Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2015:775

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
31-03-2015
Datum publicatie
31-03-2015
Zaaknummer
13/04383
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2015:276, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2013:CA1461, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Economische zaak. HR: art. 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2015/496
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

31 maart 2015

Strafkamer

nr. S 13/04383 E

SR

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem,, Economische Kamer, van 21 mei 2013, nummer 21/004366-10, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1943.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. E.N. Bouwman, advocaat te Utrecht, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer H.A.G. Splinter-van Kan als voorzitter, en de raadsheren N. Jörg en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 31 maart 2015.