3.1.
De vorderingen van Abbott c.s. strekken ertoe, samengevat weergegeven:
( a) te bepalen dat Abbott c.s. onmiddellijk inzage krijgt in en door afgifte de beschikking krijgt over de beslagen documentatie en HTG c.s. te bevelen inzage en afgifte te gehengen en gedogen;
( b) HTG c.s. te bevelen binnen 48 uur na betekening van dit vonnis de volgende documentatie af te geven, te overleggen of daarin inzage te geven:
- bestellingen, orders, orderbevestigingen, transportdocumenten, douanedocumenten, facturen, pro formafacturen betreffende de handel van HTG c.s. in Amerikaanse verpakte Freestyle Lite test strips, en
- interne (e-mail)correspondentie en (e-mail)correspondentie met leveranciers en afnemers betreffende de handel van HTG c.s. in Amerikaanse verpakte Abbott Freestyle test strips
(hierna: de overige documentatie).
( a) te bepalen dat Abbott c.s. onmiddellijk inzage krijgt in en door afgifte de beschikking krijgt over de beslagen documentatie en HTG c.s. te bevelen dergelijke inzage en afgifte te gehengen en gedogen en daarbij te bepalen dat:
( i) de advocaten van Abbott c.s. de documenten eerst zullen beoordelen op vertrouwelijkheid en een selectie zullen maken van informatie die zij aan Abbott c.s. wensen te verstrekken;
(ii) HTG c.s. vervolgens het recht heeft om binnen 7 kalenderdagen na de dag waarop de advocaten van HTG c.s. de selectie heeft ontvangen bezwaar te maken tegen afgifte of inzage van bepaalde informatie;
(iii) HTG c.s. geacht wordt haar bezwaren niet te handhaven als zij niet binnen 7 kalenderdagen na het schriftelijk kenbaar maken van het bezwaar dit bezwaar ter beoordeling aan de voorzieningenrechter voorligt dan wel dat de voorzieningenrechter zodanige voorzieningen treft ter waarborging althans een in goede justitie te bepalen bevel of veroordeling uit te spreken op basis van art. 843a lid 2 Rv jo 1019a Rv, althans art. 843a lid 2 Rv, althans art. 22 Rv;
(b) HTG c.s. te bevelen binnen 48 uur na betekening van dit vonnis de overige documentatie aan Abbott c.s. af te geven, te overleggen of inzage te geven en daarbij te bepalen dat:
( i) de advocaten van Abbott c.s. de documenten eerst zullen beoordelen op vertrouwelijkheid en een selectie zullen maken van informatie die zij aan Abbott c.s. wensen te verstrekken;
(ii) HTG c.s. vervolgens het recht heeft binnen 7 kalenderdagen na de dag waarop de advocaten van HTG c.s. de selectie heeft ontvangen, bezwaar te maken tegen afgifte of inzage van bepaalde informatie uit de overige documentatie;
(iii) HTG c.s. geacht wordt haar bezwaren niet te handhaven als zij niet binnen 7 kalenderdagen na het schriftelijk kenbaar maken, het bezwaar ter beoordeling aan de voorzieningenrechter voorlegt dan wel dat de voorzieningenrechter zodanige voorzieningen treft ter waarborging althans een in goede justitie te bepalen bevel of veroordeling uit te spreken op basis van art. 843a lid 2 Rv jo 1019a Rv, althans art. 843a lid 2 Rv, althans art.22 Rv;
C. HTG c.s. hoofdelijk te veroordelen tot betaling aan Abbott c.s. van een dwangsom van € 50.000,00 voor iedere dag dat zij in strijd handelt met het hiervoor bepaalde, met een maximum van € 2.500.000,00;
D. HTG c.s. hoofdelijk te veroordelen in de proceskosten ex art. 1019h Rv.
3.2.
Abbott c.s. legt, samengevat weergegeven, het volgende aan de vorderingen ten grondslag. HTG c.s. pleegt merkinbreuk en handelt anderszins onrechtmatig ex art. 6:162 BW door counterfeit verpakte Freestyle Lite test strips te verhandelen, althans haar medewerking aan die handel te verlenen. Inzage in en afgifte van de in beslag genomen bescheiden is noodzakelijk omdat op die manier duidelijkheid kan worden verkregen over de wijze waarop de test strips worden verhandeld en over de exacte betrokkenheid van HTG c.s. daarbij. De informatie is ook noodzakelijk om producten terug te kunnen halen van de markt. Dit is van groot belang, aldus Abbott c.s., omdat de counterfeit verpakte test strips gezondheidsrisico’s opleveren doordat informatie met betrekking tot onder meer het lotnummer en de vervaldatum bij de herverpakking verloren gaat.