Art. 81 lid 1 RO. Rechtspersonenrecht. Verbodenverklaring en ontbinding van informele vereniging (motorclub) en van twee onzelfstandige support clubs. Miskenning van toepasselijkheid van strafrechtelijk bewijsrecht en onjuiste toepassing van art. 149 Rv? Support clubs ten onrechte niet aangemerkt als zelfstandige informele verenigingen? Verbod en ontbinding noodzakelijk en proportioneel? Uitvoerbaarheid bij voorraad van verbodenverklaring?
Rechtspraak.nl RvdW 2020/1205 OR-Updates.nl 2020-0397 JIN 2021/5 met annotatie van Bieman, I. den, Kuilen, E. van der JONDR 2021/2
VERZOEKSTERS tot cassatie, verweersters in het incidentele cassatieberoep,
hierna gezamenlijk: Satudarah c.s.,
advocaat: J. van Weerden,
tegen
HET OPENBAAR MINISTERIE (LANDELIJK PARKET), zetelende te Den Haag,
VERWEERDER in cassatie, verzoeker in het incidentele cassatieberoep,
hierna: het OM,
advocaten: M.W. Scheltema en G.C. Nieuwland.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de beschikking in de zaak C/09/540406 / HA RK 17-476 van de rechtbank Den Haag van 18 juni 2018;
de beschikkingen in de zaken 200.245.707/01 en 200.246.219/01 van het gerechtshof Den Haag van 4 december 2018 en 18 juni 2019.
Satudarah c.s. hebben tegen de beschikking van het hof van 18 juni 2019 beroep in cassatie ingesteld.
Het OM heeft incidenteel cassatieberoep ingesteld. Het cassatierekest en het verweerschrift tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan deze beschikking gehecht en maken daarvan deel uit.
Partijen hebben over en weer een verweerschrift tot verwerping van het beroep ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.F. Assink strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep en het incidentele cassatieberoep.
2 Beoordeling van de middelen in het principale en in het incidentele beroep
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
in het principale en in het incidentele beroep:
- verwerpt het beroep.
- compenseert de kosten van het geding in cassatie aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh, F.J.P. Lock en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 13 november 2020.
De gegevens worden opgehaald
Hulp bij zoeken
Er is een uitgebreide handleiding beschikbaar voor het zoeken naar uitspraken, met onder andere uitleg over: