Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2009:BK8286

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
29-12-2009
Datum publicatie
06-01-2010
Zaaknummer
09-3108 WAO
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat de kosten van Psychosofia niet voor vergoeding in aanmerking komen en hij verwijst net als de rechtbank naar zijn vaste rechtspraak hierover, bijvoorbeeld de uitspraak van 15 mei 2007, LJN BA5367.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

09/3108 WAO

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 26 mei 2009, 07/4011

(hierna: de aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen,

(hierna: Uwv)

Datum uitspraak: 29 december 2009

I. PROCESVERLOOP

Namens appellant stelde mr. W.C. de Jonge, advocaat te Rotterdam, hoger beroep in.

Het Uwv voerde verweer waarop mr. De Jonge schriftelijk reageerde.

Het onderzoek ter zitting vond plaats op 20 november 2009, waar het Uwv zich liet vertegenwoordigen door mr. M.K. Dekker en namens appellant mr. De Jonge verscheen.

II. OVERWEGINGEN

1. Het inleidende beroep richt zich tegen het besluit van 16 oktober 2007 ter uitvoering van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO). Het Uwv kwam met zijn besluit van 18 februari 2009 volledig tegemoet aan appellant door hem met ingang van 12 juli 2007 in te delen in de hoogste arbeidsongeschiktheidsklasse.

2. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit van 16 oktober 2007 en kende appellant ten laste van het Uwv schadevergoeding toe. De rechtbank veroordeelde het Uwv verder in de proceskosten tot een bedrag van € 1.253,-.

3. Ter zitting van de Raad beperkte appellant zijn hoger beroep tot de afwijzing door de rechtbank van de door hem gevraagde vergoeding voor de kosten van het instituut Psychosofia.

4.1. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat de kosten van Psychosofia niet voor vergoeding in aanmerking komen en hij verwijst net als de rechtbank naar zijn vaste rechtspraak hierover, bijvoorbeeld de uitspraak van 15 mei 2007, LJN BA5367.

4.2. mr. De Jonge voerde ter zitting aan dat haar inmiddels duidelijk is dat het Besluit proceskosten bestuursrecht een algemeen verbindend voorschrift is, zodat de bestuursrechter bij de toepassing van dit besluit een volle toets toekomt. Dit door

mr. De Jonge nieuw verworven inzicht is voor de Raad geen aanleiding zijn rechtspraak te wijzigen.

5. Het hoger beroep slaagt niet. De aangevallen uitspraak komt voor bevestiging in aanmerking.

6. De Raad ziet geen reden voor een proceskostenveroordeling.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep,

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door R.C. Stam, in tegenwoordigheid van M.A. van Amerongen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 29 december 2009.

(get.) R.C. Stam.

(get.) M.A. van Amerongen.

EK