Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2006:AX8562

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
08-06-2006
Datum publicatie
14-06-2006
Zaaknummer
05-2906 AW
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Ambtenarenrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Ontslag op grond van onbekwaamheid of ongeschiktheid anders dan wegens ziekte of gebreken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
TAR 2007/23
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

05/2906 AW

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Dordrecht (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Dordrecht van 15 april 2005, 03/92 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

[betrokkene], wonende te [woonplaats] (hierna: betrokkene)

en

appellant

Datum uitspraak: 8 juni 2006

I. PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. L.M. Burger, verbonden aan CAPRA te ’s-Gravenhage, hoger beroep ingesteld.

Namens betrokkene heeft mr. A.J. Vis, werkzaam bij Abvakabo/FNV, een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 27 april 2006. Appellant heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. Burger, voornoemd, en J. Bosch, werkzaam bij de gemeente Dordrecht. Betrokkene heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. Vis, voornoemd.

II. OVERWEGINGEN

1. Op grond van de gedingstukken en het verhandelde ter zitting gaat de Raad bij zijn oordeelsvorming uit van de volgende feiten en omstandigheden.

1.1. Betrokkene, sinds 1980 in dienst bij appellant, was laatstelijk werkzaam als juridisch medewerker bij de Dienst Stadsontwikkeling. Sinds 1996 zijn er problemen ten aanzien van het functioneren van betrokkene. Vanaf 1996 zijn er diverse veelal langdurige perioden van arbeidsongeschiktheid wegens ziekte geweest en is betrokkene behandeld wegens een schizo-affectieve stoornis. Bij besluit van 20 juli 2001 is betrokkene de toegang tot het kantoor ontzegd op de grond dat betrokkene door zijn eigenaardige en eigengereide gedrag negatieve invloed uitoefende op zijn directe werkomgeving. Betrokkene heeft sedertdien geen werkzaamheden meer verricht voor appellant.

1.2. Bij besluit van 2 juli 2002 is betrokkene met ingang van 1 oktober 2002 ontslag verleend op grond van onbekwaamheid of ongeschiktheid voor de vervulling van zijn betrekking anders dan op grond van ziekten en gebreken. Dit besluit is na gemaakt bezwaar gehandhaafd bij het bestreden besluit van 13 december 2002.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank onder meer het beroep, voorzover gericht tegen de handhaving van het ongeschiktheidsontslag, gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd. De rechtbank heeft hiertoe overwogen dat het gedrag van betrokkene voldoende grond gaf voor een onderzoek naar betrokkenes geschiktheid voor de vervulling van zijn betrekking. Volgens de rechtbank heeft betrokkene niet geweigerd zich door een medicus te laten onderzoeken, zodat het bestreden besluit op een cruciaal punt op een onjuist uitgangspunt steunt. De rechtbank heeft geen mogelijkheid gezien dit gebrek te passeren omdat het door de bedrijfsarts op 30 oktober 2001 uitgebrachte advies onvoldoende grondslag bood om te kunnen vaststellen of betrokkenes wijze van functioneren een medische oorzaak heeft.

3.1. In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat betrokkene zich pas in beroep op het standpunt heeft gesteld dat appellant, alvorens tot besluitvorming over te gaan, een medisch onderzoek had moeten instellen naar de oorzaak van betrokkenes disfunctioneren en dat deze beroepsgrond wegens strijd met de goede procesorde door de rechtbank gepasseerd had moeten worden. Voorts heeft appellant aangevoerd dat hij er op basis van het oordeel van de bedrijfsarts van 30 oktober 2001 zonder meer vanuit mocht gaan dat betrokkene niet medisch ongeschikt werd geacht voor zijn functie.

3.2. Betrokkene heeft gemotiveerd verweer gevoerd.

4. De Raad overweegt het volgende.

4.1. De Raad is met betrekking tot de door appellant aangevoerde strijd met de goede procesorde van oordeel dat wanneer, zoals in het onderhavige geval, een belanghebbende zijn beroepsgrond tijdig kenbaar heeft gemaakt aan de rechtbank en de wederpartij in de gelegenheid is geweest daarop gemotiveerd te reageren, geen geschreven of ongeschreven rechtsregel aan inhoudelijke beoordeling van die beroepsgrond in de weg staat. De Raad neemt hierbij in aanmerking dat niet gezegd kan worden dat betrokkene in een eerdere fase expliciet afstand heeft gedaan van zijn standpunt. De rechtbank heeft dan ook terecht deze beroepsgrond van betrokkene beoordeeld.

4.2. De Raad heeft eerder overwogen (CRvB 25 februari 1999, LJN AK6535, TAR 1999, 71) dat onderzoek naar het bestaan van een eventuele medische oorzaak van de ongeschiktheid aangewezen is in die gevallen waarin aanwijzingen voorhanden zijn dat de ongeschiktheid van een ambtenaar (mede) voortkomt uit of samenhangt met een ziekte of gebrek of waarin gerede twijfel bestaat of het onvoldoende functioneren van een ambtenaar wordt veroorzaakt door eigenschappen van karakter, geest of gemoed dan wel door ziekten of gebreken.

4.3. Uit de gedingstukken en uit hetgeen ter zitting naar voren is gebracht is de Raad gebleken dat bij appellant, op grond van de voorhanden zijnde medische gegevens en het vreemde gedrag van betrokkene, het vermoeden bestond dat het disfunctioneren van betrokkene werd veroorzaakt door ziekten of gebreken. Om die reden heeft appellant op 1 oktober 2001 aan de bedrijfsarts advies gevraagd omtrent de arbeidsgeschiktheid van betrokkene. Dit resulteerde in een brief van de bedrijfsarts van 30 oktober 2001 waarin deze aan appellant het volgende meldt: “Onlangs is de [betrokkene] weer op mijn spreekuur geweest. Hij zag er onverzorgder uit dan vroeger. Echter zijn taal is coherent. Gezien mijn ervaringen met de commissie van drie zal ik hem nu niet ziek melden. Hij zelf meldt zich ook niet ziek. Ik hoop dat uw afdeling een bevredigende oplossing voor dit probleem vindt.”

4.4. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat het door de bedrijfsarts op 30 oktober 2001 uitgebrachte advies onvoldoende grondslag biedt om te kunnen vaststellen of het niet voldoende functioneren een medische oorzaak heeft. Blijkens de vraagstelling van appellant en gelet op de inhoud van het advies van de bedrijfsarts is het onderzoek niet specifiek gericht geweest op de hier aan de orde zijnde vraag of het disfunctioneren van betrokkene wordt veroorzaakt door ziekte of gebreken. Gezien het veelvuldig en langdurig ziekteverzuim, betrokkenes psychische toestand door de jaren heen en het feit dat betrokkene meermalen om passend werk heeft verzocht, omdat hij, gelet op zijn ziektebeeld, niet te veel prikkels kon verwerken en bij hervatting in zijn functie weer ontremd zou raken, had appellant voorafgaand aan (de handhaving van) het besluit tot ontslag op grond van onbekwaamheid of ongeschiktheid anders dan wegens ziekte of gebreken betrokkene aan een nader psychiatrisch onderzoek moeten laten onderwerpen.

5. Gelet op het vorenoverwogene heeft de rechtbank het hier besproken gedeelte van het bestreden besluit terecht vernietigd. De Raad concludeert derhalve dat het hoger beroep niet slaagt en dat de aangevallen uitspraak voorzover aangevochten moet worden bevestigd.

6. In het vorenstaande vindt de Raad aanleiding appellant op grond van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht te veroordelen in de proceskosten van betrokkene in hoger beroep tot een bedrag van € 644,- aan kosten van rechtsbijstand.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak, voorzover in hoger beroep aangevochten;

Veroordeelt appellant in de proceskosten van betrokkene in hoger beroep tot een bedrag van € 644,- , te betalen door de gemeente Dordrecht;

Bepaalt dat van de gemeente Dordrecht een griffierecht van € 422,- wordt geheven.

Deze uitspraak is gedaan door J.C.F. Talman als voorzitter en A. Beuker-Tilstra en F.J.L. Pennings als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van P.J.W. Loots als griffier, uitgesproken in het openbaar op 8 juni 2006.

(get.) J.C.F. Talman.

(get.) P.J.W. Loots.

HD

06.06