Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2000:AA7476

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
12-10-2000
Datum publicatie
04-07-2001
Zaaknummer
KG 00/1613 OdC
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

OdC/ED

vonnis 12 oktober 2000

DE PRESIDENT VAN DE ARRONDISSEMENTSRECHTBANK TE AMSTERDAM, RECHTSPREKENDE IN KORT GEDING in de zaak:

rolnummer KG 00/1613 OdC van:

de STAAT DER NEDERLANDEN, gevestigd te ‘s-Gravenhage,

e i s e r bij dagvaarding van 11 augustus 2000,

procureur mr I.M.C.A. Reinders Folmer,

advocaat mr H.J.M. Boukema te ‘s-Gravenhage,

t e g e n :

[gedaagde], wonende te [woonplaats], mede handelende onder de naam De Digitale Advocaat en Advocaat,

g e d a a g d e ,

procureur mr M.Ch. Kaaks.

VERLOOP VAN DE PROCEDURE :

Ter terechtzitting van 2 oktober 2000 heeft De Staat gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding. [gedaagde] heeft verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorziening.

Na verder debat hebben partijen stukken, waaronder van weerszijden producties en pleitnotities, overgelegd voor vonniswijzing.

GRONDEN VAN DE BESLISSING :

1. In dit vonnis wordt uitgegaan van de volgende feiten.

a. [Gedaagde] drijft een eenmanszaak waarvan de bedrijfsomschrijving luidt:

"Juridisch adviesburo. Beheer en exploitatie van databanken op juridisch en maatschappelijk gebied. Het verrichten van Internetproviderdiensten. Adviseren en informeren inzake intellectuele eigendomsrechten."

b. In de zomer van 1999 heeft [gedaagde] de domeinnamen prinsjesdag.nl, troonrede.nl, miljoenennota.nl en regering.nl (hierna ook te noemen de domeinnamen) geregistreerd bij de Stichting Internet Domeinregistratie Nederland (hierna SIDN).

2. De Staat vordert thans - kort weergegeven - :

a. [Gedaagde] op straffe van een dwangsom te verbieden om de aanduidingen regering.nl, miljoenennota.nl, prinsjesdag.nl en troonrede.nl als domeinnaam te gebruiken;

b. te bepalen dat dit vonnis dezelfde kracht heeft als een akte tot overdracht van die domeinnamen van [gedaagde] aan De Staat;

c. [Gedaagde] te veroordelen in de kosten van dit geding.

3. De Staat stelt daartoe dat [gedaagde] onrechtmatig jegens haar handelt door de domeinnamen te registreren en te gebruiken gelet op de reflexwerking van de BeneluxMerkenWet (BMW) en de Handelsnaamwet (Hnw), de inbreuk op grondrechten van medeburgers op informatie van, en toegang tot, de overheid alsmede de Wet Misleidende Reclame.

4. [Gedaagde] heeft ter afwering van de vordering aangevoerd dat de domeinnamen aan hem zijn toegewezen door de toezichthouder SIDN na de liberalisering van het reglement. De Staat kan hem deze domeinnamen dan ook thans niet meer ontnemen.

Daarbij komt dat de website Prinsjesdag.nl nota bene waardering heeft gekregen van de zijde van de overheid en de overheid op deze site zelf adverteert.

Voorts zijn de sites volgens [gedaagde] niet opgezet uit commerciële motieven, bevatten de sites geen misleidende informatie en wordt er door [gedaagde] op geen enkele manier gesuggereerd dat de aangeboden informatie afkomstig is van de overheid.

Volgens [gedaagde] is niet met elkaar te verenigen dat De Staat thans wel optreedt tegen gebruik van deze domeinnamen als thema-of soortnaam maar niet tegen een digitale cadeauwinkel onder de naam Staat.nl. of bijvoorbeeld een cafeteria onder de naam Regering. Daarbij komt dat [gedaagde] te goeder trouw experimenteert met het medium internet. Hij is naar zijn zeggen geen domeinnaammakelaar zoals bijvoorbeeld Name Space.Tenslotte voert [gedaagde] aan dat de overheid zelf als beleid heeft geformuleerd dat zij zich tot de burger wendt via een duidelijke toegangspoort te weten www.overheid.nl en dat het ondoenlijk is alle aan de overheid gerelateerde termen en aanduidingen voor de Staat te reserveren.

Beoordeling:

5. Vooralsnog moet worden geoordeeld dat [gedaagde] onrechtmatig jegens De Staat handelt door de domeinnamen regering.nl, miljoenennota.nl, prinsjesdag.nl en troonrede.nl te registreren en te gebruiken. Het gebruik door een particulier van deze domeinnamen schept een verwarrende situatie. Bezoekers van de sites zullen verwachten dat het hier algemene informatie betreft van en over de regering, de miljoenennota, prinsjesdag en de troonrede en niet van een (hen onbekende) particulier over diens toegepaste selectie (en eventueel commentaar). De overheid wordt hierdoor bovendien gefrustreerd in haar mogelijkheid informatie onder haar burgers te verspreiden. Dat [gedaagde] op de sites aangeeft dat de informatie niet afkomstig is van de overheid maar van hemzelf, maakt dit niet anders. Daarbij komt dat niet valt in te zien waarom [gedaagde] nu juist deze namen heeft gekozen om burgers voor te lichten over de overheid. De overheid maakt immers al decennialang gebruik van deze namen en deze namen worden dan ook vanzelf met de overheid geassocieerd. [Gedaagde] kan zijn activiteiten op het internet op dit punt even goed voortzetten onder andere domeinnamen. Dit alles maakt dat het gebruik van de domeinnamen als onrechtmatig jegens De Staat moet worden aangemerkt.

6. De toewijzing door SIDN van deze domeinnamen aan [gedaagde] leidt niet tot een ander oordeel. Met die toewijzing staat, anders dan [gedaagde] betoogt, het rechtmatig gebruik van de domeinnamen niet vast. Het feit dat SIDN met zoveel woorden in haar documentatie de domeinnaam regering.nl noemt als een domeinnaam die op grond van haar reglement niet kan worden vergeven maar deze naam vervolgens wel aan [gedaagde] toekent, maakt dit niet anders. Waarom SIDN hier handelt in strijd met haar eigen documentatie is niet duidelijk maar [gedaagde] kan hoe dan ook aan de registratie door SIDN geen rechten ontlenen.

7. De waardering van de zijde van de overheid voor de website Prinsjesdag.nl en het feit dat de overheid zelf op deze site adverteert kunnen niet leiden tot het oordeel dat De Staat daarmee zijn recht tot het ageren tegen het gebruik door [gedaagde] van de domeinnamen heeft verloren. De e-mail van een medewerkster van het ministerie van Binnenlandse Zaken die opmerkt "leuke website, heel nuttig en informatief" is daartoe onvoldoende. Ook het feit dat de overheid middels de slogan "Nederland gaat digitaal" adverteert op de website Prinsjesdag.nl kan niet leiden tot de conclusie dat De Staat haar rechten op het gebruik van die domeinnamen heeft prijsgegeven.

8. Uit het feit dat het mogelijk is te adverteren op de websites van [gedaagde] volgt dat [gedaagde] in de toekomst mogelijk verder commercieel gebruik van die sites zal gaan maken. Wat hiervan verder ook zij, door het gebruik van de domeinnamen is ook zonder commerciële motieven sprake van verwarringwekkend gebruik voor bezoekers van die sites.

9. Het bestaan van een digitale kadowinkel met de domeinnaam Staat.nl kan evenmin leiden tot het oordeel dat [gedaagde] gerechtigd is de domeinnamen te voeren. Daarbij komt dat De Staat ter terechtzitting heeft aangegeven tegen het gebruik van deze domeinnaam te zullen gaan optreden.

10. Tenslotte leidt het voornemen van de overheid om de toegangspoort overheid.nl te (gaan) gebruiken evenmin een reden de vordering niet toe te wijzen. Dit doet immers niet af aan het verwarringwekkende gebruik van deze overheidsbegrippen als domeinnamen.

11. De vordering is toewijsbaar als volgt. De dwangsom zal worden gematigd en gemaximeerd als volgt. De volgende termijn komt redelijk voor. De gevraagde machtiging tot overdracht kan niet worden verstrekt, nu geen overdracht maar slechts een verbod tot gebruik van de domeinnamen wordt gevraagd.

12. [gedaagde] wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de kosten van dit geding.

B E S L I S S I N G :

1. Veroordeelt [gedaagde] om binnen 7 dagen na de betekening van dit vonnis het gebruik van de domeinnamen regering.nl, miljoenennota.nl, prinsjesdag.nl en troonrede.nl te staken en gestaakt te houden op straffe van een dwangsom van f.1.000,= per naam en per dag dat [gedaagde] in strijd handelt met deze veroordeling met een maximum van in totaal f.50.000,=.

2. Veroordeelt [gedaagde] in de kosten van dit geding, tot heden aan de zijde van De Staat begroot op ƒ 465,74 aan verschotten, waaronder ƒ 400,= wegens vastrecht en op ƒ 1.550,= aan salaris procureur.

3. Verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad.

4. Wijst het meer of anders gevorderde af.

Gewezen door de vice-president mr R. Orobio de Castro, fungerend president der Arrondissementsrechtbank te Amsterdam, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van donderdag 12 oktober 2000 in tegenwoordigheid van de griffier.

Coll.: