Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2009:BH1540

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
30-01-2009
Datum publicatie
02-02-2009
Zaaknummer
07-2554 WAO
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Intrekking WAO-uitkering. Voldoende medische grondslag. In hoger beroep heeft het Uwv voldoende toegelicht dat de functies voor appellant geschikt zijn.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

07/2554 WAO

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage van 29 maart 2007, 06/5087

(hierna: aangevallen uitspraak)

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

(hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 30 januari 2009

I. PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. I. de Vink, advocaat te Rijswijk, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend en desgevraagd een nadere arbeidskundige toelichting ingezonden.

Het onderzoek ter zitting vond plaats op 19 december 2008. Appellant is in persoon verschenen, bijgestaan door mr. Vink. Namens het Uwv is verschenen

mr. M.L. Turnhout.

II. OVERWEGINGEN

1. Het beroep richt zich tegen het ter uitvoering van de Wet op de arbeids-ongeschiktheidsverzekering (WAO) op 15 mei 2006 door het Uwv bekend gemaakte besluit. Hierbij heeft het Uwv gehandhaafd zijn besluit van 3 november 2005 tot de intrekking van de WAO-uitkering van appellant per 3 januari 2006. Daaraan ligt ten grondslag dat appellant zijn werk als sloper door rugklachten, voetbezwaren en suikerziekte niet langer kan verrichten, maar met gangbare arbeid ten minste 85% van zijn geïndexeerde loon als sloper kan verdienen.

2. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard.

3. De Raad gaat uit van de door de rechtbank vastgestelde, door partijen niet bestreden feiten.

4. Appellant heeft in hoger beroep herhaald dat zijn medische beperkingen door het Uwv zijn onderschat en hij heeft gemotiveerd aangegeven waarom hij de hem als geschikt voorgehouden functies niet kan verrichten.

5. De Raad onderschrijft de aanvaarding door de rechtbank van de medische grondslag van het bestreden besluit. Het rapport van de bezwaarverzekeringsarts van 8 november 2006 weerspreekt overtuigend de stellingen van appellant. De Raad heeft, met het oog op de suikerziekte van appellant, nog laten wegen dat de als geschikt aan appellant voorgehouden functies geen wisselende werktijden of nachtelijke werkzaamheden vergen.

6. In hoger beroep heeft het Uwv voldoende toegelicht dat de functies voor appellant geschikt zijn. De Raad ziet aanleiding om de aangevallen uitspraak te vernietigen, het beroep gegrond te verklaren en het bestreden besluit te vernietigen, maar zal de rechtsgevolgen er van in stand laten.

7. Het Uwv wordt in de proceskosten veroordeeld, wegens de aan appellant verleende rechtsbijstand begroot op € 644,- voor het beroep en € 644,- voor het hoger beroep.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep,

Recht doende:

Vernietigt de aangevallen uitspraak;

Verklaart het beroep gegrond en vernietigt het bestreden besluit;

Bepaalt dat de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand blijven;

Veroordeelt de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in de proceskosten ad € 1.288,-, te betalen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan de griffier van de Raad;

Bepaalt dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan appellant het door hem betaalde griffierecht ad € 144,- vergoedt.

Deze uitspraak is gedaan door R.C. Stam. De beslissing is, in tegenwoordigheid van

I.R.A. van Raaij als griffier, uitgesproken in het openbaar op 30 januari 2009.

(get.) R.C. Stam.

(get.) I.R.A. van Raaij.

KR