Uitspraken

Een deel van alle rechterlijke uitspraken wordt gepubliceerd op rechtspraak.nl. Dit gebeurt gepseudonimiseerd.

Deze uitspraak is gepseudonimiseerd volgens de pseudonimiseringsrichtlijn

ECLI:NL:RBAMS:2018:6573

Rechtbank Amsterdam
14-09-2018
10-08-2023
C/13/653023 / KG ZA 18-892
Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig,Kort geding

Voorgenomen uitzending tv-programma met beeld- en geluidsopnamen die zonder toestemming van eiseres zijn gemaakt. Voorzieningenrechter oordeelt dat het belang van gedaagde bij uitingsvrijheid zwaarder wegen dan het belang van eiseres bij bescherming van haar privacy. De inbreuk die de uitzending zal maken op haar persoonlijke levenssfeer voldoet daarmee aan de noodzakelijkheidstoets van artikel 8 lid 2 EVRM en van onrechtmatig handelen door gedaagde is geen sprake. Geen grond voor een preventief verbod tot uitzending. De vorderingen worden afgewezen.

Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

zaaknummer / rolnummer: C/13/653023 / KG ZA 18-892 AB/EB

Vonnis in kort geding van 14 september 2018

in de zaak van

[eiseres] ,

wonende te [woonplaats] ,

eiseres bij dagvaarding van 27 augustus 2018,

advocaat mr. H.J. Oosterhagen te Amsterdam,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

NOORDKAAP TV PRODUCTIES B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

gedaagde,

advocaat mr. J.A.K. van den Berg te Amsterdam.

Partijen zullen hierna [eiseres] en Noordkaap worden genoemd.

1 De procedure

Ter zitting van 7 september 2018 heeft [eiseres] haar vordering ingetrokken voor zover die was gericht tegen SBS Broadcasting Holding B.V., nu die vennootschap niet langer blijkt te bestaan ten gevolge van een fusie. Voor het overige heeft [eiseres] gesteld en gevorderd overeenkomstig de in kopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding. Noordkaap heeft de ruwe montage getoond van het programma dat zij van plan is uit te zenden en verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorzieningen. Beide partijen hebben producties in het geding gebracht en hun vorderingen toegelicht aan de hand van pleitaantekeningen. Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen.

Ter zitting was [eiseres] aanwezig met mr. Oosterhagen. Aan de zijde van Noordkaap waren aanwezig [naam 1] (algemeen directeur) en mr. Van den Berg.

2 De feiten

2.1.

[eiseres] biedt samen met een zekere [naam 2] diensten aan via de website [website] , onder de schuilnaam [schuilnaam] .

2.2.

Medio juni 2017 is [naam 3] via de website in contact gekomen met [eiseres] . Zij heeft zich daarbij voorgesteld als [schuilnaam] . [naam 3] heeft ‘ [schuilnaam] ’ enkele keren ontmoet.

2.3.

In de periode van 19 juni tot en met 23 augustus 2018 heeft [naam 3] op verzoek van ‘ [schuilnaam] ’ twee telefoonabonnementen voor haar afgesloten en betaald. Daarnaast heeft hij haar met grote regelmaat geld geleend voor boodschappen, huur, autoreparaties en dergelijke. In totaal gaat het om ongeveer € 13.000,00. Hij maakte de bedragen telkens over op drie verschillende bankrekeningen, die allemaal op naam van [schuilnaam] stonden. Daarnaast heeft [naam 3] foto’s van zijn paspoort en bankpas gestuurd naar een e-mailadres van ‘ [schuilnaam] ’, toen hem daarom werd gevraagd. Nadat vervolgens met gebruikmaking van die gegevens een playstation was gekocht, terwijl de bedoeling juist was dat de gegevens zouden worden gebruikt om hem terug te betalen, heeft hij zich gerealiseerd dat hij door ‘ [schuilnaam] ’ werd voorgelogen.

2.4.

[naam 3] heeft vervolgens [naam 1] van het televisieprogramma Undercover in Nederland benaderd. [naam 1] heeft besloten om aan de hand van de ervaringen van [naam 3] een item te maken over het risico van misleiding en oplichting via dating- en andere websites. Undercover in Nederland wordt geproduceerd door Noordkaap.

2.5.

[naam 3] heeft in overleg met [naam 1] een afspraak met ‘ [schuilnaam] ’ gemaakt. [naam 3] en ‘ [schuilnaam] ’ hebben afgesproken elkaar te ontmoeten op een parkeerplaats in [woonplaats] op 31 augustus 2017. [naam 1] heeft ‘ [schuilnaam] ’ bij die gelegenheid opgewacht met een cameraploeg. Toen ‘ [schuilnaam] ’ ( [eiseres] ) bij de auto van [naam 3] aankwam, na wat omtrekkende bewegingen die bedoeld leken om te kijken of zij werd gevolgd, heeft [naam 1] haar aangesproken. Zij is toen direct weggerend. Korte tijd later is [naam 3] mobiel gebeld. Nadat [naam 1] het telefoontoestel van [naam 3] had overgenomen, heeft hij met twee personen gesproken. Van de (aanloop naar de) confrontatie en het telefoongesprek zijn beeld- en geluidopnamen gemaakt. Een door Noordkaap opgesteld transcript van het gevoerde gesprek luidt, voor zover hier van belang, als volgt:

“(…)

[naam 1] : Nou ja, we spreken nu met elkaar af dat jij [naam 3] , vzr.) niet verder oplicht. Zijn we het daar over eens?

[eiseres] : Ja.

[naam 1] : Maar waarom heb je dat dan gedaan?

[eiseres] : Ik weet het eigenlijk niet. Ik zat gewoon echt in de problemen.

[naam 1] : (…) en waarom deed je zo voorzichtig zojuist? Want je zei dat je met de bus kwam en met de trein.. maar je was er al gewoon. Wat zijn dat nou voor leugens? (…)

[eiseres] : Ja, nou… ik ben met de bus en met de trein gekomen vanuit Amsterdam.

[naam 1] : Dat is helemaal niet waar want we zagen je een uur geleden al in de auto daar. (…) We hebben je vastgelegd namelijk maar dat had je helemaal niet in de gaten. (…) Met datzelfde autootje. Jullie waren met z’n tweeën. (…) Maar waarom doe je dat dan? (…)

[eiseres] : (…) Weet je, ik heb misschien wel een beetje gelogen enzo. (…)

[naam 1] : Maar waarom heb je dat dan gedaan bij de Media Markt bijvoorbeeld?

Waarom doe je dat soort dingen?

[eiseres] : Ik weet het niet. Ik heb ook een beperking dus uhm..

[naam 1] : Oh de beperking, dat is de reden. Daarom licht je hem maar op.

[eiseres] : Nee, ik weet dat het fout is, de dingen die ik heb gedaan enzo maar..

[naam 1] : (…) EUR 13.000,- hé, heeft ie je gegeven. Het gaat terugkomen heb je

beloofd.

[eiseres] : (…) wat kunnen we dan doen om het goed te maken?

[naam 1] : Nou allereerst moet jij die EUR 13.000,- teruggeven.

[eiseres] : Ja, dat kan ik niet een, twee, drie. Dat kan ik wel in termijnen dan doen,

maar dan moet ik even wat afspreken.

[naam 1] : Nou dat gaan we zeker met elkaar afspraken, alleen ik weet niet of ik jou

op je woord kan geloven.

[eiseres] : Ik wil gewoon niet op beeld komen ofzo. (…) Ja, ik heb wel gelogen en

dat geef ik ook gewoon toe. Maar ik zeg het je nu gewoon: Het is klaar nu. Ik heb mijn lesje geleerd.

[naam 2] : Op beide rekeningen van ons hebben we het ontvangen. Dat klopt. En de

berichten heb ik ook gestuurd. We zitten er gewoon beide achter, dat is niet te ontkennen.

[naam 1] : Nee maar waarom licht je hem dan zo bewust op? (…) Is dat puur voor

eigen gewin?

[naam 2] : Ik denk het.

[naam 1] : Maar weet je ook dat je hem daar ontzettend mee in de problemen hebt

gebracht?

[naam 2] : Dat heeft ie ook gezegd, maar op sommige momenten besef je dat niet.

[eiseres] : Het is eigenlijk heel erg te ver gegaan. Het is echt te ver gegaan. (…)

[naam 3] echt vanuit mijn hart je krijgt je geld terug. In delen, want ik kan het niet in één keer, maar je krijgt het echt terug [naam 3] . Mijn ogen zijn open gegaan. Ik kap ermee. Ik stop ermee, ik doe dit niet meer.

[naam 3] : Je weet dat je me helemaal geplunderd hebt.

[eiseres] : Het spijt me zo erg. (…)

2.6.

De officier van justitie heeft besloten [eiseres] niet verder te vervolgen, met als reden dat een niet-strafrechtelijk ingrijpen de voorkeur verdient.

2.7.

Noordkaap is van plan het item over ‘ [schuilnaam] ’ op of omstreeks 23 september 2018 uit te zenden.

3 Het geschil

3.1.

[eiseres] vordert, kort gezegd, Noordkaap te verbieden enig beeld- of geluidmateriaal dat zonder haar toestemming is opgenomen openbaar te maken, althans in ieder geval niet zolang niet gelegenheid tot het bieden van weerwoord is gegeven. Meer subsidiair vordert zij een verbod tot uitzending zolang zij daarin niet onherkenbaar is gemaakt, haar stem niet is vervormd en andere identificerende gegevens niet zijn weggelaten. Uiterst subsidiair vordert zij Noordkaap te gebieden een aantal door haar in het petitum van de dagvaarding opgesomde omstandigheden te noemen in de uitzending. Alles op straffe van dwangsommen en met veroordeling van Noordkaap in de proceskosten.

3.2.

Noordkaap voert verweer.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

[eiseres] heeft een spoedeisend belang bij beoordeling van haar vorderingen, omdat Noordkaap de aflevering binnenkort wil uitzenden.

4.2.

Ofschoon [eiseres] naar eigen zeggen onder bewind staat, mag zij in dit kort geding zelfstandig procederen. Alleen wanneer het gaat om handelingen die de onder bewind staande goederen betreffen, vertegenwoordigt de bewindvoerder de rechthebbende in en buiten rechte (zie artikel 1:441 lid 1 Burgerlijk Wetboek). Dat is hier niet het geval.

4.3.

[eiseres] vordert een uitzending te verbieden als die niet voldoet aan bepaalde door haar gestelde voorwaarden. Dat komt neer op preventieve censuur. Noordkaap heeft terecht aangevoerd dat een dergelijk verbod alleen kan worden gegeven in uitzonderlijke omstandigheden. Daarvan kan slechts sprake zijn als de publicatie voor de betrokkenen tot onherstelbare schade zal leiden en, indien de publicatie pas achteraf onrechtmatig zou worden geacht, de nadelige gevolgen van de openbaarmaking niet meer kunnen worden hersteld door middel van een op dat moment uit te spreken veroordeling.

4.4.

Daarnaast geldt dat het antwoord op de vraag of de vorderingen van [eiseres] kunnen worden toegewezen moet worden gevonden door het maken van een afweging tussen haar belang bij bescherming van haar persoonlijke levenssfeer en bescherming van eer en goede naam, en het belang van Noordkaap bij vrijheid van meningsuiting. Het moet Noordkaap in beginsel vrijstaan zich kritisch en waarschuwend uit te laten over misstanden die de samenleving raken.
[eiseres] mag niet zonder voldoende feitelijke grondslag worden beschuldigd van oplichtingspraktijken. Dat haar meer dan gemiddelde bescherming toekomt vanwege een verhoogde kwetsbaarheid, is voorshands niet aannemelijk. Zij stelt weliswaar dat zij een beperking heeft – kennelijk een verstandelijke beperking – maar zij heeft die stelling niet verder toegelicht, zodat daarvan niet kan worden uitgegaan.

4.5.

Bij de belangenafweging moeten alle omstandigheden van het geval worden betrokken. De omstandigheden die voor deze zaak met name van belang zijn zullen hierna worden besproken.

Misstand die de samenleving raakt

4.6.

Tussen partijen is niet in geschil dat misleiding en oplichting via dating- en andere websites een misstand is die de samenleving raakt en dat [naam 3] , om wie het in de voorgenomen uitzending gaat, flink het slachtoffer is geworden van een dergelijke oplichting.

De mate van steun in het ter beschikking staande feitenmateriaal

4.7.

[eiseres] voert als belangrijk verweer dat niet zij maar [naam 2] [naam 3] heeft opgelicht. Zij zou er pas kort geleden achter zijn gekomen dat [naam 2] [naam 3] achter haar rug om heeft benaderd. Wat zich tussen [naam 2] en [naam 3] heeft afgespeeld, onttrok zich aan haar blikveld, aldus [eiseres] .
Zij heeft in dat verband genoemd (i) dat [naam 3] en [naam 2] contact hebben gehad via het privé-emailadres en het privé telefoonnummer van [naam 2] , (ii) dat [naam 3] betalingen heeft verricht naar bankrekeningen van [naam 2] en mogelijk ook zijn moeder en (iii) dat ook [naam 2] toegang had tot het e-mailadres dat zij heeft gebruikt om contact met [naam 3] te hebben. [eiseres] zou zelf slechts
€ 4.261,00 van [naam 3] hebben ontvangen als betaling voor ‘door haar geleverde diensten’.

4.8.

Dit verweer gaat niet op. [naam 3] kon niet beter weten dan dat hij steeds met een en dezelfde persoon (‘ [schuilnaam] ’) van doen had en dat dit [eiseres] was, die hij een paar keer in levende lijve heeft ontmoet. [eiseres] is samen met [naam 2] naar de laatste afspraak gekomen en in het toen door hen met [naam 1] gevoerde telefoongesprek wisten zij beiden precies waarover hij het had toen hij [eiseres] beschuldigde van oplichting, wat bovendien grif werd erkend. [naam 2] zat dus gewoon in het complot. Verder komt het voor rekening en risico van [eiseres] als zij haar ‘zakenpartner’ (met een vrouwenstem) namens ‘ [schuilnaam] ’ met [naam 3] laat bellen of mailen en hem haar bankpas meegeeft zonder verder te controleren wat daarmee gebeurt. Handgeschreven briefjes die van [naam 2] afkomstig zouden zijn maken dat niet anders.

De inkleding van de verdenkingen

4.9.

Uitgangspunt is dat het aan de journalist is om de vorm van een uiting te bepalen. In de uitzending beschuldigt [naam 1] [eiseres] in stellige bewoordingen van oplichting, maar voor die beschuldiging had hij goede gronden, zoals hiervoor is gebleken. Hij laat zich tegenover haar niet diffamerend of onnodig grievend uit.
Dat hij ervoor heeft gekozen beelden van [eiseres] te tonen om aan de oplichting een gezicht te geven is niet zonder enige grond. Zij is immers de enige die [naam 3] heeft ontmoet. [eiseres] wordt overigens alleen in beeld gebracht met een wipe om haar onherkenbaar te maken. De inkleding van de verdenkingen kan dan ook de toets der kritiek doorstaan.

De ernst van de te verwachten gevolgen van de uitzending

4.10.

[eiseres] gaat ervan uit dat zij bij uitzending zal worden herkend, maar dat is voorshands niet aannemelijk. De uitzending wijst immers verschillende keren in een andere richting dan die van [eiseres] . Zo wordt een foto getoond waarop het gewipede gezicht van ‘ [schuilnaam] ’ te zien zou zijn (de echte voor- en achternaam van [eiseres] worden niet genoemd). [eiseres] zelf stelt dat dit niet een foto van haar is. Door de wipe heen is te zien dat het inderdaad niet gaat om een portretfoto van [eiseres] : de huidskleur is anders. Verder meldt [naam 3] in de uitzending dat ‘ [schuilnaam] ’ één kind heeft, terwijl [eiseres] er drie heeft. Weliswaar ligt de parkeerplaats in [woonplaats] , waar [naam 1] ‘ [schuilnaam] ’ heeft opgewacht, vlakbij de woning van haar moeder, bij wie zij regelmatig over de vloer komt, maar in de uitzending meldt ‘ [schuilnaam] ’ dat zij met de trein en de bus uit Amsterdam is gekomen en uiteindelijk blijkt zij met de auto te zijn. Daardoor ontstaat de indruk dat de locatie in [woonplaats] niet haar gebruikelijke leefomgeving is.

4.11.

De enige aanwijzingen in de richting van [eiseres] zijn de opnamen van de auto waarin zij is komen aanrijden – die auto is van haar – en de opnamen van de confrontatie en het telefoongesprek. Van het type auto, een zwarte Kia Picanto, zijn er veel in Nederland. Op zichzelf genomen biedt de auto dus onvoldoende houvast voor indirecte herkenning. Bij het tonen van de beelden van ‘ [schuilnaam] ’ is haar gezicht door middel van een wipe onherkenbaar gemaakt. Wat nog wel van haar te zien is – haren, postuur en kleding – is niet zo opmerkelijk of uitgesproken dat zij aan de hand daarvan zal worden herkend door een publiek van enige omvang. Haar stemgeluid is alleen door een telefoon te horen en de geluidskwaliteit is niet erg goed, zodat niet te verwachten is dat zij aan de hand daarvan zal worden herkend. Voor zover personen uit haar familie en kennissenkring haar aan een combinatie van factoren toch zullen herkennen, geldt dat het verlies van goede naam een voorzienbaar gevolg is van haar eigen handelen.

Weerwoord

4.12.

[eiseres] stelt dat haar niet op behoorlijke wijze gelegenheid is geboden tot het geven van een weerwoord. In zijn algemeenheid bestaat er geen absoluut recht op wederhoor in het geval van negatieve publicaties. Overigens heeft Noordkaap [eiseres] de afgelopen maanden bij herhaling gelegenheid tot weerwoord geboden, Uiteindelijk is het daar niet van gekomen, omdat [eiseres] als voorwaarde stelde dat zij de uitzending eerst zou mogen bekijken, met het argument dat zij pas dan in staat zou zijn om adequaat te reageren. Noordkaap heeft aan die voorwaarde niet willen voldoen en hoefde dat ook niet te doen. In zoverre heeft [eiseres] het (deels) aan zichzelf te wijten dat de uitzending geen weerwoord van haar bevat.

4.13.

Overigens lijkt inzage vooraf ook niet nodig te zijn geweest, gelet op de eis. Daarin heeft [eiseres] de omstandigheden opgesomd die wat haar betreft in de uitzending moeten worden vermeld. Kort gezegd zijn dat het sepot, de betrokkenheid van [naam 2] die haar zou vrijpleiten, en de stelling dat zij slechts betaling voor verleende diensten heeft ontvangen.

4.14.

Aan het slot van de uitzending is benoemd dat de zaak ‘volgens de advocaat van ‘ [schuilnaam] ’ is geseponeerd. Op het moment van de montage beschikten de programmamakers nog niet over de sepotbeslissing. Door deze vermelding hebben zij zoveel mogelijk rekening gehouden met het belang van [eiseres] om dat sepot te noemen. Voor het overige kan het weerwoord van [eiseres] niet afdoen aan de sterke aanwijzingen en haar eigen verklaring tegenover [naam 1] , dat zij [naam 3] heeft voorgelogen om hem geld afhandig te maken. Dat Noordkaap dat weerwoord niet heeft willen verwerken, levert geen onrechtmatigheid op.

Conclusie

4.15.

Alle feiten en omstandigheden in aanmerking genomen moet het belang van Noordkaap bij uitingsvrijheid zwaarder wegen dan het belang van [eiseres] bij bescherming van haar privacy. De inbreuk die de uitzending zal maken op haar persoonlijke levenssfeer voldoet daarmee aan de noodzakelijkheidstoets van artikel 8 lid 2 EVRM en van onrechtmatig handelen door Noordkaap is geen sprake. Voor een preventief verbod tot uitzending bestaat al helemaal geen grond. De vorderingen zullen worden afgewezen.

4.16.

[eiseres] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Noordkaap worden begroot op:

- griffierecht € 626,00

- salaris advocaat 980,00

Totaal € 1.606,00

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

weigert de gevraagde voorzieningen,

5.2.

veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, aan de zijde van Noordkaap tot op heden begroot op € 1.606,00,

5.3.

verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.J. Beukenhorst, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E. van Bennekom, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 14 september 2018.1

1 type: eB coll: JE

De gegevens worden opgehaald

Hulp bij zoeken

Er is een uitgebreide handleiding beschikbaar voor het zoeken naar uitspraken, met onder andere uitleg over:

Selectiecriteria

De Rechtspraak, Hoge Raad der Nederlanden en Raad van State publiceren uitspraken op basis van selectiecriteria:

  • Uitspraken zaken meervoudige kamers
  • Uitspraken Hoge Raad en appelcolleges
  • Uitspraken met media-aandacht
  • Uitspraken in strafzaken
  • Europees recht
  • Richtinggevende uitspraken
  • Wraking

Weekoverzicht

Selecteer een week en bekijk welke uitspraken er in die week aan het uitsprakenregister zijn toegevoegd.