Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2016:1938

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
06-04-2016
Datum publicatie
06-04-2016
Zaaknummer
C/13/604133 / KG ZA 16-267
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Kort geding, Vordering internetbedrijf (dienstverlening aan ‘vloggers’) tot inzage in computers en software van door (ex-)werknemer opgezet bedrijf afgewezen. Grondslag vordering onvoldoende duidelijk.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2016/1130
AR-Updates.nl 2016-0368
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

zaaknummer / rolnummer: C/13/604133 / KG ZA 16-267 MvdV/MB

Vonnis in kort geding van 6 april 2016

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ZOOM.IN B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

eiseres in conventie bij dagvaarding op verkorte termijn van 15 maart 2016,

verweerster in reconventie,

advocaat mr. J.B.R. Regouw te Amsterdam,

tegen

1 [gedaagde sub 1] ,

wonende te [woonplaats] ,

2. de rechtspersoon naar het recht van Ierland,

ILLUMINATA MEDIA LIMITED,

gevestigd te Dublin (Ierland),

gedaagden in conventie,

eisers in reconventie,

advocaat mr. Th.J. Bousie te Amsterdam.

1 De procedure

Ter terechtzitting van 23 maart 2016 heeft eiseres, hierna: Zoom.in, gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding en akte wijziging van eis, met dien verstande dat zij de vorderingen tegen [naam 1] (hierna: [naam 1] ) heeft ingetrokken. Gedaagden, hierna gezamenlijk [gedaagden sub 1] en afzonderlijk [gedaagde sub 1] en Illuminata, hebben verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorzieningen, en vervolgens in reconventie, na vermindering van eis als na te melden, gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte akte. Zoom.in heeft de vorderingen in reconventie bestreden. Zoom.in en [gedaagden sub 1] hebben producties en een pleitnota in het geding gebracht. Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen.
Ter zitting waren aanwezig:

aan de zijde van Zoom.in: [naam 2] , CFO, [naam 3] , directeur IT,

mr. Regouw en zijn kantoorgenote mr. R.H. Stam;

Aan de zijde van [gedaagden sub 1] : [naam 4] , CEO van Illuminata, mr. Bousie en zijn kantoorgenoot mr. L. Keukens.

2 De feiten

2.1.

Zoom.in is opgericht op 1 april 2003. Zoom.in verleent onder meer diensten aan videomakers die hun eigen filmpjes (‘content’) online zetten via de website YouTube. De dienstverlening van Zoom.in houdt onder meer in het bij elkaar brengen van vele afzonderlijke kanalen van individuele videomakers in één overkoepelend netwerk (MCN). De inkomsten van Zoom.in (en van de videomakers) hieruit zijn met name afkomstig uit advertenties die rond de filmpjes op internet worden geplaatst.

2.2.

Enig aandeelhouder en bestuurder van Zoom.in is Zoom.in Group B.V. waarvan [naam 5] en [naam 2] bestuurders zijn. [gedaagde sub 1] was Managing director MCN van Zoom.in. [naam 1] was bij Zoom.in in dienst als software engineer.

2.3.

In de arbeidsovereenkomst van [gedaagde sub 1] , die inging op 12 september 2011 en gold tot en met 31 december 2011, is als ‘voorlopige functietitel’ voor [gedaagde sub 1] vermeld: ‘International Business Development Director Zoom.in’ en heeft hij zich verbonden ‘alle werkzaamheden, welke haar [hem] door of namens de werkgever redelijkerwijze kunnen worden opgedragen en welke met de bedrijven van de werkgever in verband staan, naar beste vermogen te verrichten’. Verder staat in de arbeidsovereenkomst, voor zover hier van belang:

14. Intellectueel eigendom/industrieel eigendom

14.1

Voor zover althans de hierna te noemen rechten niet reeds van rechtswege aan een werkgever toekomen uit hoofde van het tussen partijen geldende overeenkomst, verbindt de werknemer zich over te dragen en draagt voor zover mogelijk, reeds nu voor alsdan, aan de werkgever over alle rechten, van welk aard ook op en voorvloeiende uit ideeën, concepten, ontdekkingen, uitvindingen, verbeteringen, ontwikkelingen, voortbrengselen en/of producten van de werknemer die hij in het kader van de uitoefening van zijn functie voor de werkgever heeft verkregen, doen ontstaan en/of mede heeft doen ontstaan, zowel in Nederland als daarbuiten.”

De arbeidsovereenkomst bevat een verbod tot het verrichten van nevenwerkzaamheden en een (non-)concurrentiebeding. De overeenkomst is verlengd.

2.4.

Eind 2013/begin 2014 is Illuminata opgericht. Ook Illuminata is een digitaal media bedrijf en houdt zich bezig met (dienstverlening aan) MCN’s. Ook houdt Illuminata aandelen in diverse MCN’s. Aandeelhouders van Illuminata zijn (of waren tot voor kort) [gedaagde sub 1] Rotterdam Beheer B.V. (hierna: [gedaagde sub 1] Beheer), [naam 6] (de echtgenote van [naam 1] ) en [naam 7] , een voormalige stagiair van Zoom.in.

2.5.

Op 9 juli 2015 zijn Zoom.in en [gedaagde sub 1] een addendum op de arbeidsovereenkomst van [gedaagde sub 1] overeengekomen, waarin eveneens een (non-)concurrentiebeding is opgenomen en artikel 14 is vervangen door artikel 5, dat voor zover van belang als volgt luidt:

All rights regarding intellectual property, including, but not limited to copyright and patent, design and trade mark rights, that the Employee has brought into being or has been instrumental in bringing into being, either independently or not, or has discovered or conceived, shall accrue to the Company irrespective of whether the intellectual property has been created within or outside the period of work (during the Employment Agreement and within a period of 1 year following termination thereof) and also irrespective of whether the nature of the Employment Agreement directly or indirectly involves bringing into being, discovering or conceiving intellectual property. (…)

2.6.

Onder de gedingstukken (productie 10 van Zoom.in) bevindt zich een overeenkomst “Heads of Agreement” genoemd tussen Creative Nation (CN), Zoom.in en Illuminata, gesloten op 11 september 2015, waarin onder meer is overeengekomen dat:

- Zoom.in aan CN een licentie verstrekt voor het gebruik van de Zoom.in Network Management software;

- Zoom.in een aandelenbelang van 10% krijgt in het kapitaal van CN;

- CN maandelijks een licentievergoeding betaalt van 10% van de “Gross Margin” van CN;

- Zoom.in zal bewerkstelligen dat CN een zelfstandige status krijgt als MCN binnen YouTube;

- Illuminata 39,99% van de aandelen krijgt in het kapitaal van CN.

In deze overeenkomst (hierna: de tripartite-overeenkomst) is bepaald dat Iers recht van toepassing is daarop en dat de Ierse rechter bij uitsluiting bevoegd is in (ook niet-contractuele) geschillen voortvloeiend uit of samenhangend met deze overeenkomst.

2.7.

Zoom.in enerzijds en [gedaagde sub 1] en [naam 1] anderzijds zijn met elkaar in conflict geraakt, omdat volgens Zoom.in [gedaagden sub 1] en [naam 1] door hun (indirecte) aandelenbelangen in Illuminata, waarvan Zoom.in aanvankelijk niet op de hoogte was, en hun werkzaamheden voor Illuminata, Zoom.in onrechtmatige concurrentie aandoen. Zoom.in heeft om die reden [gedaagde sub 1] en [naam 1] (aanvankelijk) op staande voet ontslagen op 9 februari 2016. Het ontslag van [naam 1] is vervolgens weer ingetrokken, nadat [naam 1] en [naam 6] een vaststellingsovereenkomst hadden ondertekend. Daarin was ook een overdracht van de aandelen van [naam 1] (althans van [naam 6] ) in Illuminata aan Zoom.in geregeld.

2.8.

Op vordering van Zoom.in heeft het High Court in Dublin (Ierland) op

9 februari 2016 een ‘freezing order’ uitgevaardigd, die inhoudt dat het Illuminata c.s. voorlopig is verboden om aandelen Illuminata te vervreemden.

2.9.

Bij vonnis van 4 maart 2016 heeft de voorzieningenrechter van deze rechtbank Zoom.in op vordering van [naam 1] c.s. veroordeeld om de overdracht van het aandelenbelang van [naam 1] ( [naam 6] ) in Illuminata met onmiddellijke ingang te (doen) staken en gestaakt te (doen) houden, omdat zij niet onaannemelijk achtte dat de bodemrechter zou oordelen dat de vaststellingsovereenkomst tussen Zoom.in en [naam 1] tot stand is gekomen met misbruik van omstandigheden door Zoom.in. Inmiddels heeft Zoom.in een nieuwe vaststellingsovereenkomst gesloten met [naam 1] .

2.10.

Bij e mail van 4 maart 2016 heeft CN bij Zoom.in geklaagd dat zij niet de maandelijkse betaalgegevens heeft ontvangen, zodat zij haar klanten niet kan betalen, en dat zij geen contact kon krijgen met [gedaagde sub 1] . In deze e-mail staat onder meer:

As you know, a key component of Creative Nation’s use of the ZoomIn software is the provision of the monthly payment details owed by Creative Nation to it’s partners. (…) It is a key part of the functionality of the ZoomIn service. It is critical to Creative Nation’s business that this information be received so that payments can be made to its partners on the same day of each month.”

2.11.

Op 8 maart 2016 heeft Zoom.in onder anderen [gedaagden sub 1] gedagvaard in een bodemprocedure bij deze rechtbank en gevorderd voor recht te verklaren dat [gedaagden sub 1] schadeplichtig zijn jegens Zoom.in vanwege hun

betrokkenheid bij Illuminata.

2.12.

Op 14 maart 2016 heeft de voorzieningenrechter van deze rechtbank aan Zoom.in verlof verleend om beslag te leggen ten laste van [gedaagde sub 1] . Inmiddels heeft Zoom.in op basis van dit verlof beslag gelegd onder drie banken en op het woonhuis van [gedaagde sub 1] .

3 Het geschil in conventie

3.1.

Zoom.in vordert, na wijziging van eis, hoofdelijke veroordeling van

[gedaagden sub 1] om aan Zoom.in in de persoon van [naam 3] ,

A. (i) primair:

om de volgende informatie en onderliggende gegevensdragers te verstrekken:

volledige toegang tot de server(s) waar de applicatie ten behoeve van Creative Nation op draait, inclusief alle benodigde wachtwoorden om de applicatie te kunnen bedienen;

subsidiair: te bevelen om de volledige Network Management Software of andere van Zoom.in afkomstige of van haar software afgeleide software die

ten behoeve van Creative Nation draait op een computer die niet voor Zoom.in toegankelijk is (a) te installeren en toegankelijk te maken op een door Zoom.in aan te wijzen server en (b) deze software te verwijderen van de server(s) waar gedaagden toegang toe hebben, onder overlegging van bewijsstukken inzake die verwijdering;

en aan Zoom.in te verstrekken:

(ii) volledige toegang tot het versie beheersysteem waar de versies van de applicatie ten behoeve van Creative Nation worden beheerd, waaronder in ieder geval de URL, username, passwords en eventuele contracten;

(iii) een puntsgewijze beschrijving van de verschillen met de Zoomin.TV configuratie;

(iv) het databasemodel en een omschrijving waar deze verschilt met de Zoomin.TV database;

(v) volledige toegang tot de testomgeving waar de applicatie voor Creative Nation wordt ontwikkeld;

(vi) een beschrijving waar de verwerkingswijze van Creative Nation applicatie afwijkt van de Zoomin.TV werkwijze;

(vii) alle gegevens met betrekking tot de tenaamstelling van de server(s) en directe medewerking tot omzetting hiervan naar Zoomin.TV, waaronder in ieder geval alle informatie met betrekking tot de vraag op wiens naam het hosting contract nu geregistreerd staat en wie de eigenaar is van de server(s);

(viii) de locatie en configuratie van de server(s), waaronder in ieder geval de hardware beschrijving, systeeminstelling, firewall en anti-virus settings en de beschermingswijze tegen ddos attack, en daarnaast voor al deze punten de relevante usernames, passwords en contracten;

(ix) alle informatie en overige zaken die nodig zijn om de veronderstelde contractuele verplichtingen van Zoom.in naar Creative Nation toe te kunnen nakomen;

B. [gedaagden sub 1] te bevelen om telkens binnen 24 uur volledig en naar waarheid alle informatie te verschaffen die Zoom.in van hen verlangt in verband met IT-gerelateerde zaken van Zoom.in waar Illuminata bij betrokken is (geweest);

Dit alles op straffe van verbeurte van dwangsommen en met (hoofdelijke) veroordeling van [gedaagden sub 1] in de kosten van dit geding.

3.2.

Zoom.in heeft ter toelichting op haar vorderingen, samengevat, het volgende gesteld. [gedaagden sub 1] hebben met gebruikmaking van software van Zoom.in, waarop Zoom.in de auteursrechten heeft, extra diensten verleend ten behoeve van CN. Dat was Zoom.in niet bekend. Zoom.in ging er vanuit dat CN alleen een licentie had voor het gebruik van die software. Nu [gedaagde sub 1] blijkbaar samen met [naam 1] deze (aanvullende) werkzaamheden maandenlang voor CN heeft verricht, zijn deze deel gaan uitmaken van de overeenkomst tussen CN en Zoom.in. Zoom.in kan deze werkzaamheden echter niet uitvoeren zonder toegang tot de servers van Illuminata. Zoom.in loopt daarom het risico om door CN te worden aangesproken wegens wanprestatie, sterker nog, dat is in feite al gebeurd met de e-mail van 4 maart 2016 van CN. [naam 1] heeft inmiddels de hem bekende informatie aan Zoom.in verstrekt, in het kader van de (nieuwe) vaststellingsovereenkomst, maar er ontbreken nog een aantal zaken die alleen [gedaagden sub 1] aan Zoom.in ter beschikking kunnen stellen. Zij dienen dan ook te worden veroordeeld tot het verschaffen van de gevorderde gegevens aan Zoom.in.

3.3.

[gedaagden sub 1] voeren verweer en hebben daartoe onder meer bestreden dat de auteursrechten op de software waarvan CN gebruik maakt, berusten bij Zoom.in. Verder betwisten zij de bevoegdheid van deze rechtbank, aangezien op grond van de tripartite-overeenkomst gekozen is voor de Ierse rechter.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 Het geschil in reconventie

4.1.

[gedaagden sub 1] vorderen, samengevat en na vermindering van eis (waarbij zij het gevorderde onder II en III in de akte hebben ingetrokken):

- veroordeling van Zoom.in, op straffe van verbeurte van dwangsommen, om aan [gedaagde sub 1] af te geven de laptop type HP Pro book 6460;

- opheffing van het (door de Ierse rechter opgelegde) verbod op het (meewerken aan het) vervreemden van aandelen Illuminata.

Daarnaast vorderen zij, kort gezegd, in het geval het (Ierse) verbod tot vervreemding van de aandelen niet wordt opgeheven, opheffing van de beslagen ten laste van [gedaagde sub 1] . Tot slot vorderen zij veroordeling van Zoom.in in de proceskosten.

4.2.

Zoom.in voert verweer.

4.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

5 De beoordeling in conventie

5.1.

Anders dan [gedaagden sub 1] hebben bepleit acht de voorzieningenrechter zich bevoegd om kennis te nemen van het geschil tussen partijen. Wat betreft [gedaagde sub 1] is deze bevoegdheid gebaseerd op de hoofdregel dat bevoegd is het gerecht in de woonplaats van gedaagde, in dit geval Amsterdam (artikel 99 Rv).Ten aanzien van Illuminata heeft Zoom.in haar vorderingen mede gebaseerd op onrechtmatige daad. Op grond van artikel 7 lid 2 van de herschikte EEX-Verordening is bevoegd het gerecht in de plaats waar het schadebrengende feit zich voordoet of heeft voorgedaan. Zoom.in heeft toegelicht dat de schade zich manifesteert in het onrechtmatige gebruik van haar software. Op grond van deze stelling van Zoom.in kan worden aangenomen dat het gestelde schadebrengende feit zich voordoet in de plaats waar Zoom.in is gevestigd, te weten Amsterdam. Ook dit brengt bevoegdheid van deze rechtbank met zich. Dat in de tripartite overeenkomst een rechtskeuze is gemaakt voor de Ierse rechter doet daar niet aan af, aangezien de vorderingen van Zoom.in niet rechtstreeks daaruit voortvloeien of daarmee samenhangen.

5.2.

Zoom.in enerzijds en [gedaagde sub 1] (en diens vennootschap [gedaagde sub 1] Rotterdam Beheer B.V.) anderzijds zijn met elkaar in diverse procedures verwikkeld, onder meer over de vraag of [gedaagde sub 1] door zijn werkzaamheden voor en aandeelhouderschap in Illuminata zich schuldig heeft gemaakt aan onrechtmatige concurrentie jegens Zoom.in. Dit is echter geen onderwerp van het nu voorliggende kort geding, noch kan er binnen dit kort geding op de uitkomst van deze procedures vooruit worden gelopen. CN is in deze procedures niet betrokken en kan worden aangemerkt als een zelfstandige derde partij.

5.3.

Tussen partijen is niet in geschil dat CN over een licentie beschikt om de software van Zoom.in te gebruiken. Verder is sprake van een tripartite overeenkomst tussen Zoom.in, Illuminata en CN, waarbij (onder meer) een licentievergoeding is afgesproken. In deze overeenkomst is niets geregeld over door Zoom.in te verrichten nadere werkzaamheden ten behoeve van CN. Vast staat inmiddels dat [gedaagde sub 1] , respectievelijk [naam 1] dergelijke werkzaamheden ten behoeve van CN hebben uitgevoerd.

5.4.

Volgens Zoom.in dienen [gedaagden sub 1] de ten behoeve van CN gebruikte toegangscodes en gegevens aan Zoom.in te verstrekken, omdat Zoom.in anders niet de werkzaamheden kan uitvoeren die uit de gebruiksrechten van CN op de ‘Zoom.in software’ zouden voortvloeien. Zoom.in heeft echter zelf gesteld dat de werkzaamheden die [gedaagden sub 1] respectievelijk [naam 1] ten behoeve van CN hebben verricht aanvullende werkzaamheden zijn, die niet vielen onder de tussen Zoom.in en CN gemaakte afspraken en die ook geen deel uitmaken van het standaard pakket dat Zoom.in aan haar MCN klanten pleegt te leveren. Zoom.in heeft zelf in haar dagvaarding gesteld dat het ‘volstrekt nieuw’ voor haar was dat [naam 1] ‘aanvullende diensten’ leverde ten behoeve van CN en dat haar van enige verdere ondersteuning of dienstverlening aan CN, die Zoom.in zelf kwalificeert als ‘extra activiteiten’ niets bekend was. Naar de voorzieningenrechter begrijpt bestond die ‘extra dienstverlening’ met name uit het verrichten van administratieve en financiële diensten ten behoeve van CN, waarvoor [naam 1] , althans [gedaagde sub 1] , aparte software zou hebben ontwikkeld, aangepast aan de wensen van CN.

5.5.

Voorshands valt niet in te zien dat deze extra werkzaamheden thans tot het takenpakket van Zoom.in zijn gaan behoren. Zoom.in heeft niet duidelijk kunnen maken uit hoofde van welke afspraken voortvloeit dat zij aansprakelijk kan worden gesteld voor enig tekortschieten in dit verband. Weliswaar heeft CN zich tot Zoom.in gewend toen zij niet de financiële overzichten ontving die [gedaagden sub 1] (althans [naam 1] ) haar pleegden toe te zenden, maar dat creëert nog niet zonder meer verplichtingen aan de kant van Zoom.in. Dat het verrichten van de aanvullende diensten ‘onbedoeld’ onderdeel zou zijn gaan uitmaken van de gemaakte afspraken vastgelegd in de tripartite overeenkomst, zoals Zoom.in heeft gesteld, kan de voorzieningenrechter voorshands niet volgen, aangezien deze daarin niet zijn opgenomen. [gedaagden sub 1] hebben verder onbetwist gesteld dat zij inmiddels aan het verzoek van CN hebben voldaan, zodat een risico van schadeclaims vooralsnog niet aanwezig is.

5.6.

Ook kan er, anders dan Zoom.in heeft bepleit, niet zonder meer van worden uitgegaan dat de auteursrechten op de aan CN ter beschikking gestelde software liggen bij Zoom.in. In de eerste plaats zijn partijen het er niet over eens of [gedaagde sub 1] dan wel [naam 1] de software heeft ontworpen. Als dat [naam 1] was betekent dat niet automatisch dat de rechten aan Zoom.in toekomen. Weliswaar brengt artikel 7 Auteurswet mee dat als maker van een werk wordt aangemerkt degene in wiens dienst de werken zijn vervaardigd, maar dat is alleen het geval indien de arbeid van de desbetreffende werknemer bestaat uit het vervaardigen van die werken. Deze bepaling dient beperkt te worden uitgelegd, in die zin dat als de werknemer werken vervaardigt die nuttig kunnen zijn voor de werkgever, maar niet behoren tot zijn taakomschrijving, buiten het toepassingsgebied vallen van artikel 7. Nu CN kennelijk gebruik maakte van (door hetzij [naam 1] hetzij [gedaagde sub 1] ) ontworpen software die voor andere doeleinden was bestemd dan voor uitvoering van de contractuele verplichtingen van Zoom.in en buiten de scope van de reguliere werkzaamheden van [naam 1] en [gedaagde sub 1] viel, is die situatie hier mogelijk aan de orde. Of [gedaagde sub 1] , die blijkens zijn arbeidsovereenkomst in beginsel zijn intellectuele eigendomsrechten bij voorbaat aan Zoom.in heeft overgedragen, als ontwerper van software kan worden aangemerkt en welke software dat dan zou betreffen, kan zonder nader onderzoek naar de feiten, waarvoor het kort geding zich niet leent, vooralsnog niet met voldoende zekerheid worden vastgesteld. Al met al bestaat voorshands onvoldoende grondslag om aan te nemen dat [gedaagden sub 1] Zoom.in toegang dienen te verlenen tot op de servers van Illuminata geïnstalleerde software en deze dient te installeren op de servers van Zoom.in, alsook om de gegevensdragers te verstrekken, omdat de software ‘van Zoom.in’ zou zijn.

5.7.

Het voorgaande betekent dat de vorderingen onder A niet toewijsbaar zijn.

5.8.

Het gevorderde onder B (om [gedaagden sub 1] te bevelen “om telkens binnen 24 uur volledig en naar waarheid “alle informatie te verschaffen die Zoom.in van hen verlangt in verband met IT-gerelateerde zaken van Zoom.in waar Illuminata bij betrokken is (geweest)”) is evenmin toewijsbaar. [gedaagden sub 1] hebben terecht aangevoerd dat deze vordering te ruim is geformuleerd, zodat bij toewijzing ervan het risico op executiegeschillen te groot is.

5.9.

Als de in het ongelijk gestelde partij zal Zoom.in worden veroordeeld in de kosten van dit geding.

6 De beoordeling in reconventie

6.1.

[gedaagden sub 1] heeft allereerst veroordeling gevorderd van Zoom.in tot afgifte van ‘zijn laptop’, die thans in bezit is van Zoom.in. Niet in geschil is dat deze laptop aanvankelijk toebehoorde aan Zoom.in. Zoom.in heeft dat ook aangetoond met het aankoopbewijs. Volgens [gedaagde sub 1] zou de laptop naderhand aan hem zijn geschonken. [gedaagden sub 1] heeft echter niet, althans onvoldoende onderbouwd, weersproken dat, zoals Zoom.in heeft gesteld, dat is gebeurd onder de opschortende voorwaarde dat [gedaagde sub 1] alle zakelijke informatie van Zoom.in op de laptop zou verwijderen en dat aan deze voorwaarde niet is voldaan. Vooralsnog kan daarom niet worden aangenomen dat de laptop eigendom is van [gedaagde sub 1] , zodat dit onderdeel van de vordering wordt afgewezen.

6.2.

De tweede vordering in reconventie betreft opheffing van de door de Ierse rechter opgelegde ‘freezing order’, waarbij aan [gedaagden sub 1] een verbod tot vervreemding van de aandelen Illuminata is opgelegd. Op grond van artikel 4 lid 1 van Rome II moet de eventuele onrechtmatigheid van de freezing order worden beoordeeld naar Iers recht. Zoom.in heeft onweersproken gesteld dat [gedaagden sub 1] niet bij het gerecht te Dublin zijn verschenen op 16 februari 2016 voor de mondelinge behandeling van de freezing order en dat de behandeling vervolgens is aangehouden tot 12 april 2016, op welke datum [gedaagden sub 1] alsnog hun bezwaren onder de aandacht van de Ierse rechter kunnen brengen. Dit kan voor Illuminata moeilijk bezwaarlijk zijn, aangezien zij in Ierland is gevestigd.

Vooralsnog bestaat geen grond om deze procedure bij de Ierse rechter (te beoordelen naar Iers recht) te doorkruisen door middel van opheffing van de maatregel in een Nederlands kort geding. Dat Zoom.in de Ierse rechter heeft misleid, zoals [gedaagden sub 1] heeft gesteld, of dat [gedaagden sub 1] een zwaarwegend belang zouden hebben bij een onmiddellijke opheffing van de freezing order, is voorshands niet aannemelijk geworden.

6.3.

Ook voor opheffing van de ten laste van [gedaagde sub 1] gelegde beslagen in Nederland bestaat onvoldoende grond. Vooralsnog is niet summierlijk gebleken van de ondeugdelijkheid van de aan de beslagen ten grondslag liggende vordering(en), noch van formele gebreken of van de onnodigheid van de beslagen. [gedaagden sub 1] hebben daartoe onvoldoende gesteld. Een belangenafweging leidt niet tot een ander oordeel.

6.4.

Het hiervoor overwogene leidt tot de slotsom dat ook de vorderingen in reconventie worden afgewezen, met veroordeling van [gedaagden sub 1] , als de in het ongelijk gestelde partij, in de proceskosten gevallen aan de zijde van Zoom.in. Vanwege de samenhang met het geding in conventie worden deze kosten tot heden begroot op nihil.

7 De beslissing

De voorzieningenrechter

In conventie:

7.1.

weigert de gevraagde voorzieningen;

7.2.

veroordeelt Zoom.in in de kosten van dit geding, tot heden aan de zijde van [gedaagden sub 1] begroot op:

– € 619,- € 619,- aan griffierecht en

– € 619,- € 816,- aan salaris advocaat;

In reconventie:

7.3.

weigert de gevraagde voorzieningen;

7.4.

veroordeelt [gedaagden sub 1] in de kosten van dit geding, tot heden aan de zijde van Zoom.in begroot op nihil;

In conventie en in reconventie:

7.5.

verklaart deze kostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.W. van der Veen, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. M. Balk, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 6 april 2016.1

1 type: MB coll: EB