In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan.
(i) Begin jaren ’90 heeft de Oostenrijkse onderneming Mikron een contactloze communicatiemethode ontwikkeld die gebruik maakt van identificatie door radiogolven (radio-frequency identification, afgekort RFID). Door gebruik te maken van RFID kan contactloos gecommuniceerd worden tussen een chipkaart en een chipkaartlezer. Deze technologie kan onder meer worden gebruikt voor elektronische vervoersbewijzen en toegangspasjes voor gebouwen.
(ii) Een chipkaart moet kunnen functioneren in een bepaalde ‘omgeving’, die niet alleen de chipkaartlezer omvat, maar ook de daaraan gekoppelde microprocessor, de software en de (achterliggende) databases.
(iii) De communicatiewisseling tussen chipkaart en chipkaartlezer bestaat, versimpeld gezegd, uit drie onderdelen:
1. een communicatie-standaard; dit is doorgaans de ISO-standaard, niveaus 1 t/m 3;
2. de cryptografie; het beveiligingsprotocol verschilt van fabrikant tot fabrikant, en maakt de chip specifiek;
3. een aantal andere specifieke elementen, zoals datastructuren.
Op deze drie onderdelen moeten chipkaart en chipkaartlezer met elkaar kunnen communiceren.
(iv) Op 16 februari 1994 zijn Mikron en Siemens een samenwerkingsovereenkomst aangegaan met betrekking tot het door Mikron ontwikkelde RFID-systeem.
(v) In 1995 is Mikron overgenomen door Philips.
(vi) In 1999 heeft Siemens haar chipsdivisie verzelfstandigd, hetgeen heeft geleid tot het ontstaan van Infineon.
(vii) In 2001 is de samenwerkingsovereenkomst tussen Philips als rechtsopvolgster van Mikron en Infineon als rechtsopvolgster van Siemens, geëindigd doordat de overeengekomen looptijd was verstreken.
(viii) In 2006 is NXP ontstaan door een afsplitsing van Philips. De chipsactiviteiten van Philips zijn ondergebracht in NXP.
(ix) NXP produceert onder meer kaart- en lezerchips, software en bijbehorende producten die geschikt zijn voor toepassing in RFID-systemen.
(x) NXP is houdster van het woordmerk MIFARE op grond van een internationale merkinschrijving met aanwijzing van de Benelux, ingeschreven op 14 maart 1994 onder nummer 615458 voor waren in klasse 9 en op grond van inschrijving van een Uniemerk, ingeschreven op 25 oktober 2012 onder nummer 010920007 voor waren in klasse 9.
(xi) Daarnaast houdt NXP onder meer de Uniewoordmerken “MIFARE Plus®” en “MIFARE Classic®”, de Beneluxwoordmerken “MIFARE Plus®”, “MIFARE Ultralight®” en “MIFARE Classic®” en de internationale woordmerken met aanwijzing van de Europese Unie “MIFARE Ultralight®” en “MIFARE FleX®”.
(xii) Infineon produceert evenals NXP kaart- en lezerchips die geschikt zijn voor toepassing in RFID-systemen, alsmede de bijbehorende software.
(xiii) Infineon maakt bij de verhandeling van een deel van haar chips gebruik van het Mifare-teken, door in haar productspecificaties op haar website en in aparte brochures en product briefs onder meer de volgende uitingen te doen:
- “Mifare compatible interface”
- “Mifare compatible”
- “Mifare compatible system(s)”
- “Mifare compatibility”
- “Mifare is only used as an indicator of product compatibility to the respective technology”.
(xiv) Infineon gebruikt het Mifare-teken uitsluitend voor kaartchips en niet voor lezerchips. De kaartchips waarvoor Infineon het Mifare-teken gebruikt, zijn van het type ‘MIFARE Classic’, waarbij gebruik wordt gemaakt van het versleutelingsalgoritme CRYPTO 1. Dit is de zogenoemde eerste generatie MIFARE Classic.