Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2009:BK0911

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
13-10-2009
Datum publicatie
22-10-2009
Zaaknummer
08-707 WWB
Rechtsgebieden
Civiel recht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering. Niet woonachtig op het opgegeven adres.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

08/707 WWB

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats], (hierna: appellant)

tegen de uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage van 10 december 2007, 06/7541, (hierna: aangevallen uitspraak)

in het geding tussen:

appellant

en

het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Alphen aan den Rijn (hierna: College).

Datum uitspraak: 13 oktober 2009

I. PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. J.W.F. Noot, advocaat te Dordrecht, hoger beroep ingesteld.

Het College heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 21 juli 2009. Appellant heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. P.J. Wapperom, kantoorgenoot van mr. Noot. Het College heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. H.C. Los, werkzaam bij de gemeente Alphen aan den Rijn.

II. OVERWEGINGEN

1. Voor een overzicht van de in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden verwijst de Raad naar de aangevallen uitspraak. Hij volstaat hier met het volgende.

1.1. Bij besluit van 26 januari 2006 heeft het College de bijstand van appellant met ingang van 12 april 2005 ingetrokken en de gemaakte kosten van bijstand over de periode van 12 april 2005 tot en met 31 januari 2006 tot een bedrag van € 13.968,22 van appellant teruggevorderd.

1.2. Bij besluit van 1 augustus 2006 heeft het College het bezwaar tegen het besluit van 26 januari 2006 ongegrond verklaard op de grond dat uit onderzoek gebleken is dat appellant niet woonachtig is op het door hem opgegeven adres aan de [adres] te [woonplaats].

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het besluit van 1 augustus 2006 ongegrond verklaard.

3. Appellant heeft zich in hoger beroep gemotiveerd tegen deze uitspraak gekeerd.

4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.

4.1. De rechtbank heeft in de aangevallen uitspraak gemotiveerd uiteengezet op grond waarvan naar haar oordeel de besluiten tot intrekking en terugvordering van bijstand van appellant in rechte stand kunnen houden. De rechtbank is daarbij ingegaan op de door appellant naar voren gebrachte stellingen. De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank en de overwegingen waarop dat oordeel berust. In hetgeen in hoger beroep is aangevoerd, heeft de Raad geen aanknopingspunten gevonden om anders dan de rechtbank te oordelen.

4.2. Uit het vorenstaande volgt dat het hoger beroep niet slaagt, zodat de aangevallen uitspraak voor bevestiging in aanmerking komt.

5. De Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door R.M. van Male als voorzitter en J.M.A. van der Kolk-Severijns en J.J.A. Kooijman als leden, in tegenwoordigheid van K. Moaddine als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 13 oktober 2009.

(get.) R.M. van Male.

(get.) K. Moaddine.

RB