Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2009:BK8225

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
18-12-2009
Datum publicatie
05-01-2010
Zaaknummer
09-1192 WUV-V
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Verzet
Inhoudsindicatie

Ongegrond verklaring van het verzet op de overwegingen dat het beroepschrift niet tijdig is ingediend, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

09/1192 WUV-V

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 17 van de Beroepswet in verband met het geding tussen:

[Appellante], wonende te [woonplaats], (hierna: appellante),

en

de Raadskamer WUV van de Pensioen- en Uitkeringsraad (hierna: verweerster).

Datum uitspraak: 18 december 2009

I. PROCESVERLOOP

Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 17 van de Beroepswet van 23 juli 2009 heeft de Raad het beroep van appellante tegen het besluit van verweerster van 8 januari niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen de uitspraak van de Raad van 23 juli 2009 heeft appellante verzet gedaan.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 6 november 2009. Appellante is verschenen. Tevens waren aanwezig [B.] en [K.], die namens appellante het woord hebben gevoerd. Verweerster is, met voorafgaand bericht, niet verschenen.

II. OVERWEGINGEN

De uitspraak van de Raad van 23 juli 2009 berust op de overwegingen dat het beroepschrift niet tijdig is ingediend, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest.

Vaststaat dat het beroepschrift te laat is ingediend.

Namens appellante is aangevoerd dat appellante (het belang van) de beroepsprocedure uit het oog heeft verloren door psycho-sociale en fysieke klachten die het gevolg zijn van haar oorlogservaringen.

De Raad ziet in hetgeen appellante naar voren heeft gebracht geen grond voor het oordeel dat de termijnoverschrijding verschoonbaar is. Daartoe overweegt de Raad dat onvoldoende aannemelijk is geworden dat appellante gedurende de beroepstermijn in het geheel niet in staat is geweest een beroepschrift in te dienen.

Dit betekent dat het verzet ongegrond dient te worden verklaard.

Voor een veroordeling in de kosten van het verzet is geen aanleiding.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Verklaart het verzet ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door H. Bolt, in tegenwoordigheid van R. Groothuis als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 18 december 2009.

(get.) H. Bolt.

(get.) R. Groothuis.

mm