2 De beschuldigingen, de eis en het verweer
Wat verdachte verweten wordt is omschreven in de (gewijzigde) tenlastelegging, welke als bijlage I onderdeel uitmaakt van dit vonnis. De beschuldigingen komen – kort gezegd – op het volgende neer:
Feit 1
Verdachte heeft in de periode van 1 maart 2013 tot en met 3 februari 2014 in Nederland en in Syrië:
( i) samengespannen tot het plegen van moord en/of doodslag met een terroristisch oogmerk; en/of
(ii) het plegen van moord en/of doodslag, met een terroristisch oogmerk, voorbereid; en/of
(iii) zich gelegenheid, middelen of inlichtingen verschaft, dan wel kennis en/of vaardigheden verworven tot het plegen van enkele terroristische misdrijven, waaronder moord en het teweeg brengen van ontploffingen.
De feitelijke handelingen welke in deze drie varianten aan verdachte worden verweten (in de tenlastelegging opgesomd onder de letters A tot en met H) zijn steeds dezelfde.
Indien de rechtbank ter zake geen van deze varianten tot een veroordeling komt, acht het Openbaar Ministerie verdachte schuldig (feit 1 subsidiair) aan het plegen van voorbereidingshandelingen tot moord en/of het teweegbrengen van een ontploffing (zonder terroristisch oogmerk).
Feit 2
Verdachte heeft in de periode van 1 maart 2013 tot en met 23 april 2014 in Nederland (en/of in België) geschriften en afbeeldingen die opruien tot een terroristisch misdrijf verspreid dan wel deze ter verspreiding in voorraad gehad.
De officieren van justitie hebben gevorderd dat de rechtbank:
( i) verdachte vrij zal spreken van de eerste variant van feit 1, primair (samenspanning);
(ii) wettig en overtuigend bewezen zal verklaren dat verdachte de tweede en de derde ten laste gelegde variant van feit 1 primair heeft begaan; en
(iii) wettig en overtuigend bewezen zal verklaren dat verdachte de hem onder 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan.1
De officieren hebben gevorderd dat de rechtbank verdachte hiervoor zal veroordelen tot een gevangenisstraf van drie jaar (met aftrek van de tijd in verzekering en in voorlopige hechtenis doorgebracht).
De raadsman heeft ten aanzien van feit 1 de niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie en ten aanzien van feit 2 vrijspraak bepleit. Indien de rechtbank desalniettemin komt tot het opleggen van een straf kan volgens hem volstaan worden met een gevangenisstraf gelijk aan het voorarrest.2
3. Beschouwing omtrent het toepasselijk recht ten aanzien van (voorbereiding op) deelname aan de vijandelijkheden in Syrië
De rechtbank heeft voor de zitting aan de officieren van justitie en de raadsman laten weten dat zij ter zitting aandacht zou besteden aan de vraag of het geldende internationale humanitaire recht in de weg staat aan vervolging van verdachte ter zake enkele van de hem verweten strafbare feiten, dan wel een bewezenverklaring daarvan, omdat de Haagse rechtbank (in een andere samenstelling) op 21 oktober 2011 in enkele zaken verdachten heeft vrijgesproken van deelneming aan een criminele terroristische organisatie omdat – kort gezegd – de ten aanzien daarvan in de tenlastelegging omschreven feiten verband hielden met een niet-internationaal gewapend conflict, in casu het conflict tussen de strijdkrachten van Sri Lanka en de strijdkrachten van de Tamil Tijgers.3
De officieren van justitie hebben ter zitting gemotiveerd aangevoerd dat de Nederlandse strafwet onverkort van toepassing is in situaties waarin sprake is van een niet-internationaal gewapend conflict en dat leden van gewapende groepen in zo’n conflict geen status hebben die hen vrijwaart van vervolging en berechting voor commune delicten waaronder terroristische misdrijven.
De raadsman heeft betoogd dat in Syrië sprake is van een niet-internationaal gewapend conflict en dat daarom de bepalingen die terroristische misdrijven strafbaar stellen niet van toepassing zijn. Aan verdachte komt, indien bewezen zou kunnen worden verklaard dat hij aan deze gewapende strijd heeft deelgenomen, de bescherming toe van de Conventies van Geneve, hetgeen inhoudt dat hij alleen zou kunnen worden vervolgd ter zake van oorlogsmisdrijven. Ook heeft de raadsman betoogd dat aan verdachte geen concrete individueel aan hem toe te rekenen strafbare feiten zijn tenlastegelegd. Zijn conclusie is dat het Openbaar Ministerie daarom niet ontvankelijk moet worden verklaard ten aanzien van feit 1. De rechtbank overweegt hierover als volgt.
Voor het vaststellen van het bestaan van een gewapend conflict is een analyse van de feitelijke situatie vereist. Indien gewapend geweld tussen staten of langdurig gewapend geweld tussen een staat en (een) georganiseerde gewapende groep(en) dan wel tussen zulke groepen onderling een bepaalde mate van intensiteit bereikt, kunnen de vijandelijkheden worden gekwalificeerd als een internationaal respectievelijk niet-internationaal gewapend conflict.4 Naar het oordeel van de rechtbank volgt uit verscheidene rapporten van gezaghebbende NGO’s dat er gedurende de tenlastegelegde periode sprake was van een niet-internationaal gewapend conflict in Syrië.5
De vier Geneefse verdragen van 12 augustus 19496 bevatten een gelijkluidend artikel 3 dat van toepassing is op niet-internationaal gewapende conflicten. Dit gemeenschappelijk artikel 3 bevat minimumgedragsnormen waaraan de strijdende partijen zich bij een niet-internationaal gewapend conflict dienen te houden. Het Aanvullende Protocol II bij deze verdragen bevat bepalingen ter verbetering van de bescherming van burgers en anderen die niet (meer) deelnemen aan de gewapende strijd.7
Uit deze verdragen en vaste rechtspraak volgt dat leden van georganiseerde gewapende groepen - anders dan leden van regeringslegers - in een niet-internationaal gewapend conflict niet gerechtvaardigd zijn om geweld te gebruiken. Dit is ook de opinie van gezaghebbende schrijvers over dit onderwerp. Burgers die in een niet-internationaal gewapend conflict deelnemen aan de vijandelijkheden (al dan niet als lid van een georganiseerde gewapende groep) genieten geen status vergelijkbaar met het combattantenprivilege, ofwel zij hebben geen recht om met inachtneming van de geweldsregels zoals neergelegd in het internationaal humanitair recht geweld te gebruiken. Zij genieten dan ook geen immuniteit van strafvervolging voor hun deelname aan de vijandelijkheden en kunnen derhalve worden vervolgd en berecht.8
De rechtbank is voorts van oordeel dat het internationaal humanitair recht in een niet-internationaal gewapend conflict niet exclusief van toepassing is. Deze opvatting vindt steun in omvangrijke jurisprudentie en literatuur. De rechtbank verwijst in dit verband naar de recente uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie d.d. 16 oktober 20149 , waarin het Hof onder meer het volgende heeft overwogen:
56 Anders dan verzoekster betoogt, houdt de toepasselijkheid van het internationale humanitaire recht op een situatie van gewapend conflict en op de handelingen die in dat kader zijn verricht, niet de niet-toepasselijkheid van de regelgeving over het terrorisme op die feiten in. Dit geldt zowel voor de bepalingen van het Unierecht die in de onderhavige zaak zijn toegepast, met name gemeenschappelijk standpunt 2001/931 en verordening nr. 2580/2001, als voor de bepalingen van internationaal recht die door verzoekster zijn ingeroepen.
57 Wat in de eerste plaats het Unierecht aangaat, moet inderdaad worden opgemerkt dat het bestaan van een gewapend conflict in de zin van het internationale humanitaire recht niet de toepassing van de bepalingen van het Unierecht inzake het terrorisme op eventuele in dat kader gepleegde terroristische daden uitsluit.
(…)
60 Wat in de tweede plaats de door verzoekster ingeroepen bepalingen van internationaal recht betreft, moet erop worden gewezen dat, naast het feit dat een gewapend conflict ontegensprekelijk kan leiden tot handelingen die naar hun aard terroristische handelingen zijn, dergelijke handelingen in het internationale humanitaire recht uitdrukkelijk als „terroristische handelingen” zijn aangemerkt, die met dat recht in strijd zijn.
(…)
67 Verzoekster betoogt dus ten onrechte dat de begrippen gewapend conflict en terrorisme in het internationale recht met elkaar onverenigbaar zijn.
68 Wat de eventuele omstandigheid betreft dat de terroristische daden afkomstig zijn van „vrijheidsstrijders” of vrijheidsbewegingen die zich in een gewapend conflict met een „onderdrukkende regering” bevinden, volgt eveneens uit de bovenstaande overwegingen dat deze irrelevant is. Een dergelijke uitzondering op het verbod van terroristische daden in situaties van gewapend conflict heeft geen enkele grondslag in het Unierecht en zelfs niet in het internationale recht. Daarin wordt geen enkel onderscheid naargelang de hoedanigheid van de pleger of de doelstellingen die hij nastreeft gemaakt bij hun veroordeling van terroristische daden.
Deze uitspraak ligt geheel in lijn met de rechtspraak van de Hoge Raad. De rechtbank wijst hierbij op het arrest van de Hoge Raad d.d. 7 mei 200410, waarin de Hoge Raad onder meer overweegt
3.3.7. (…) Onjuist is de opvatting dat in het geval van een intern gewapend conflict het humanitaire oorlogsrecht exclusief van toepassing is, zodat de toepasselijkheid van het commune strafrecht is uitgeschakeld. (…)
3.3.8. Uit het vorenoverwogene vloeit voort dat de strafbaarstelling van schendingen van het humanitaire oorlogsrecht in interne gewapende conflicten in art. 6 Wet internationale misdrijven, niet betekent dat deze handelingen niet (ook) naar het commune strafrecht strafbaar kunnen zijn en evenmin dat andere gedragingen die in verband met een intern gewapend conflict worden verricht, deswege niet ingevolge commuun strafrecht strafbaar kunnen zijn.
Gedurende gewapende conflicten zijn aldus verschillende rechtsregimes van toepassing, waaronder het Nederlandse strafrecht, inclusief de bepalingen die betrekking hebben op terroristische misdrijven.
De conclusie moet derhalve zijn dat naar Nederlands recht deelname aan het gewapend conflict in Syrië (en Irak) strafbaar is. Dit geldt niet alleen voor personen die zich aansluiten bij jihadistische groeperingen.
De rechtbank overweegt ten slotte nog dat aan verdachte, anders dan de raadsman stelt, wel degelijk concrete individueel aan hem toe te rekenen strafbare feiten zijn ten laste gelegd. Er is dan ook geen enkel beletsel het Openbaar Ministerie ontvankelijk te achten in de vervolging van verdachte.
10 De beslissing
verklaart niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het bij dagvaarding onder 1, primair, eerste cumulatief/alternatief tenlastegelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij;
verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het bij dagvaarding onder 1, primair, tweede cumulatief/alternatief tenlastegelegde feit heeft begaan en dat het bewezenverklaarde uitmaakt:
met het oogmerk om moord en doodslag met een terroristisch oogmerk voor te bereiden zich gelegenheid, middelen en inlichtingen verschaffen en voorwerpen voorhanden hebben waarvan hij weet dat zij bestemd zijn tot het plegen van het misdrijf;
verklaart dit bewezen verklaarde strafbaar;
verklaart deels wettig en overtuigend bewezen dat hetgeen aan verdachte onder 1, primair, derde cumulatief/alternatief is
verklaart dit bewezen verklaarde niet strafbaar en ontslaat de verdachte te dier zake van alle rechtsvervolging;
verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het bij dagvaarding onder 2, tenlastegelegde feit heeft begaan en dat het bewezenverklaarde uitmaakt:
een geschrift en afbeelding waarin tot een terroristisch misdrijf wordt opgeruid, verspreiden, terwijl hij weet dat daarin zodanige opruiing voorkomt, meermalen gepleegd;
verklaart dit bewezen verklaarde strafbaar;
verklaart de verdachte strafbaar ter zake de bewezenverklaarde strafbare feiten;
verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;
veroordeelt de verdachte tot:
een gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) JAREN;
bepaalt dat de tijd, door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van de hem opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Dit vonnis is gewezen door
mr. R. Elkerbout, voorzitter,
mrs. J.A. van Steen en J.B. Wijnholt, rechters
in tegenwoordigheid van mr. F. Verkijk, griffier,
en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 december 2014.
Aan verdachte is – na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting van 22 juli 2014 (pro forma) en van 29 september 2014 (pro forma) – ten laste gelegd dat:
Feit 1:
Hij in of omstreeks de periode van 1 maart 2013 tot en met 3 februari 2014 te Zoetermeer en/of te Amsterdam, in elk geval in Nederland en/of te Antwerpen, in elk geval in België en/of te Syrië en/of te Irak,
heeft samengespannen tot het plegen van moord en/of doodslag (een misdrijf omschreven in artikel 289 en/of 288a van het Wetboek van Strafrecht), terwijl dit misdrijf zou zijn gepleegd met een terroristisch oogmerk,
immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) met elkaar, althans alleen,
A. een of meerdere website(s) bezocht waarop informatie over (de aanschaf van) outdoorspullen wordt gedeeld en/of
B. een of meerdere website(s) bezocht waarop informatie over de Jihad en/of (de gewapende strijd in) Syrië en/of de Taliban en/of terrorisme wordt gedeeld en/of
C. zich middels chatberichten geuit over zijn/hun wens zich te begeven naar (het strijdgebied in) Syrië en/of om (vervolgens) deel te nemen aan de gewapende strijd en/of (vervolgens) (als martelaar) te sterven tijdens de Jihad en/of (daarbij) te verwijzen naar terroristische organisaties (zoals: Islamic State (IS) dan wel Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en/of Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en/of Jabhat al Nusra, althans aan IS en/of aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties en/of aan een andere terroristische organisatie gelieerde organisatie) en/of naar een of meerdere artikel(en) die geplaatst is/zijn op de website www.dewarereligie.nl (waaronder: "Jihad in Syrië is voor iedere moslim verplicht" en/of "Raad der verdicten van Azhar Universiteit: Jihad in Syrië individueel verplicht") en/of
D. een of meerdere documenten en/of geschriften en/of afbeeldingen en/of bestanden en/of gegevens/informatiedragers voorhanden gehad met daarop informatie betreffende het Jihadistisch gedachtegoed en/of martelaarschap (waaronder audiobestanden met liederen over de Jihadstrijd) en/of
E. zich laten informeren over het afreizen naar het strijdgebied in Syrië en/of
F. zich begeven op een reis (via Duitsland) naar Turkije met als eindbestemming Syrië en/of
G. in Syrië deelgenomen en/of bijgedragen aan de gewapende Jihad strijd met een terroristisch oogmerk gevoerd door de (terroristische) organisatie Islamic State (IS) dan wel Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en/of Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en/of Jabhat al Nusra, althans aan IS en/of aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties, althans (een) terroristische organisatie die de gewelddadige Jihadstrijd voorstaat en/of
H. een of meer vuurwapens en/of camouflagekleding voorhanden gehad en/of gedragen;
Artikel 288a jo 289 jo 289a lid 1 jo 80
hij in of omstreeks de periode van 1 maart 2013 tot en met 3 februari 2014 te Zoetermeer en/of te Amsterdam, in elk geval in Nederland en/of te Antwerpen, in elk geval in België, en/of te Syrië en/of te Irak,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om de/het te plegen misdrijf(ven) omschreven in artikel 289 en/of 288a van het Wetboek van Strafrecht (te weten moord en/of doodslag), te begaan met een terroristisch oogmerk voor te bereiden en/of te bevorderen
- een ander heeft trachten te bewegen om het misdrijf te plegen, te doen plegen of mede te plegen, om daarbij behulpzaam te zijn of om daartoe gelegenheid, middelen of inlichtingen te verschaffen en/of
- gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het plegen van het misdrijf aan zich en/of anderen heeft verschaft en/of
- voorwerpen voorhanden heeft gehad waarvan hij wist dat zij bestemd zijn tot het plegen van het misdrijf en/of
- plannen voor de uitvoering van het misdrijf, welke bestemd zijn om aan anderen te worden medegedeeld, in gereedheid heeft gebracht of onder zich heeft gehad en/of
- enige maatregel van regeringswege genomen om de uitvoering van het misdrijf te voorkomen of te onderdrukken, heeft getracht te beletten, te belemmeren of te verijdelen,
Immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) tezamen en in vereniging met elkaar, althans alleen,
A. een of meerdere website(s) bezocht waarop informatie over (de aanschaf van) outdoorspullen wordt gedeeld en/of
B. een of meerdere website(s) bezocht waarop informatie over de Jihad en/of (de gewapende strijd in) Syrië en/of de Taliban en/of terrorisme wordt gedeeld en/of
C. zich middels chatberichten geuit over zijn/hun wens zich te begeven naar (het strijdgebied in) Syrië en/of om (vervolgens) deel te nemen aan de gewapende strijd en/of (vervolgens) (als martelaar) te sterven tijdens de Jihad en/of (daarbij) te verwijzen naar terroristische organisaties (zoals: Islamic State (IS) dan wel Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en/of Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en/of Jabhat al Nusra, althans aan IS en/of aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties en/of aan een andere terroristische organisatie gelieerde organisatie) en/of naar een of meerdere artikel(en) die geplaatst is/zijn op de website www.dewarereligie.nl (waaronder: "Jihad in Syrië is voor iedere moslim verplicht" en/of "Raad der verdicten van Azhar Universiteit: Jihad in Syrië individueel verplicht") en/of
D. een of meerdere documenten en/of geschriften en/of afbeeldingen en/of bestanden en/of gegevens/informatiedragers voorhanden gehad met daarop informatie betreffende het Jihadistisch gedachtegoed en/of martelaarschap (waaronder audiobestanden met liederen over de Jihadstrijd) en/of
E. zich laten informeren over het afreizen naar het strijdgebied in Syrië en/of
F. zich begeven op een reis (via Duitsland) naar Turkije met als eindbestemming Syrië en/of
G. in Syrië deelgenomen en/of bijgedragen aan de gewapende Jihad strijd met een terroristisch oogmerk gevoerd door de (terroristische) organisatie Islamic State (IS) dan wel Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en/of Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en/of Jabhat al Nusra, althans aan IS en/of aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties, althans (een) terroristische organisatie die de gewelddadige Jihadstrijd voorstaat,
H. een of meer vuurwapens en/of camouflagekleding voorhanden gehad en/of gedragen;
in welke strijd moorden en/of doodslagen worden gepleegd;
terwijl die voorbereiding en/of bevordering tot moord en/of doodslag zou zijn gepleegd met een terroristisch oogmerk;
Artikel 288a jo 289 jo 289a lid 2 jo 96 lid 2
hij in of omstreeks de periode van 1 maart 2013 tot en met 3 februari 2014 te Zoetermeer en/of te Amsterdam, in elk geval in Nederland en/of te Antwerpen, in elk geval in België, en/of te Syrië en/of te Irak, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk
- zich en/of (een) ander(en) gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of heeft trachten te verschaffen en/of
- kennis en/of vaardigheden heeft verworven en/of (een) ander(en) heeft bijgebracht
tot het plegen van een terroristisch misdrijf en/of een misdrijf ter voorbereiding en/of vergemakkelijking van een terroristisch misdrijf, te weten:
- opzettelijk brand stichten en/of een ontploffing teweegbrengen met een terroristisch oogmerk en/of de samenspanning tot opzettelijk brand stichten en/of een ontploffing teweegbrengen en/of
- deelnemen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van terroristische misdrijven en/of
- moord en/of doodslag met een terroristisch oogmerk en/of de samenspanning tot moord met een terroristisch oogmerk en/of
- opruiïng tot (een) terroristisch misdrijf(ven) en/of het ter verspreiding voorhanden hebben en/of verspreiden van (een) ter opruiïng tot een terroristisch misdrijf(ven) geschrift(en) en/of afbeelding(en) dan wel deze geschriften en/of afbeeldingen ten gehore brengen
, immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) tezamen en in vereniging met elkaar, althans alleen,
A. een of meerdere website(s) bezocht waarop informatie over (de aanschaf van) outdoorspullen wordt gedeeld en/of
B. een of meerdere website(s) bezocht waarop informatie over de Jihad en/of (de gewapende strijd in) Syrië en/of de Taliban en/of terrorisme wordt gedeeld en/of
C. zich middels chatberichten geuit over zijn/hun wens zich te begeven naar (het strijdgebied in) Syrië en/of om (vervolgens) deel te nemen aan de gewapende strijd en/of (vervolgens) (als martelaar) te sterven tijdens de Jihad en/of (daarbij) te verwijzen naar terroristische organisaties (zoals: Islamic State (IS) dan wel Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en/of Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en/of Jabhat al Nusra, althans aan IS en/of aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties en/of aan een andere terroristische organisatie gelieerde organisatie) en/of naar een of meerdere artikel(en) die geplaatst is/zijn op de website www.dewarereligie.nl (waaronder: "Jihad in Syrië is voor iedere moslim verplicht" en/of "Raad der verdicten van Azhar Universiteit: Jihad in Syrië individueel verplicht") en/of
D. een of meerdere documenten en/of geschriften en/of afbeeldingen en/of bestanden en/of gegevens/informatiedragers voorhanden gehad met daarop informatie betreffende het Jihadistisch gedachtegoed en/of martelaarschap (waaronder audiobestanden met liederen over de Jihadstrijd) en/of
E. zich laten informeren over het afreizen naar het strijdgebied in Syrië en/of
F. zich begeven op een reis (via Duitsland) naar Turkije met als eindbestemming Syrië en/of
G. in Syrië deelgenomen en/of bijgedragen aan de gewapende Jihad strijd met een terroristisch oogmerk gevoerd door de (terroristische) organisatie Islamic State (IS) dan wel Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en/of Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en/of Jabhat al Nusra, althans aan IS en/of aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties, althans (een) terroristische organisatie die de gewelddadige Jihadstrijd voorstaat en/of
H. een of meer vuurwapens en/of camouflagekleding voorhanden gehad en/of gedragen;
Artikel 134a jo 83 jo 83b jo 131 lid 2 jo 132 lid 3 jo 140a jo 157 jo 176a jo 176b jo 288a jo 289 jo 289a
Subsidiair voorbereidingshandelingen tot moord / doodslag
hij in of omstreeks de periode van 1 maart 2013 tot en met 3 februari 2014 te Zoetermeer en/of te Amsterdam, in elk geval in Nederland en/of te Antwerpen, in elk geval in België, en/of te Syrië en/of te Irak, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk,
ter voorbereiding van de/het misdrijf/misdrijven
- moord (artikel 289 Wetboek van Strafrecht)
- brandstichting en/of het teweegbrengen van een ontploffing (artikel 157 Wetboek van Strafrecht),
in elk van een of meer misdrijf/misdrijven waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaar of meer is gesteld, opzettelijk voorwerpen, te weten een of meer vuurwapens en/of camouflagekleding, althans legerkleding en/of outdoorspullen heeft verworven en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of voorhanden heeft gehad;
46 jo 289 jo 157 Sr
Feit 2
hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 maart 2013 tot en met 23 april 2014 te Zoetermeer en/of te Amsterdam, in elk geval in Nederland, en/of te Antwerpen, in elk geval in België, meermalen,
een geschrift en/of afbeelding en/of (audio)bestand waarin tot een terroristisch misdrijf dan wel enig strafbaar feit en/of tot gewelddadig optreden tegen het openbaar gezag wordt opgeruid,
heeft verspreid, openlijk tentoongesteld en/of aangeslagen en/of om te verspreiden en/of openlijk tentoon te stellen of aan te slaan, in voorraad heeft gehad,
terwijl hij wist of ernstige reden had om te vermoeden dat in het geschrift en/of afbeelding en/of (audio)bestand (telkens) zodanige opruiing voorkomt,
A. zich middels chatberichten geuit over zijn wens zich te begeven naar (het strijdgebied in) Syrië en/of om (vervolgens) deel te nemen aan de gewapende strijd en/of (vervolgens) (als martelaar) te sterven tijdens de Jihad en/of (daarbij) te verwijzen naar terroristische organisaties (zoals Jabhat al Nusra en/of Islamic State (IS) dan wel Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en/of Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en/of Jabhat al Nusra, althans aan IS en/of aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties en/of aan een andere terroristische organisatie gelieerde organisatie) en/of naar een of meerdere artikel(en) die geplaatst is/zijn op de website www.dewarereligie.nl (waaronder: "Jihad in Syrië is voor iedere moslim verplicht" en/of "Raad der verdicten van Azhar Universiteit: Jihad in Syrië individueel verplicht") en/of deze artikelen voorhanden gehad en/of
B. één of meer Jihadistische Youtube films en/of Jihadistische documentatie verspreid via Whatsapp en/of
C. één of meer liederen over de Jihadstrijd voorhanden gehad en/of
D. een afbeelding op social media, te weten (het openbare deel van) zijn persoonlijke Facepagina (op de website www.facebook.com) geplaatst, waarop hij verdachte, staat afgebeeld met een Kalashnikov in zijn handen en waarbij onder meer de tekst “wij zijn beide strijders” is vermeld
E. een of meer afbeeldingen op social media, te weten op (het openbare deel van) zijn persoonlijke Facebookpagina (op de website www.facebook.com), geplaatst van (een of meer) vlag(gen) van het Islamitisch Kalifaat en/of IS en/of Al Qaida, althans een of meer vlag(gen) die gelieerd kunnen worden aan de Jihadstrijd in Syrië, althans de Jihad, en/of (een) terroristische organisatie(s) (zoals Islamic State (IS) dan wel Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en/of Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en/of Jabhat Al Nusra, althans aan IS en/of aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties en/of aan een andere terroristische organisatie gelieerde organisatie) en/of
E. één of meer afbeeldingen voorhanden gehad, waarop hij, verdachte, staat afgebeeld met een Kalashnikov in zijn handen en/of andere afbeeldingen die gelieerd kunnen worden aan de Jihadstrijd in Syrië, althans de Jihad, en/of (een) terroristische organisatie(s) (zoals Islamic State (IS) dan wel Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en/of Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en/of Jabhat Al Nusra, althans aan IS en/of aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties en/of aan een andere terroristische organisatie gelieerde organisatie) en/of
F. een poster die met name door de terroristische organisatie Islamic State (IS) dan wel Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en/of Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en/of Jabhat al Nusra, althans aan IS en/of aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties wordt gebruikt, voorhanden gehad;
Artikel 132 lid 3 Wetboek van Strafrecht
De rechtbank verklaart bewezen dat:
Feit 1:
hij in de periode van 1 maart 2013 tot en met 3 februari 2014 in Nederland en/of in België en te Syrië,
met het oogmerk om de te plegen misdrijven omschreven in artikel 289 en/of 288a van het Wetboek van Strafrecht (te weten moord en/of doodslag), te begaan met een terroristisch oogmerk voor te bereiden
- gelegenheid, middelen en inlichtingen tot het plegen van het misdrijf aan zich heeft verschaft en
- voorwerpen voorhanden heeft gehad waarvan hij wist dat zij bestemd zijn tot het plegen van het misdrijf,
A. websites bezocht waarop informatie over (de aanschaf van) outdoorspullen wordt gedeeld en
B. websites bezocht waarop informatie over de Jihad en (de gewapende strijd in) Syrië en de Taliban en terrorisme wordt gedeeld en
C. zich middels chatberichten geuit over zijn wens zich te begeven naar het strijdgebied in Syrië en vervolgens deel te nemen aan de gewapende strijd en vervolgens als martelaar te sterven tijdens de Jihad en daarbij te verwijzen naar terroristische organisaties (zoals: Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en Jabhat al Nusra, althans aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties en naar artikelen die geplaatst zijn op de website www.dewarereligie.nl ("Jihad in Syrië is voor iedere moslim verplicht" en "Raad der verdicten van Azhar Universiteit: Jihad in Syrië individueel verplicht") en
D. documenten en afbeeldingen en bestanden en gegevens/informatiedragers voorhanden gehad met daarop informatie betreffende het Jihadistisch gedachtegoed en martelaarschap (waaronder audiobestanden met liederen over de Jihadstrijd) en
E. zich laten informeren over het afreizen naar het strijdgebied in Syrië en
F. zich begeven op een reis (via Duitsland) naar Turkije met als eindbestemming Syrië en
G. in Syrië deelgenomen aan de gewapende Jihad strijd met een terroristisch oogmerk gevoerd door een terroristische organisatie die de gewelddadige Jihadstrijd voorstaat,
H. vuurwapens en camouflagekleding voorhanden gehad en gedragen;
in welke strijd moorden en doodslagen worden gepleegd met een terroristisch oogmerk;
hij in de periode van 1 maart 2013 tot en met 3 februari 2014 in Nederland en/of in België en te Syrië opzettelijk
- zich gelegenheid en middelen en inlichtingen heeft verschaft
tot het plegen van een terroristisch misdrijf, te weten:
moord en/of doodslag met een terroristisch oogmerk,
A. websites bezocht waarop informatie over (de aanschaf van) outdoorspullen wordt gedeeld en
B. websites bezocht waarop informatie over de Jihad en (de gewapende strijd in) Syrië en de Taliban en terrorisme wordt gedeeld en
C. zich middels chatberichten geuit over zijn wens zich te begeven naar het strijdgebied in Syrië en vervolgens deel te nemen aan de gewapende strijd en vervolgens als martelaar te sterven tijdens de Jihad en daarbij te verwijzen naar terroristische organisaties (zoals: Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en Jabhat al Nusra, althans aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties en naar artikelen die geplaatst zijn op de website www.dewarereligie.nl ("Jihad in Syrië is voor iedere moslim verplicht" en "Raad der verdicten van Azhar Universiteit: Jihad in Syrië individueel verplicht") en
D. documenten en afbeeldingen en bestanden en gegevens/informatiedragers voorhanden gehad met daarop informatie betreffende het Jihadistisch gedachtegoed en martelaarschap (waaronder audiobestanden met liederen over de Jihadstrijd) en
E. zich laten informeren over het afreizen naar het strijdgebied in Syrië en
F. zich begeven op een reis (via Duitsland) naar Turkije met als eindbestemming Syrië en
G. in Syrië deelgenomen aan de gewapende Jihad strijd met een terroristisch oogmerk gevoerd door een terroristische organisatie die de gewelddadige Jihadstrijd voorstaat,
H. vuurwapens en camouflagekleding voorhanden gehad en gedragen;
Feit 2
hij op tijdstippen in de periode van 12 augustus 2013 tot en met 23 april 2014 te Zoetermeer en/of te Amsterdam, in elk geval in Nederland, meermalen,
een geschrift of afbeelding of (audio)bestand waarin tot een terroristisch misdrijf wordt opgeruid,
terwijl hij wist dat in het geschrift en de afbeelding en het (audio)bestand telkens zodanige opruiing voorkomt,
B. Jihadistische Youtube films en Jihadistische documentatie verspreid via Whatsapp en
D. een afbeelding op social media, te weten (het openbare deel van) zijn persoonlijke Facebookpagina (op de website www.facebook.com) geplaatst, waarop hij verdachte, staat afgebeeld met een Kalasjnikov in zijn handen en waarbij onder meer de tekst “wij zijn beide strijders” is vermeld en
E(1). afbeeldingen op social media, te weten op het openbare deel van zijn persoonlijke Facebookpagina (op de website www.facebook.com), geplaatst van vlaggen van het Islamitisch Kalifaat en vlaggen die gelieerd kunnen worden aan de Jihadstrijd in Syrië en aan terroristische organisaties (zoals Islamic State (IS) dan wel Islamic State of Iraq and Shaam (ISIS) en/of Islamic State of Iraq and Levant (ISIL) en/of Jabhat Al Nusra, althans aan IS en/of aan Al Qaida gelieerde terroristische organisaties en/of aan een andere terroristische organisatie gelieerde organisatie).