10 De wettelijke voorschriften
De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 33, 33a, 36, 36b, 36d, 36f, 45, 47, 57, 300, 310, 311 en 312 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.
11. De beslissing
De rechtbank:
- spreekt de verdachte vrij van het onder feit 6 ten laste gelegde;
- -
veroordeelt de verdachte voor de feiten 1 tot en met 5 en 7 tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 jaren, waarvan 1 jaar voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren;
- -
beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- -
bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van een proeftijd van 2 jaren zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt, dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
- -
stelt de volgende bijzondere voorwaarden, waaraan de veroordeelde gedurende de proeftijd heeft te voldoen:
-
dat de veroordeelde zich binnen 3 werkdagen na het ingaan van de proeftijd meldt bij Reclassering Leger des Heils op het adres Putgraaf 3, 6411 GT te Heerlen. Veroordeelde blijft zich melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt en veroordeelde dient zich te houden aan de aanwijzingen van de reclassering.
-
dat de veroordeelde zich laat behandelen door Stevig of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling start zo spoedig mogelijk nadat de veroordeelde uit detentie is gekomen. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. Het innemen van medicijnen kan onderdeel zijn van de behandeling.
-
dat de veroordeelde verblijft bij beschermd wonen van Kracht in Zorg of een andere instelling voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Het verblijf start aansluitend aan einde detentie. Het verblijf duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. De veroordeelde houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering voor hem heeft opgesteld.
-
at de veroordeelde meewerkt aan controle op het gebruik van alcohol / drugs om het middelengebruik te beheersen. De reclassering kan urineonderzoek en ademonderzoek (blaastest) gebruiken voor de controle. De reclassering bepaalt hoe vaak de veroordeelde wordt gecontroleerd.
-
dat de veroordeelde meewerkt aan het vinden en behouden van een passende vorm van werk /dagbesteding. De veroordeelde houdt zich hierbij aan afspraken die de reclassering met hem maakt.
-
dat de veroordeelde, gedurende de proeftijd, voor zolang de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht, op geen enkele wijze - direct of indirect - contact opneemt, zoekt of heeft met:
- [medeverdachte 1] , geboren op [geboortedatum 2] te [geboorteplaats 2] ,
- [medeverdachte 3] , geboren op [geboortedatum 3] te [geboorteplaats 3] ,
- [medeverdachte 2] , geboren op [geboortedatum 4] te [geboorteplaats 2] ,
- [slachtoffer/medeverdachte 3] , geboren op [geboortedatum 5] te [geboorteplaats 2] ;
- -
geeft Reclassering Leger des Heils opdracht als bedoeld in artikel 14d van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;
- -
voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:
-
ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
-
medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in 14d van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen, en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang als de reclasseringsinstelling dit noodzakelijk acht;
- beveelt dat de gestelde voorwaarden, alsmede het door de reclassering uit te oefenen toezicht, dadelijk uitvoerbaar zijn;
Benadeelde partij(en) en schadevergoedingsmaatregel(en)
- -
wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] toe;
- -
veroordeelt de verdachte hoofdelijk om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij [slachtoffer 1] te betalen € 1.420,00, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode van 12 februari 2020 tot aan de dag der volledige voldoening;
-bepaalt dat voor zover dit bedrag door de mededader is betaald, de verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen;
-
veroordeeltde verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
-legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer, [slachtoffer 1] van € 1.420,00, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode 12 februari 2020 tot aan de dag van de volledige voldoening;
-bepaalt dat, indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt, gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 24 dagen. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- bepaalt dat voor zover dit bedrag door de mededader is betaald, de verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de staat te betalen;
- -
wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] toe;
- -
veroordeelt de verdachte hoofdelijk om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij [slachtoffer 2] te betalen € 900,00, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode van 12 februari 2020 tot aan de dag der volledige voldoening;
-bepaalt dat voor zover dit bedrag door de mededader is betaald, de verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen;
-
veroordeeltde verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
-legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer, [slachtoffer 2] van € 900,00, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode 12 februari 2020 tot aan de dag van de volledige voldoening;
-bepaalt dat, indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt, gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 18 dagen. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- bepaalt dat voor zover dit bedrag door de mededader is betaald, de verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de staat te betalen;
- wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer/medeverdachte 3] gedeeltelijk toe;
-veroordeelt de verdachte hoofdelijk om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij [slachtoffer/medeverdachte 3] te betalen € 950,00, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode van 12 februari 2020 tot aan de dag der volledige voldoening;
-bepaalt dat voor zover dit bedrag door de mededader(s) is betaald, de verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen;
-
veroordeeltde verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
-
wijst de meer gevorderde immateriële schadevergoeding voor het overige af;
- verklaart de vordering ten aanzien van de materiële schade voor het meer of anders gevorderde niet-ontvankelijk en bepaalt dat deze vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;
-legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer, [slachtoffer/medeverdachte 3] van € 950,00, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode vanaf 12 februari 2020 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- bepaalt dat, indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt, gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 19 dagen. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- bepaalt dat voor zover dit bedrag door de mededader is betaald, de verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de staat te betalen.
Vordering tenuitvoerlegging met parketnummer 03.008353.18
- wijst de vordering tot tenuitvoerlegging af;
Beslag
- verklaart verbeurd het volgende in beslag genomen voorwerp:
1 STK Personenauto
[kenteken]
- onttrekt aan het verkeer het volgende in beslag genomen voorwerp:
3 STK Medicijn.
Dit vonnis is gewezen door mr. C.M.J. van den Acker, voorzitter, mr. E.B.A. Ferwerda en
mr. C.M.W. Nobis, rechters en allen kinderrechters in tegenwoordigheid van mr. S.C.H. Rutjens, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 25 november 2020.
BIJLAGE I: De tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd dat
1
hij op of omstreeks 12 februari 2020 in de gemeente Sittard-Geleen,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een hoeveelheid geld (ongeveer 320 euro), in elk geval enig goed, dat
geheel of ten dele aan een ander dan aan verdachte en/of zijn
mededader(s) toebehoorde, te weten aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] ,
heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te
eigenen welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van
bedreiging met geweld tegen voornoemde [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] ,
gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of
gemakkelijk te maken, en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan
zichzelf en/of zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken
hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
- met een mes in de hand naar de kassa te lopen en/of
- (vervolgens) de punt van dat mes op korte afstand van de nek en/of het hoofd van die [slachtoffer 1] te houden en/of
- (daarbij) dreigend de woorden toe te voegen: “Geef al het geld” en/of “kassa openmaken”, “maak je kassa open” en/of “niet de politie bellen”, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;
( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 1 Wetboek van Strafrecht,art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht )
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling
mocht of zou kunnen leiden:
[slachtoffer/medeverdachte 3] op of omstreeks 12 februari 2020 in de gemeente Sittard-Geleen, een hoeveelheid geld (ongeveer 320 euro), in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander dan aan die [slachtoffer/medeverdachte 3] toebehoorde, te
weten aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] , heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van
bedreiging met geweld tegen voornoemde [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] ,
gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of
gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan
zichzelf en/of andere deelnemers aan dat misdrijf hetzij de vlucht
mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,
welke bedreiging met geweld hierin bestond dat die [slachtoffer/medeverdachte 3]
- met een mes in de hand naar de kassa is gelopen en/of
- (vervolgens) de punt van dat mes op korte afstand van de nek en/of het hoofd van die [slachtoffer 1] heeft gehouden en/of
- (daarbij) dreigend de woorden heeft toegevoegd: “Geef al het geld” en/of “kassa openmaken”, “maak je kassa open” en/of “niet de politie bellen”,
althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking,
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 12
februari 2020 in de gemeente Sittard-Geleen, tezamen en in vereniging
met (een) ander(en), althans alleen opzettelijk behulpzaam is geweest
en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door
- instructies te geven om donkere kleding aan te trekken en/of een mes mee te nemen en/of een frituur te overvallen en/of
- een auto ter beschikking te stellen en/of
- die [slachtoffer/medeverdachte 3] met die auto naar de [adres 5] te vervoeren en/of
- in de auto in de nabijheid op die [slachtoffer/medeverdachte 3] te wachten en/of
- (vervolgens) het weggenomen geld in ontvangst te nemen en/of
- met het weggenomen geld weg te rijden;
( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 1 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht, art 48 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht, art 48 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht )
2
hij op of omstreeks 12 februari 2020 in de gemeente Sittard-Geleen,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
- een Basic-Fit tas en big shopper tassen en/of
- een televisie en/of
- een PlayStation 4 en/of
- wasmiddel en haarproducten en/of
- schoenen en kleding en/of
- een of meer meubelstukken,
in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander dan aan
verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde, te weten aan [slachtoffer/medeverdachte 3]
, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen,
terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats
van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te nemen
goederen onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel
van een valse sleutel, door de deur van de woning van voornoemde
te openen met een gestolen (huis)sleutel;
( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van 03-094799-20/87526054-WT0102
Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht )
3
hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks 12 februari 2020 in de
gemeente Sittard-Geleen, tezamen en in vereniging met een of meer anderen,
althans alleen,(telkens) [slachtoffer/medeverdachte 3] heeft mishandeld door hem meermalen te slaan
en/of meermalen een brandende sigaret tegen de hals en/of nek en/of
het oor van die [slachtoffer/medeverdachte 3] te houden en/of ervoor te zorgen dat die
ongeveer een half uur, althans een lange tijd, (met kleding)
onder een koude douche heeft gestaan;
( art 300 lid 1 Wetboek van Strafrecht, art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht )
4
hij in of omstreeks de periode van 31 oktober 2019 tot en met 3
november 2019 in de gemeente Sittard-Geleen,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
- sieraden en/of
- een baardtrimmer en/of
- sterke drank en/of
- een huisdeursleutel en een autosleutel en/of
- een televisie en/of
- twee luidsprekers (Sonos) en/of
- een notebook (Apple) en/of
- een computermuis (Apple) en/of
- een tas (Castelijn & Beerens) en/of
- drie maal een PlayStation 4 en/of
- twee maal een Xbox en/of
- een mobiele telefoon (IPhone 5s) en/of
- een databank (Aplle) en/of
- een Horloge (Mitsubishi) en/of
- een koffer,
in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander
toebehoorde, te weten aan [slachtoffer 4] ,
heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen,
terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats
van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te nemen
goederen onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel
van braak en/of verbreking;
( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht )
5
hij op of omstreeks 7 oktober 2019 in de gemeente Sittard-Geleen,
tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen,
ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader
voorgenomen misdrijf om een snorfiets (Piaggio Vespa Sprint), in elk
geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander dan aan
verdachte en/of zijn mededader toebehoorde, te weten aan [slachtoffer 5] ,
weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te
eigenen,
hebbende hij, verdachte, en/of zijn mededader
- gezegd dat ze een rondje op de scooter willen rijden, althans woorden
van gelijke aard en/of strekking en/of
- in de zakken van die [slachtoffer 5] gevoeld voor de sleutel en/of
- die [slachtoffer 5] geduwd,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van
Strafrecht, art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht )
6
hij op of omstreeks 7 oktober 2019 in de gemeente Sittard-Geleen,
tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen,
een snorfiets (Piaggio Vespa Sprint), in elk geval enig goed, dat geheel
of ten dele aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader
toebehoorde, te weten aan [slachtoffer 5] , heeft weggenomen met het oogmerk
om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht )
7
hij op of omstreeks 16 februari 2020 in de gemeente Leudal,
een hoeveelheid benzine (35,06 liter), in elk geval een hoeveelheid
brandstof, dat geheel of ten dele aan een ander toebehoorde, te weten
aan [naam benzinestation 1] , en/of op of omstreeks 19 februari 2020 in de gemeente Sittard-Geleen,
een hoeveelheid benzine (35,61 liter), in elk geval een hoeveelheid brandstof, dat geheel of ten dele aan een ander toebehoorde, te weten aan [naam benzinestation 2] heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
( art 310 Wetboek van Strafrecht )
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling
mocht of zou kunnen leiden:
hij op of omstreeks 16 februari 2020 in de gemeente Leudal,
opzettelijk een hoeveelheid benzine (35,06 liter), in elk geval een
hoeveelheid brandstof, dat geheel of ten dele aan een ander
toebehoorde, te weten aan [naam benzinestation 1] , en/of op of omstreeks 19 februari 2020
in de gemeente Sittard-Geleen, opzettelijk een hoeveelheid benzine (35,61 liter), in elk geval een
hoeveelheid brandstof, dat geheel of ten dele aan een ander
toebehoorde, te weten aan [naam benzinestation 2] ,
en welke benzine verdachte bij een voor zelfbediening ingerichte
benzinepompinstallatie, gelegen aan [adres 6] in Ell, gemeente
Leudal en [adres 7] in Geleen, gemeente Sittard-Geleen, had
getankt, onder gehoudenheid die benzine te betalen en welke benzine
verdachte aldus en in elk geval anders dan door misdrijf onder zich
had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;
( art 321 Wetboek van Strafrecht )