Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2009:BH8273

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
25-03-2009
Datum publicatie
27-03-2009
Zaaknummer
101511 - KG ZA 09-103
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

De voorzieningenrechter te Zutphen heeft vandaag onmiddellijk na afloop van een kort geding bepaald, dat de 20-jarige turnster volgende week niet alsnog naar het EK turnen 2009 in Milaan gaat.

Turnster had een kort geding aangespannen tegen de Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie (KNGU). Zij eiste daarin dat ze een nieuwe kans zou krijgen op het onderdeel toestelsprong om zich te kwalificeren voor de Europese Kampioenschappen turnen in Milaan.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2009-0237
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Civiel – Afdeling Handel

zaaknummer / rolnummer: 101511 / KG ZA 09-103

Vonnis in kort geding van 25 maart 2009

in de zaak van

[eiseres],

wonende te [plaats],

eiseres, hierna te noemen [eiseres],

advocaat mr. S.F.H. Jellinghaus te Tilburg,

tegen

de vereniging KONINKLIJKE NEDERLANDSE GYMNASTIEK UNIE,

gevestigd te Beekbergen, gemeente Apeldoorn,

gedaagde, hierna te noemen de KNGU,

advocaat mr. J.N. de Blécourt te Amsterdam.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de aanvrage van een kort-geding-datum op 19 maart 2009;

- de dagvaarding van 20 maart 2009;

- de door mr. I.A. de Brouwer die mr. Jellinghaus als advocaat verving, genomen akte houdende wijziging van eis;

- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling op 25 maart 2009, aanvangstijd 11:15 uur, waaruit onder meer blijkt dat de KNGU geen bezwaar had tegen de eiswijziging;

- de pleitnota van de KNGU.

2. De feiten

2.1. [eiseres] is turnster en lid van een bij de KNGU aangesloten turnvereniging.

2.2. Op 22 februari en 8 maart 2009 hebben de door de KNGU georganiseerde kwalificatiewedstrijden plaatsgevonden voor de Europese Kampioenschappen damesturnen (hierna: EK), die van 29 maart tot en met 5 april 2009 zullen plaatsvinden in Milaan.

2.3. Het door de KNGU opgestelde Traject EK van 23 januari 2009 houdt onder meer het volgende in:

“(…) KNGU delegatie: 4 turnsters

(…)

EK kwalificatieprocedure

(…)

9) Naar de EK worden (…) 4 turnsters uitgezonden. De volgorde van de 4 te kwalificeren turnsters geschiedt als volgt:

a) De eerste 3 beschikbare plaatsen zijn voor de beste 3 meerkampsters.

b) De 4e plaats is een aanwijsplaats door de Topsportmanager, op advies van de KNGU-bondstrainers. Deze kan worden toegewezen aan een toestelspecialist.

(…)”

2.4. [eiseres] heeft zich voor voormelde kwalificatiewedstrijden aangemeld door middel van een inschrijfformulier van de KNGU. Op dit formulier, dat gedateerd is op 31 januari 2009, staan onder meer haar naam en geboortedatum en daarop zijn tevens de onderdelen aangekruist waarop [eiseres] zich wil inschrijven. Op het formulier staat onder de aanduidingen “Meerkamp”, “Brug”, “Balk” en “Vloer” één kruis en onder de aanduiding “Sprong” twee kruisen. Met ”Sprong” is een toestelsprong bedoeld over wat vroeger een paard of bok heette en nu een “Pegasus”.

2.5. Op 20 februari 2009 heeft [naam consulent], Consulent Topsport, aan onder meer de sportvereniging Dynamics Gymnastics, waarbij [eiseres] haar sport uitoefent, een

e-mailbericht gestuurd, dat onder meer het volgende inhoudt:

(…) A.s. zondag is de eerste kwalificatiewedstrijd in Amsterdam.

Voor de volledigheid nog even het volgende!! Voor diegenen die twee sprongen willen doen op de kwalificatiewedstrijd geldt, dat dit vooraf bij binnenkomst gemeld dient te worden bij de wedstrijdleiding!! Vooralsnog is dit alleen van [eiseres] bekend. (…)”

2.6. Op 21 februari 2009 is [eiseres] vanwege een scheenbeenblessure bij

e-mailbericht aan [naam consulent] afgemeld voor de wedstrijd van 22 februari 2009.

2.7. Aan de wedstrijd van 8 maart 2009 heeft [eiseres] wel deelgenomen. Ongeveer een uur vóór aanvang van de wedstrijd is aan de begeleider van [eiseres] de working order overhandigd. Deze working order bevat de volgorde van deelname van de turnsters ten aanzien van de vier toestellen. Het onderdeel sprong staat twee maal op de working order vermeld vanwege de mogelijkheid voor de turnsters om twee sprongen uit te voeren. Op de working order van de wedstrijd van 8 maart 2009 staat onder de eerste sprong onder meer [eiseres] vermeld en onder de tweede enkel de naam van [naam].

2.8. Na aanvang van de wedstrijd op 8 maart 2009 heeft de begeleider van [eiseres] aan de wedstrijdleiding gevraagd of [eiseres] ook een tweede sprong mocht doen. Op dat verzoek is door de wedstrijdleiding vervolgens afwijzend gereageerd.

2.9. [eiseres] heeft één sprong uitgevoerd en vervolgens de overige onderdelen van de meerkamp (brug, balk en vloer) afgewerkt. Uiteindelijk is [eiseres] in de meerkamp als negende en laatste geëindigd.

2.10. Op 9 maart 2009 heeft de KNGU bekendgemaakt welke turnsters zich gekwalificeerd hadden voor de EK. Dit waren conform het bekendgemaakte Traject EK allereerst de beste drie meerkampsters. De vierde turnster is aangewezen door de Topsportmanager, die gekozen heeft voor de meerkampster die als vierde was geëindigd in de kwalificatiewedstrijden.

2.11. Bij e-mailbericht van 11 maart 2009 heeft de secretaris van Dynamic Gymnastics de wedstrijdleiding van de kwalificatiewedstrijden om opheldering gevraagd over haar mededeling tijdens de wedstrijd van 8 maart 2009, dat [eiseres] geen twee sprongen mocht uitvoeren op grond dat zij dat van tevoren niet had aangegeven.

2.12. Op 17 maart 2009 heeft de secretaris van Dynamic Gymnastics aan [naam directeur], directeur van het bondsbureau van de KNGU, een e-mailbericht gestuurd dat onder meer het volgende inhoudt:

“(…) Op 11 maart jl. hebben wij bijgaande e-mail gestuurd (…) aangaande de gang van zaken rondom de EK-kwalificatie van 8 maart jl. In deze e-mail hebben wij gevraagd om opheldering aangaande de selectieprocedure en de uitvoering hiervan (…). Wij zijn van mening dat turnster [eiseres] onterecht een tweede sprong is ontnomen hetgeen naar onze mening leidde tot een onrechtmatigheid in de kwalificatieprocedure hetgeen inhoudt dat de procedure zoals deze onder auspiciën van de KNGU is uitgevoerd niet zonder meer rechtsgeldig is. (…)”

3. Het geschil

3.1. [eiseres] vordert – na wijziging van eis - dat de voorzieningenrechter bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:

1. de KNGU zal veroordelen om binnen zes uur na betekening van het te wijzen vonnis over te gaan tot het ongeldig verklaren van de uitkomst van de EK kwalificatieprocedure van 8 maart 2009 en/of [eiseres] in de gelegenheid te stellen zich alsnog te kwalificeren door een nieuwe selectieprocedure te organiseren of anderszins, een en ander op een datum gelegen voor de Europese Kampioenschappen van 29 maart tot

5 april 2009 en zodanig dat de kwalificatie tijdig plaats kan vinden, onder veroordeling van de KNGU tot een dwangsom van EUR 10.000,00 per dag dat de KNGU weigert tot de gevraagde maatregelen en medewerking over te gaan, althans een in goede justitie te bepalen bedrag;

2. de KNGU zal veroordelen in de kosten van het geding, waaronder begrepen het verschuldigde griffierecht en het tot aan deze uitspraak volgens het toepasselijke liquidatietarief begrote bedrag aan salaris, te voldoen binnen veertien dagen na dagtekening van het vonnis, en indien voldoening niet binnen deze termijn plaatsvindt, vermeerderd met de wettelijke rente daarover, te rekenen vanaf de datum van het vonnis.

3.2. [eiseres] heeft aan haar vordering ten grondslag geleg dat de KNGU onrechtmatig jegens haar heeft gehandeld door in strijd met haar wedstrijdbepalingen en in strijd met de zorgvuldigheid die jegens [eiseres] in acht had moeten worden genomen, haar een poging te weigeren om zich te kwalificeren op het onderdeel sprong. Volgens [eiseres] had zij op het inschrijvingsformulier duidelijk vermeld, dat zij twee sprongen wenste uit te voeren en ook tijdens de wedstrijd gevraagd of zij een tweede sprong mocht uitvoeren, maar heeft de wedstrijdleiding haar dat ten onrechte geweigerd. Hierdoor is [eiseres] uitgesloten voor de EK.

3.3. De KNGU voert verweer. Zij heeft aangevoerd dat het juist is dat [eiseres] zich voorafgaande aan de wedstrijd voor twee sprongen had aangemeld, maar dat het naast de schriftelijke aanmelding noodzakelijk is en in de turnwereld algemeen bekend dat deelnemers voor een wedstrijd zich op de wedstrijddag zelf, voordat de wedstrijd begint, bij de wedstrijdleiding dienen te melden en moeten aangeven wat zij die dag willen doen. Volgens de KNGU heeft [eiseres] op de wedstrijddag niet bij binnenkomst gemeld dat zij twee sprongen wilde doen, maar pas toen de wedstrijden al waren begonnen. Evenmin is na het uitreiken van de working order door [eiseres] of haar begeleider gereageerd met de mededeling dat zij twee sprongen wilde doen, hoewel uit die working order duidelijk bleek dat de wedstrijdleiding ervan uitging dat zij maar één sprong zou doen. Gedurende de voor de warming up en het in-turnen benodigde tijd is er geen ruimte meer voor wijzigingen in de working order, laat staan als de wedstrijden al een aanvang hebben genomen.

Verder is volgens de KNGU op die laatste wedstrijddag van de 8e maart 2009 geen sprake geweest van enig protest van de zijde van [eiseres] tijdens of na de wedstrijd. Bij de KNGU heeft [eiseres] eerst op 11 maart 2009 bezwaar geuit hoewel de namen van de voor de EK geselecteerde turnsters reeds op 9 maart 2009 waren bekendgemaakt. De KNGU stelt dat zij gebonden is aan uitzending van de vier thans aangewezen turnsters en dat zij pas onrechtmatig zou handelen indien zij nu één van hen zou terugtrekken; dat geldt ook voor de ene reserve. Ook het aanwijzen van een vijfde deelneemster behoort volgens de KNGU niet tot de mogelijkheden, omdat de Nederlandse equipe kan bestaan uit maximaal vier turnsters en het aanwijzen van een vijfde persoon op basis van de Europese reglementen nu eenmaal niet tot de mogelijkheden behoort.

Ten slotte heeft de KNGU aangevoerd dat, gezien de score van de eerste sprong van [eiseres] en haar prestatie tijdens een eerdere wedstrijd in Leverkusen het afgelopen najaar, de kans dat zij voor een tweede sprong een dusdanige score zou hebben behaald dat zij door de Topsport Manager ten koste van de als vierde geëindigde meerkampster als toestelspecialist zou zijn aangewezen, uiterst gering is.

4. De beoordeling

4.1. Vast staat dat [eiseres] reeds begin februari 2009 op het inschrijfformulier had vermeld dat zij twee sprongen wenste uit te voeren. Daartegen heeft de KNGU

- onweersproken – ingebracht dat een working order op de wedstrijddag maatgevend is en dat op 8 maart 2009 ook na het uitreiken daarvan aan (de begeleider van) [eiseres] niet om aanpassing is verzocht en evenmin tijdens of direct na de wedstrijd door [eiseres] protest is aangetekend tegen de weigering van de wedstrijdleiding om een tweede sprong toe te staan.

Resteert de vraag of uit de inschrijving niet een andere working order had moeten worden afgeleid en of daarin onrechtmatig handelen van de KNGU jegens [eiseres] gelegen is en daaruit een eventuele aanspraak op schadevergoeding voortvloeit. De tijd ontbreekt om terzake aangeboden getuigen of zelfs deskundigen te horen, maar een prognose van de feitenvaststelling door de bodemrechter kan in dit geval achterwege blijven.

4.2. De voorzieningenrechter is van oordeel dat – los van de vraag of [eiseres] een nadere melding had moeten doen op de wedstrijddag – de vordering niet toewijsbaar is, aangezien vast staat dat reeds op 9 maart 2009 de vier voor de EK geselecteerde turnsters bekend zijn gemaakt, te weten de beste drie meerkampsters en in plaats van een toestelspecialiste de als vierde in de kwalificatiewedstrijd geëindigde - door de Topsportmanager aangewezen - meerkampster. [eiseres] heeft eerst op 11 maart 2009 geprotesteerd tegen de weigering om een tweede sprong te mogen uitvoeren.

Inmiddels is de inschrijving voor de EK in Milaan reeds gesloten. Voor de KNGU is het dan ook onmogelijk om een reeds ingeschreven turnster – die haar trainingsprogramma op de EK is gaan afstemmen - terug te trekken en een andere turnster daarvoor in de plaats te stellen. Dat maakt het ook zinloos om [eiseres] een poging te gunnen, zich alsnog te kwalificeren, temeer nu voormeld Traject EK bij een uitzonderlijke prestatie op een meerkamp-onderdeel geen afdwingbare aanspraak op EK-deelname kende. Gelet op de onmogelijkheid van naleving van de met een dwangsom te sanctioneren veroordeling tot het mogelijk maken van EK-deelname en de daaruit voortvloeiende zinloosheid van herkwalificatie zullen alle vorderingen van [eiseres] worden afgewezen.

4.3. [eiseres] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van KNGU worden begroot op:

- vast recht EUR 262,00

- salaris advocaat 816,00

Totaal EUR 1.078,00

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. wijst de vorderingen af;

5.2. veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, aan de zijde van de KNGU tot op heden begroot op EUR 1.078,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de vijftiende dag na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling;

5.3. verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. G. Vrieze en onmiddellijk na de mondelinge behandeling op 25 maart 2009 om 12:30 uur in het openbaar uitgesproken.