2.1.
Het hof gaat uit van de feiten die de Hoge Raad in cassatie tot uitgangspunt heeft genomen. Het gaat om het volgende.
( i) Tussen Amstelpark als opdrachtgever en Giebros B.V. (hierna: Giebros) als aannemer is een overeenkomst van aanneming van werk gesloten. Giebros diende op grond van die overeenkomst technische installaties te leveren en te plaatsen tegen een aanneemsom van € 1.265.000 exclusief BTW.
(ii) ABN AMRO heeft aan Giebros een lening verstrekt waarmee aan Giebros middelen werden verstrekt om de aan de uitvoering van de opdracht verbonden kosten te kunnen dragen zolang Amstelpark de aanneemsom niet had betaald (voorfinanciering).
(iii) Amstelpark diende 90% van de aanneemsom, zijnde € 1.138.500, bij oplevering van het werk aan Giebros te betalen. Als zekerheid voor de nakoming van die
verplichting heeft Amstelpark door Rabobank een bankgarantie doen stellen, waarbij ABN AMRO als begunstigde is aangewezen.
(iv) In de desbetreffende bankgarantie staat onder meer:
“De Bank verplicht zich hierbij onvoorwaardelijk en onherroepelijk ten behoeve van Giebros aan Fortis Bank (Nederland) N.V. [Hof: de rechtsvoorgangster van ABN AMRO] (..), hierna te noemen de “Begunstigde” per omgaande op eerste verzoek als eigen schuld te zullen voldoen het op te geven factuurbedrag zijnde de som van de tot en met de datum van voornoemd verzoek verzonden proformafacturen met attest, tot een maximumbedrag van 90% van de aanneemsom, zijnde Euro 1.138.500 excl. BTW.
Het verzoek tot betaling dient te zijn voorzien van een door Opdrachtneemster of de Begunstigde ondertekende verklaring, inhoudende dat de Opdrachtgeefster haar bovengenoemde betalingsverplichtingen niet is nagekomen en het bedrag dat de Opdrachtgeefster schuldig is”.
( v) ABN AMRO heeft Rabobank bij brief van 29 mei 2009 om betaling onder de bankgarantie verzocht, onder overlegging (1) van een factuur van Giebros voor 90% van de aanneemsom, met vermelding “Te betalen conform bankgarantie € 1.138.500,- vermeerderd met BTW”, alsmede (2) van een brief van Giebros aan ABN AMRO, luidende onder meer: “Wij verzoeken u omgaand Rabobank ervan te verwittigen dat u een verzoek doet tot uitbetaling van de bankgarantie (...) en in dat verzoek te vermelden dat u mede namens Giebros (...) verklaart dat haar opdrachtgeefster Amstelpark (...) haar betalingsverplichtingen niet is nagekomen (...) en dat betaling dient te geschieden.”
(vi) Rabobank heeft die betaling geweigerd. Rabobank heeft daaraan per fax van 5 juni 2009 het volgende ten grondslag gelegd:
“Onze cliënt betwist de hoogte van het in uw schrijven d.d. 29 mei 2009 gestelde
factuurbedrag omdat het gestelde bedrag apert onjuist zou zijn. Tevens stelt onze cliënt dat de factuur moet zijn voorzien van een attest, hetgeen ontbreekt. Om deze
redenen heeft onze cliënt ons gesommeerd niet tot uitkering aan Fortis Bank (Nederland N.V.) over te gaan.”
(vii) Giebros is enkele maanden daarna in staat van faillissement verklaard.