Staande het huwelijk hebben [appellant] en de dochter van [geïntimeerden] een
overeenkomst gestoten, getiteld: “Overeenkomst van Geldlening tevens inhoudende
verpanding van Vorderingen” (hierna de Overeenkomst). In de op 31 augustus 2006 door
hen ondertekende overeenkomst, waarin [appellant] geldgever is en de dochter van
[geïntimeerden] geldnemer, staat onder meer:
"NEMEN IN AANMERKING:
[…]
C. Geldgever wordt sedert het najaar van 2005 belaagd door crediteuren waaronder
begrepen Mr. R. Frankfort zijnde de curator van Nouvolari lnvestments B.V. en de
belastingdienst waarmee Geldgever een dispuut ter zake van de uitkering c.q. uitbetaling
van zogenaamde turbo vorderingen door verschillende VP3 verlies compensatie
vennootschappen heeft gekregen.
D. Teneinde te voorkomen dat wederom door beslaglegging alle liquide middelen van
Geldgever geblokkeerd zullen worden, zal Geldgever alle liquide middelen e.e.a. met een
maximum van Euro 6.000.000,- (zegge: zes miljoen euro) die hij heeft dan wel zal gaan
verkrijgen aan Geldnemer door middel van een lening ter beschikking stellen, welke
Geldnemer alsdan hetzij op een bankrekening op haar naam zal stallen dan wel beleggen
en of investeren op een door Geldgever aan te geven wijze;
E. Onder de opschortende voorwaarde van het feit dat Geldnemer al haar vorderingen nu
en of in de toekomst aan Geldgever zal verpanden is Geldgever bereid een bedrag van
maximaal EUR 6.000.000,- (zegge: zes miljoen Euro); (de" R/C. Faciliteit) beschikbaar te
maken onder de voorwaarden beschreven in deze overeenkomst;"
en
"6. Zekerheid
Tot meerdere zekerheid voor de nakoming van de verplichtingen van Geldnemer ingevolge
deze Overeenkomst van Geldlening en daarmee verband houdende zekerheidsdocumenten
zal Geldnemer op de datum van deze Overeenkomst van Geldlening ten behoeve van
Geldgever de navolgende zekerheid verstrekken welke ook geldt voor al hetgeen
Geldgever van Geldnemer uit andere hoofde nu en of in de toekomst te vorderen zal
hebben:
(a) een pandrecht eerste rang op vorderingen”