene betekent dat het hoger beroep niet slaagt, zodat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.

4.8. De Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door G.M.T. Berkel-Kikkert, in tegenwoordigheid van J. Waasdorp als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 24 december 2009.

(get.) G.M.T. Berkel-Kikkert.

(get.) J. Waasdorp.

DW