Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2005:AU2031

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
01-09-2005
Datum publicatie
06-09-2005
Zaaknummer
04/493 AOR
Rechtsgebieden
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Verzet
Inhoudsindicatie

Verzetschrift niet ingediend binnen de hiervoor gestelde termijn. Verzet wordt niet-ontvankelijk verklaard.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

E N K E L V O U D I G E K A M E R

04/493 AOR

U I T S P R A A K

met toepassing van artikel 21 van de Beroepswet in samenhang met artikel 8:55 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in het geding tussen:

[opposante], wonende te [woonplaats], Indonesië, opposante

en

het bestuur van de Stichting het Gebaar, geopposeerde.

I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING

Opposante heeft hoger beroep ingesteld tegen een door de rechtbank ’s-Gravenhage op 19 december 2003, nummer AWB 03/3186 BESLU, tussen partijen gegeven uitspraak.

Bij uitspraak van 10 februari 2005 heeft de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat opposante het griffierecht niet binnen de gestelde termijn heeft voldaan.

Tegen deze uitspraak is door opposante verzet gedaan bij brief van 4 mei 2005. Het verzetschrift is op 12 mei 2005 ter griffie van de Raad ontvangen.

II. MOTIVERING

In de, op grond van artikel 8:55, eerste lid, van de Awb, van overeenkomstige toepassing verklaarde artikelen 6:4, 6:7, 6:8, 6:9 en 6:11 van de Awb is bepaald dat de termijn voor het indienen van een verzetschrift zes weken bedraagt.

De termijn gaat in op de dag na die waarop de uitspraak door middel van toezending aan de belanghebbende is bekendgemaakt.

Een verzetschrift is tijdig ingediend indien het voor het einde van de termijn is ontvangen.

Bij verzending per post is een verzetschrift tijdig ingediend indien het voor het einde van de termijn ter post is bezorgd, mits het niet langer dan een week na afloop van de termijn is ontvangen.

Het verzetschrift gedateerd 4 mei 2005 is op 12 mei 2005 ter griffie ontvangen. Hieruit volgt dat het verzetschrift niet is ingediend binnen de hiervoor genoemde termijn.

Opposante heeft bij brief van 11 april 2005 meegedeeld de aangevallen uitspraak van

10 februari 2005 niet te hebben ontvangen en verzocht om toezending van een kopie van de desbetreffende uitspraak. Op 22 april 2005 is per gewone post een afschrift van de uitspraak aan opposante verzonden.

De enkele mededeling van opposante dat de aangevallen uitspraak haar niet heeft bereikt, bevat geen reden op grond waarvan redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat zij in verzuim is geweest. Hiertoe overweegt de Raad dat de op 11 februari 2005 aangetekend verzonden uitspraak door TPG Post niet aan de Raad retour is gezonden en opposante niet heeft aangegeven van adres te zijn veranderd.

Uit het vorenstaande volgt dat het door opposante gedane verzet niet-ontvankelijk dient te worden verklaard.

Met de toepassing van artikel 8:55 van de Awb wordt daarom beslist zoals hierna in rubriek III is aangegeven.

De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Awb.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep,

Recht doende:

Verklaart het verzet niet-ontvankelijk.

Aldus gegeven door mr. C.G. Kasdorp als voorzitter, in tegenwoordigheid van P. van der Wal als griffier en uitgesproken in het openbaar op 1 september 2005.

(get.) C.G. Kasdorp.

(get.) P. van der Wal.

HD

25.08