Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2009:BI1780

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
17-04-2009
Datum publicatie
22-04-2009
Zaaknummer
08-5983 WAO
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Herziening WAO-uitkering. Appellante heeft ook in hoger beroep geen medische informatie overgelegd die tot de conclusie moet leiden dat een urenbeperking geïndiceerd is. Wat betreft de veilige werkplek is de Raad van oordeel dat hiervoor geen medische beperking valt aan te geven.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

08/5983 WAO

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellante], wonende te [woonplaats] (hierna: appellante),

tegen de uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage van 1 oktober 2008, 08/926 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellante

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 17 april 2009

I. PROCESVERLOOP

Namens appellante heeft mr. M.P. de Witte, advocaat te Den Haag, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 6 maart 2009. Appellante is niet verschenen. Het Uwv was vertegenwoordigd door A.W.G. Determan.

II. OVERWEGINGEN

1.1. Appellante ontving een WAO-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Bij besluit van 7 mei 2004 is deze uitkering met ingang van 5 juli 2004 herzien en nader vastgesteld naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35-45%.

1.2. Bij besluit op bezwaar van 15 november 2004 heeft het Uwv het hiertegen ingediende bezwaar ongegrond verklaard.

1.3. De rechtbank heeft dit besluit bij uitspraak van 27 april 2005 (04/5003) vernietigd.

1.4. De Raad heeft bij zijn uitspraak van 10 augustus 2007 (05/3718) de uitspraak van de rechtbank bevestigd.

1.5. Vervolgens heeft het Uwv op 28 januari 2008 een nieuw besluit op bezwaar genomen (bestreden besluit), waarbij het bezwaar van appellante wederom ongegrond is verklaard.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellante tegen dat besluit ongegrond verklaard. Daartoe heeft de rechtbank overwogen dat de bezwaarverzekeringsarts een nieuwe medische herbeoordeling heeft gedaan, appellante heeft onderzocht en informatie bij haar huisarts en behandelend psychiater heeft gevraagd en bij zijn beoordeling betrokken. Hij heeft één beperking aan de Functionele Mogelijkheden Lijst toegevoegd. De bezwaarverzekeringsarts heeft naar het oordeel van de rechtbank voldoende gemotiveerd aangegeven dat een urenbeperking niet geïndiceerd is. De in de voorgehouden functies voorkomende belasting overschrijdt appellantes mogelijkheden om te functioneren niet. Het standpunt van appellante dat geen functies kunnen worden geduid omdat geen veilige werkplek voor haar kan worden gecreëerd, deelt de rechtbank niet.

3. In hoger beroep heeft appellante aangevoerd dat het niet mogelijk is functies te duiden die voldoen aan de eis van een voldoende veilige werkplek. Appellante blijft voorts van mening dat ten onrechte geen urenbeperking is gesteld.

4.1. De Raad overweegt als volgt.

4.2. Hetgeen appellante in hoger beroep heeft aangevoerd bevat, in vergelijking met haar stellingname in eerste aanleg, geen nieuwe gezichtspunten en heeft de Raad niet tot een ander oordeel gebracht dan het in de aangevallen uitspraak neergelegde oordeel van de rechtbank. De Raad voegt daar nog aan toe dat appellante ook in hoger beroep geen medische informatie heeft overgelegd die tot de conclusie moet leiden dat een urenbeperking geïndiceerd is. Wat betreft de veilige werkplek is de Raad van oordeel dat hiervoor geen medische beperking valt aan te geven. De Raad kan zich vinden in hetgeen de bezwaarverzekeringsarts in zijn rapport van 28 november 2008 ter zake heeft opgemerkt.

5. Het hoger beroep slaagt niet.

6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep,

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus gegeven door G. van der Wiel als voorzitter en G.J.H. Doornewaard en I.M.J. Hilhorst-Hagen als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van J.M. Tason Avila als griffier, uitgesproken in het openbaar op 17 april 2009.

(get.) G. van der Wiel.

(get.) J.M. Tason Avila.

TM