Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2009:BH7632

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
16-03-2009
Datum publicatie
25-03-2009
Zaaknummer
07-4531 WAO-V
Rechtsgebieden
Civiel recht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Verzet
Inhoudsindicatie

Ongegrond verklaring van het verzet, onder de overweging dat het verschuldigde griffierecht niet binnen de gestelde termijn van twaalf weken is bijgeschreven op de rekening van de Raad dan wel ter griffie is gestort, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat betrokkene niet in verzuim is geweest. In het verzetschrift heeft betrokkene aangevoerd dat hij reeds griffierecht heeft betaald bij de rechtbank. Daarmee ziet betrokkene er echter aan voorbij dat voor de behandeling van het hoger beroep eveneens, en afzonderlijk, griffierecht is verschuldigd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

07/4531 WAO-V

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats], Marokko, (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 30 maart 2007, 06/3099, (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

I. PROCESVERLOOP

Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet van 22 mei 2008 heeft de Raad het door appellant ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen de uitspraak van de Raad van 22 mei 2008 heeft appellant verzet gedaan.

Het verzet is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 23 februari 2009, waar partijen niet zijn verschenen.

II. OVERWEGINGEN

De uitspraak van de Raad van 22 mei 2008 berust op de overwegingen dat het verschuldigde griffierecht niet binnen de bij de brief van 25 januari 2008 - nader - gestelde termijn van twaalf weken is bijgeschreven op de rekening van de Raad dan wel ter griffie is gestort, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellant niet in verzuim is geweest.

In het verzetschrift heeft appellant aangevoerd dat hij reeds griffierecht heeft betaald bij de rechtbank. Daarmee ziet appellant er echter aan voorbij dat voor de behandeling van het hoger beroep eveneens, en afzonderlijk, griffierecht is verschuldigd.

Dit betekent dat het verzet ongegrond dient te worden verklaard.

Voor een veroordeling in de kosten van het verzet ziet de Raad geen aanleiding.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Verklaart het verzet ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons. De beslissing is, in tegenwoordigheid van M.B. de Gooijer als griffier, uitgesproken in het openbaar op 16 maart 2009.

(get.) T.G.M. Simons.

(get.) M.B. de Gooijer.

III. DÉCISION

La Centrale Raad van Beroep (Cour d'Appel Centrale);

statue:

Déclare le recours non fondé.

Par conséquent, décidée par T.G.M. Simons en présence de M.B. de Gooijer en qualité de greffier, ainsi que prononcée en public, 16 mars 2009.