In incidenteel appel heeft ASR gevorderd dat het hof, bij arrest, uitvoerbaar bij voorraad, het vonnis van 24 mei 2012 tussen ASR als eiseres en B&S als gedaagde gewezen, gedeeltelijk vernietigt voor wat betreft de beslissing dat de verklaring voor recht aangaande de toekomstige indexaties moet worden afgewezen, het vonnis voor het overige in stand laat en voorts, opnieuw rechtdoende, de vordering van ASR, zoals gewijzigd in hoger beroep in haar geheel toewijst en B&S veroordeelt in de kosten van de procedure in beide instanties.
De gewijzigde vordering luidt, dat het hof, bij arrest,
I zal verklaren voor recht, dat de gewezen deelnemers en gepensioneerden op basis van het Pensioenreglement recht hebben op een toeslagverlening gebaseerd op minimaal de indexatie van het Bpf, en
II B&S zal veroordelen tot betaling aan ASR van de verschuldigde koopsom ter financiering van de toeslagverlening per 1 januari 2006 ad € 66.329,75 (vermeerderd met contractuele rente tot de datum van dagvaarding en verminderd met € 5.003,53 vanaf 1 januari 2007 uit overrente) en vermeerderd met contractuele rente over dit bedrag vanaf datum van dagvaarding tot aan de dag van betaling, en
III B&S zal veroordelen tot betaling aan ASR of een andere pensioenuitvoerder van de verschuldigde koopsom voor een toeslagverlening van 1,5% per 1 januari 2008, en
IV wanneer B&S besluit de onder 3 genoemde toeslag bij een andere pensioenuitvoerder dan ASR in te kopen B&S zal veroordelen binnen vier weken na arrest, of een andere in goede justitie te bepalen termijn, daarvan schriftelijk bewijs te verstrekken aan ASR, één en ander op straffe van een dwangsom van € 500,- per dag gedurende de tijd dat B&S in gebreke zal zijn om aan haar verplichting uitvoering te geven, en
V zal verklaren voor recht dat B&S verplicht is toeslagen bij ASR of bij een andere pensioenuitvoerder in te kopen wanneer overeenkomstig het bepaalde in het Pensioenreglement toeslagen dienen te worden toegekend per data gelegen na 1 januari 2008, en
VI wanneer B&S besluit de onder sub 5 toeslagen bij een andere pensioenuitvoerder dan ASR in te kopen B&S zal veroordelen binnen vier weken na inkoop, of een andere in goede justitie te bepalen termijn, schriftelijk bewijs te verstrekken aan ASR, één en ander op straffe van een dwangsom van € 500,- per dag gedurende de tijd dat en telkens in geval B&S in gebreke zal zijn om aan haar verplichting uitvoering te geven, en
VII B&S zal veroordelen tot betaling van de kosten van dit geding, te voldoen binnen veertien dagen na betekening van het vonnis [hetgeen het hof leest als arrest], en - voor het geval voldoening van de proceskosten niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt - te vermeerderen met de wettelijke rente over de proceskosten te rekenen vanaf bedoelde termijn voor voldoening.